Opinie

    • Youp van ’t Hek

Privacygevoelig

Youp

De wond na het mes in de rug van Zihni Özdil kon nog niet geheeld zijn toen hij deze week afscheid van de Kamer nam. Drukte Jesse hem daarom zo stevig tegen zich aan? Om het hem nog één keer goed te laten voelen? Of was het liefde? Voelde juist Klaver de pijn? Ik werd er alleen maar vrolijk van. Vooral toen ik de altijd positieve fractievoorzitter van GroenLinks even daarvoor zuinig had zien lachen om de parodie van Özdil op zijn eigen belachelijke mail van een paar dagen eerder. De kiespijn straalde uit de ogen van onze jonge nep-Obama. Soms is politiek zo lekker pijnlijk. Die historische omhelzing van Asscher en Samsom dwarrelt ook nog regelmatig door mijn hoofd.

Wat Özdil gaat doen? Ik denk eerst op een iPhone-cursus. Dat hij leert hoe hij een gesprekje ongemerkt op kan nemen. En Mensenkennis voor Dummies? Dat hij voortaan niet meer klakkeloos leegloopt tegen een vertrouwenspersoon, die alles meteen tegen de baas klikt. Wat zal hij blij zijn dat hij weg is uit dat GroenLinkse ja-knikkershol met hun Noord-Koreaanse fractiediscipline. Hoewel? Hij liet voorleesmoeder Arib vertellen dat hij het in die twee jaar best wel gezellig had gehad op het Binnenhof. Vooral met leden van andere fracties. Daar mocht hij graag een borreltje mee drinken. Was dat niet zijn probleem? Of ligt dit privacygevoelig?

Ik zou het als Kamerlid ook regelmatig op een ongebreideld zuipen zetten. Zeker als ik onze premier met droge ogen zijn excuses hoor aanbieden aan het verwoeste Groningen. Wat was dat zeldzaam onbehouwen. Had Mark meer te bieden dan zijn oprechte verontschuldigingen? Geld? Helaas. En die Groningers kunnen ook niet woedend roepen: „Betaal het maar van de winstbelasting die jullie jaarlijks van Shell vangen.” Want die betaalt Shell niet. Waarom niet? Geen idee. Dat hoeven ze niet. Van wie niet? Van Rutte niet. En van Wiebes helemaal niet.

Daarom haak ik vaak af bij politici. Omdat ik ze moe ben. Deze week had ik dat niet alleen met politici, maar vooral met de honderden pensioenzeurkousen op mijn radio. Mutsen van amper zestien die zich een uur na hun eerste krantenwijk al zorgen maken over hun pensioenuitkering van vijftig jaar later. Van die zuchtreportages waar je spontaan prozac van gaat lunchen. Minister Koolmees schijnt het snel opgelost te hebben. Dom van de regering. Dat moet je Wiebes laten doen. Die neemt tenminste de tijd. God gaf een luid en duidelijk antwoord op het pensioengezever en beloonde het land met hagel, bliksem en hectoliters water.

Werd wel weer blij van het nieuws dat de twee eeuwen geleden door toenmalig Defensieminister Hans Hillen bedachte marinierskazerne in Vlissingen wederom is uitgesteld. De maquette is inmiddels aan zijn tweede renovatie toe. De meeste mariniers hebben ontslag genomen. Die willen niet weg. Ze zitten prima in Doorn. En volgens mij moeten ze daar ook blijven.

Doorn ligt namelijk vlakbij Den Dolder. En daar zit dat gesticht waar niet alleen gestoorden opgesloten zitten, maar waar ze ook de leiding hebben. Leiding is een groot woord. Ze hebben de sleutel. Een sleutel die niet te vaak gebruikt wordt. Dit in verband met de privacy van de patiënten, die ze liever cliënten noemen. Patiënten klinkt zo stigmatiserend. Wat de gemiddelde cliënt op zijn kerfstok heeft weet de leiding niet. Dit ook uit privacyoverwegingen uiteraard. Vorige week hoorde ik dat Michael P., die daar ook ooit stamgast was, zijn schouder heeft gebroken toen hij na een moord gearresteerd werd. Hij heeft daar nu nog last van. Vooral met tennis. Zijn backhand loopt minder. Ik kan niet naar Roland Garros kijken zonder aan hem te denken. En als het allemaal niet zo godvergeten ernstig was zou ik ook nog de slappe lach krijgen. Maar hou die mariniers voorlopig maar lekker in die contreien. Vlissingen redt zich wel.

Deze week had het gesticht in Den Dolder weer een akkefietje. De ontoerekeningsvatbare M. meldde zich niet na een gezellig ommetje door de bossen. Inmiddels is hij aangehouden. Zijn reactie? Iets met privacy?