Opinie

Jeugdzorg ziet nog 250 Noa’s over het hoofd

Zorg Het nieuwe decentrale jeugdzorgstelsel kan kinderen als Noa Pothoven niet helpen, schrijft . Een klein aantal landelijke specialistische instellingen is nodig.

Noa Pothoven publiceerde in 2018 een boek over haar problemen, Winnen of Leren
Noa Pothoven publiceerde in 2018 een boek over haar problemen, Winnen of Leren Illustratie NRC

Na meer dan 33 opnames in 23 instellingen was haar lichaam kapot en kon haar geest de pijn niet langer aan. Iedere keer als ze haar verkrachters weer buiten zag lopen werd de paniek groter. Ze was gestopt met eten en drinken. In de nacht van zaterdag op zondag is Noa Pothoven gestorven. Wij condoleren haar ouders en haar broertje en zusje die tot het laatst bij haar zijn gebleven en voor haar hebben gezorgd en haar psychiater die naast haar bleef staan. Noa kon geen nieuwe behandelingen meer aan, vertelde ze me op het laatst.

Als het niet haar fout was, van wie dan wel? Het antwoord is gelegen in het nieuwe systeem van jeugdzorg en ggz die tegenwoordig onder de gemeentes valt. Maar niet in iedere gemeente is altijd het geld, de uiterst specialistische kennis en ervaring aanwezig die nodig is voor de multiproblematiek van Noa. Het gevolg was een zwerftocht langs instellingen die niet altijd deze kennis en ervaring in huis hadden om Noa adequaat te helpen. En een zwerftocht langs therapieën, waar ze soms slechter uitkwam. Sterker nog: uit een aantal instellingen hield ze nieuwe trauma’s over.

We hadden dat kunnen weten bij de inrichting van het nieuwe stelsel maar we hebben de naar schatting 250 Noa’s over het hoofd gezien. Het gaat dan om kinderen met zeer complexe multiproblematiek – zoals seksueel misbruik, eetstoornissen, snijden, suicides, autisme, licht verstandelijke beperking (LVB) en ernstige agressie – waarvan de kosten voor de behandeling in enkele gevallen kunnen oplopen tot meer dan een miljoen euro per kind op jaarbasis; welke gemeente kan dat betalen?

Handelingsverlegenheid

Bovendien zijn er ook zeer ervaren pedagogisch medewerkers, behandelaren en psychiaters nodig die nu vaak er niet zijn. Daarom komen deze kinderen nu in de gesloten jeugdzorg terecht, waar ze niet thuishoren. Uit ‘handelingsverlegenheid’ worden ze dan gesepareerd of één op één begeleid, wat hun wanhoop en pijn slechts doet toenemen met alle gevolgen van dien. Ook gaan ze vaak niet meer naar school, waardoor hun achterstand op leeftijdgenootjes toeneemt en perspectief op een gewoon leven verdwijnt.

Als in ons land een kind kanker krijgt, wordt dat kind meteen overgebracht naar het Prinses Maxima Centrum voor kinderoncologie, waar de beste specialisten uit het hele land klaar staan. Daar daalt de kans op sterfte inmiddels tot minder dan 20 procent. Weinig mensen weten dat kinderen met complexe multiproblematiek een sterftekans hebben van meer dan 10 procent.

Lees ook: Hoe controledrift gemeenten het werken in de jeugdzorg bijna onmogelijk maakt

Met Noa werd het door het ontbreken van passende behandeling een steeds wanhopiger race tegen de tijd, met overal wachttijden, gemeentelijke budgetplafonds en instellingen die haar te complex vonden totdat het te laat was. We hebben met Noa een schuld op ons geladen om het beter te doen. Wat kunnen we doen om de circa 250 Noa’s ieder jaar wel de juiste zorg en behandeling te geven?

Draai decentralisatie terug

De oplossing ligt in het erkennen van eerdere fouten, zoals in het geval van Noa: draai de decentralisatie een stukje terug. Dat betekent dat we in Nederland een beperkt aantal (open) gespecialiseerde kleinschalige voorzieningen zullen moeten creëren die landelijk kunnen werken. En die altijd een aantal spoedbedden beschikbaar hebben met logeerfaciliteiten voor ouders; waarom geen Ronald McDonald-huizen voor deze kinderen?

In deze instellingen, die ook landelijk worden gefinancierd, komen de beste specialisten, behandelaren en pedagogisch medewerkers bijeen, ondersteund door onderzoekers om nieuwe kennis te ontwikkelen over begeleiding en behandeling van kinderen met complexe multiproblematiek. In deze centra moet ook gespecialiseerd medisch personeel aanwezig zijn dat wonden kan beoordelen en eenvoudige medische verrichtingen kan doen.

Voor ‘trajectzorg’ zijn aan deze instellingen gespecialiseerde gezinshuizen verbonden voor als kinderen niet meer naar huis kunnen, bijvoorbeeld als het daar niet veilig is omdat misbruikers en verkrachters daar of daar in de buurt nog rondlopen.

Het antwoord ligt klaar om de schuld aan Noa in te lossen, want een aantal instellingen heeft zich inmiddels al gespecialiseerd, maar mist een landelijke dekking en de bijbehorende extra financiering, ook voor onderzoek en ontwikkeling. Sommige gezinshuizen hebben zich al gespecialiseerd in kinderen met complexe trauma’s.

Voor Noa komt dit plan helaas te laat. Rust zacht, het was niet jouw schuld.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.