De aanval, de achilleshiel van Oranje

Nations League De toekomst van het Nederlands elftal kan, ook na het verlies tegen Portugal, met optimisme tegemoet worden gezien, zonder weg te kijken voor de beperkingen. Het voornaamste probleem: de aanval.

Oranje-spits Memphis Depay in duel met José Fonte van Portugal.
Oranje-spits Memphis Depay in duel met José Fonte van Portugal. Foto Gabriel Bouys/AFP

Het fundament van het vernieuwde Nederlands elftal staat stevig, maar er is nog genoeg ruimte om door te ontwikkelen. Dat is de conclusie na de Nations League-campagne, die zondagavond eindigde met een 1-0 nederlaag in de finale in Porto tegen Portugal.

De toekomst kan met voorzichtig optimisme tegemoet worden gezien, zonder weg te kijken voor de beperkingen die deze selectie ook heeft. De pijnpunten werden zondag blootgelegd door het stugge, lepe en fysiek sterke Portugal, de regerend Europees kampioen.

Een flets Oranje, dat een rustdag minder had na de slijtageslag donderdag tegen Engeland, wist nauwelijks door de Portugese verdediging te breken. Het ontbrak, met name voorin, aan creativiteit, balvastheid, finesse en stootkracht, te afhankelijk als deze ploeg is van de ingevingen van spits Memphis Depay.

Een afstandsschot van Gonçalo Guedes werd Oranje fataal – doelman Jasper Cillessen ging niet vrijuit, zijn linkerhand haperde toen de bal naderde.

9 miljoen euro

De eerste editie van de Nations League, het tweejaarlijkse Europese landentoernooi, levert de KNVB in totaal 9 miljoen euro op, aan startpremie en prijzengeld. De sportieve betekenis van deze finaleplek is minder tastbaar. Het is – meer mag je er op dit moment niet van maken – de bevestiging dat Nederland op de weg terug is naar de Europese top, na zeges op Frankrijk, Duitsland en Engeland in een tijdsbestek van negen maanden.

De ervaring van het spelen van topduels kan mee in de tas. Belangrijk worden de zes resterende kwalificatiewedstrijden dit najaar, voor het EK van 2020. Nederland hervat op 6 september in Hamburg tegen Duitsland, drie dagen later gevolgd door een uitduel bij Estland.

Oranje staat na twee duels derde met drie punten in groep C en moet direct vol in de achtervolging. Noord-Ierland, dat zaterdag won bij Estland, is koploper met negen punten uit drie duels. De eerste twee in de poule plaatsen zich direct voor het EK.

Transferzomer

Interessant, in het kader van Oranje, wordt de transferzomer. De as van het elftal staat ongeveer vast voor de komende jaren: het centrale verdedigingsduo Virgil van Dijk en Matthijs de Ligt, met daarvoor pendelaar Frenkie de Jong, breker Georginio Wijnaldum en aanvalsleider Depay.

Voorin valt nog veel te wensen. Het is een onderwerp dat het afgelopen seizoen vaker is benoemd, inzake het Nederlands elftal. De aanval, de achilleshiel van dit Oranje. Zondagavond noemde bondscoach Ronald Koeman het wederom nadrukkelijk, in gesprek met de NOS.

„We weten nog waarin we moeten verbeteren”, zei hij. „Ik denk dat het verdedigend goed staat, middenveld staat goed, met heel veel keuzes. Maar laten we hopen dat we voorin het komende jaar of de komende twee jaar nog méér krijgen, waardoor we ook meer creativiteit krijgen.”

Hij zei, zonder namen te noemen: „Het niveau bij het Nederlands elftal is wat anders dan af en toe een wedstrijd in Nederland spelen. En nog jong zijn. En de regelmaat van wedstrijden op het hoogste niveau. Dat moeten ook die jongens die voorin spelen, gaan krijgen.”

Het was duidelijk op wie hij doelde: PSV-aanvaller Steven Bergwijn (21). Koeman lijkt met zijn woorden indirect te zeggen: hij moet een stap naar een buitenlandse topcompetitie maken, om zich verder te kunnen ontwikkelen.

Rechtsbuiten Steven Bergwijn in duel met Gonçalo Guedes, die de 1-0 maakte voor Portugal.

Foto Maurice van Steen/VI Images

Justin Kluivert

Het is verder dunnetjes voorin. Linksbuiten Ryan Babel (32), die transfervrij is en mogelijk bij Galatasaray tekent, was onzichtbaar tegen Portugal en werd net als tegen Engeland voortijdig gewisseld. Bij gebrek aan concurrentie heeft hij een basisplek – maar voor hoe lang nog?

Het is voor Koeman te hopen dat Justin Kluivert (20) zich komend seizoen nadrukkelijker manifesteert bij AS Roma, als alternatief voor Babel. Buitenspeler Quincy Promes (27) heeft zich enkele keren waardevol getoond, ook als invaller, maar presenteert zich nog niet als volwaardige basiskracht. Het is in dat opzicht wachten op de doorbraak van vers bloed in Oranje – bijvoorbeeld Calvin Stengs van AZ.

En belangrijk: wat gaat Depay doen, blijft hij bij Olympique Lyon, of maakt hij een stap naar een andere topclub?

Het zijn essentiële vragen voor Koeman, voor de contouren van het Oranje voor het nieuwe voetbaljaar 2019-2020. Het jaar waarin het herstel verder gestalte zal moeten krijgen.