Recensie

Recensie Uit eten

Sprinkhanen en cactus tussen de taco in Sabor-Sabor

Uit eten Rotterdam Wim de Jong recenseert elke twee weken een restaurant in Rotterdam.

Lang verhaal kort: de Spanjaard Alfonso Fernandez was op vakantie in Mexico toen hij daar Liz Derflingher ontmoette. De eigenaresse van twee restaurants in Mexico City en Acapulco en hij werden verliefd en trouwden er. Alfonso nam Liz na hun huwelijk mee terug naar zijn woonplaats Rotterdam, waar het wat oudere echtpaar acht jaar geleden voor zichzelf begon. Eerst met een cateringbedrijfje in Mexicaans eten. Vervolgens in een pop-up in Toko51, een intussen al weer gesloten pand voor startende ondernemers op de West-Kruiskade. En sinds vorig jaar met een eigen eethuis aan de Adrien Mildersstraat in de wijk Middelland.

Foto Rob van Dullemen

Sabor Sabor is zo’n pop and mom store die je elke Rotterdamse woonbuurt gunt. Alsof het zaakje er al op zijn minst een halve eeuw zit, zo vanzelfsprekend heeft het zich tussen de huizen in genesteld. Klaarblijkelijk ervaren de buurtgenoten van Alfonso en Liz dat ook zo. Gezeten op het terras worden we door vrijwel alle voorbijgangers vriendelijk begroet en een smakelijke maaltijd toegewenst. Ze blijven er nog net niet trots bij staan kijken. Binnen kun je je dan bovendien nog in een authentieke taqueria wanen. Zo eentje als mevrouw Liz misschien zelf wel in haar moederland heeft gerund. Op de inrichting ervan heeft, met andere woorden, Frida Kahlo noch Speedy Gonzalez al te nadrukkelijk een stempel gezet.

Authentiek is ook de kaart van Sabor Sabor (‘Proef Proef’, als ik het wel heb) zelf. Gasten proef-proeven er diverse regionale varianten van de traditionele Mexicaanse keuken, met uitzondering van de nieuwlichterij die niet-Latino’s als Tex-Mex kennen. Geen chili con carne en fajitas op de kaart derhalve. Geen nachos uit een zakje bij de guacamole, wél totopos. Geen gehakt in de taco’s en quesadillas, wél ingrediënten als sprinkhanen en cactus. Anders dan in de gemiddelde ‘Hollandse’ Mexicaan zet je je tanden er ook niet in zo’n royale deeglap die tot aan de randen is volgeprakt met kaas, pepers, sla, bonen en vlees. Bij Sabor Sabor zijn het pannekoekjes ter grootte van een taartbordje, met al even bescheiden vullinkjes.

Die proportionering heeft ook haar voor de hand liggende nadelen. Het ‘zwermpje’ sprinkhanen met twee taco’s, guacamole en totopos (14 euro) dat we kiezen, volstaat hooguit als voorafje en ook in die hoedanigheid vinden we het een tikje aan de dure kant. Eens te meer als je er twee glaasjes witte ‘probeer’-wijn van Mexicaanse herkomst à 5 euro bij optelt. Geen onvertogen woord verder over het twintigtal chapulines dat in een apart schaaltje wordt opgediend. Waar Zuid-Amerikanen ze liever zo rauw mogelijk eten, worden de insecten in Sabor Sabor krokant gebakken, maar dat mag de waardering voor een van de nationale delicatessen van de Mexicanen (ze eten ook mieren, torren en wormen) niet in de weg staan. Ja, laat die sprinkhanenplaag uit de Openbaringen maar gerust komen.

Aansluitend nemen we kippenpootjes met rijst, mole en groene salsa (13,50 euro; een schotel waarvoor je niet onverbiddelijk naar Sabor Sabor moet) en de quesadilla special: twee envelopjes waarin afzonderlijk de ingrediënten nopales en huitlacoche zijn meegevouwen. Dat zijn respectievelijk stukjes gekookt cactusblad en ‘builenbrand’ van de maisplant, een schimmel in de gedaante van een paddenstoel die daarom ook wel als de maïstruffel bekendstaat.

Beide pannenkoekjes (9 euro) zijn ontegenzeggelijk ook weer heel fijn van smaak, al hoort hier opnieuw de kanttekening bij dat er eerder sprake is van hapjes dan dat ze voor een volwaardige maaltijd kunnen doorgaan. Rijst, bonen en extra totopos moeten apart worden bijbesteld, wat maakt dat de rekening toch snel kan oplopen. Groenten staan wel op het menu van Sabor Sabor, zij het mondjesmaat. De courgette met kaas en rijst (13,50) is een hoofdgerecht op zichzelf. De mini-mais (6,50 euro) en de salade met garnalen, avocado en jalapeño-mayonaise (8,50) vormen, voor wie het om de vitamientjes te doen is, het enige alternatief. Nog een gelukje dat we voortaan ook sprinkhanen met hun hoge doses proteïnen lusten.

Wim de Jong is culinair recensent.