Een plek waar mensen met psychische problemen elkaar steunen

Zorg In het Enik Recovery College in Utrecht worden mensen met psychische problemen geholpen door ervaringsdeskundigen. „Je moet niet gelijk van alles willen oplossen voor een ander.”

Een medewerker bereidt de lunch voor bij het Enik Recovery College in Utrecht.
Een medewerker bereidt de lunch voor bij het Enik Recovery College in Utrecht. Foto Daniel Niessen

‘Hoe gaat het met je?’ De vraag wordt vaak gesteld op het terras van het Enik Recovery College in de Vaartscherijnstraat in Utrecht. En het antwoord is niet automatisch ‘goed’. Enik is een school waar mensen met psychische problemen elkaar helpen. De ‘herstelacademie’ wordt volledig gerund door ervaringsdeskundigen, die de zelfhulpgroepen begeleiden, en cursussen geven die zijn gericht op ‘persoonlijke groei’. Van het meisje dat de tafels in de kantine schoonmaakt tot manager Ton Verspoor, alle medewerkers weten hoe het is om met hun psychische gezondheid te worstelen.

Het Recovery College is ontstaan naar Amerikaans voorbeeld, zegt Verspoor. Vanwege de slecht georganiseerde gezondheidszorg in de VS waren mensen met psychische problemen gedwongen om elkaar te steunen, zegt hij. In de wat kale zaaltjes worden er naast de zelfhulptrainingen ook sportieve en creatieve lessen gegeven, zoals boksen en aquarellen. Buitenmensen kunnen roeien in het riviertje dat langs het gebouw loopt, of de dieren verzorgen op de weide die voor het terras is aangelegd.

Maar je hoeft niet per se iets te doen op Enik, zegt Verspoor. Sommige mensen op het terras zitten er gewoon voor de gezelligheid, zoals Erik Helder (40), die een paar straten verderop woont en even de deur uit wilde. „Gesprekken worden hier van hart tot hart gevoerd”, zegt hij. „Als een psycholoog aan je vraagt hoe het met je gaat, is dat niet op basis van gelijkwaardigheid. Hier ben je onder vrienden.”

Vallen en opstaan

Met zijn blik gericht op de dierenweide, waar buurtkinderen hangbuikzwijntje Tim aaien, vertelt Helder dat hij op een bepaald punt in zijn leven is „vastgelopen”. Hij zat alleen thuis en dronk alcohol, vat hij het vastlopen samen. Hij is nu bezig om zijn leven weer op de rit te krijgen, en af en toe komt een begeleider langs zijn huis die hem daarbij helpt. Naar Enik gaan ziet hij als een aanvulling op die hulp. Hij voelt zich prettig hier. Als hij bij Jellinek terugkwam na een terugval werd er bijna hoofdschuddend gereageerd, zegt hij. ‘Leer je het nou nooit’, dat idee. Maar bij Enik „begrijpt iedereen dat het vallen en opstaan is”.

Foto Daniel Niessen

Er zijn meer mensen die zich prettig voelen bij Enik. De instelling bestaat deze maand vier jaar, en het aantal deelnemers is in die tijd van 400 naar 1500 gegroeid, zegt Verspoor. Enik wordt gefinancierd met het innovatiebudget van zorgorganisatie Lister, dat mensen met psychische problemen in de regio Utrecht begeleidt, en door de gemeente Utrecht. De ervaringsdeskundigen hebben een training bij Lister en kenniscentrum Phrenos gevolgd om de zelfhulpgroepen te kunnen begeleiden en worden betaald conform de GGZ-cao. Een belangrijk onderdeel van de zogenoemde herstelwerkgroepen is het invullen van het Welness Recovery Action Plan (WRAP): een werkboek dat cursisten moet herinneren aan wat ze wél kunnen en hen laat nadenken wat ze zelf kunnen doen om zich goed te voelen, zegt Verspoor.

Diagnosevrije omgeving

Je hoeft geen stoornis te hebben om aan de (gratis) cursussen van Enik deel te nemen, Enik is een „diagnosevrije omgeving” zegt Verspoor. Wel heeft hij alle diagnoses in het psychiatrische handboek DSM een keer langs zien komen, zegt hij. „Sommigen worden al in de GGZ behandeld, anderen staan nog op de wachtlijst, en weer anderen hadden niet genoeg aan de hulp die ze hebben ontvangen. In de GGZ wordt er op psychiatrisch herstel gefocust, maar op het persoonlijke vlak is ook veel verlies. Denk aan het verlies van je oude identiteit, van een positief zelfbeeld. Bij Enik staat niet de ziekte maar de persoon centraal.”

Als je in een psychose zit, mag je juist bij ons komen om in de war te kunnen en mogen zijn

Ton Verspoor, manager Enik Recovery College

Khareem Struving (22) begrijpt precies wat Verspoor daarmee bedoelt. Nadat hij uit de GGZ was ontslagen, voelde hij zich „een stuk afval”. Op zijn achttiende schoot hij in een waan toen hij voor het eerst XTC probeerde. Hij was een met het universum, voelde zich God. Later werd vastgesteld dat hij een bipolaire stoornis heeft. „De eerste anderhalf jaar dacht ik: Waarom ik? Wat betekent dit? Waar verdien ik dit aan?” Toen hij de documentaire Crazywise had gezien schreef hij zich in voor de gelijknamige cursus op Enik, die hij vandaag voor de tweede keer bijwoont. De boodschap van de film, waarin de Amerikaanse filmmaker Phil Borgus de betekenis van gekte onderzoekt, maakte indruk op hem: misschien is hij niet gewoon gek, maar is hij ook wijs en heeft hij veel van de ervaring geleerd.

Perspectieven

Je kunt vanuit verschillende perspectieven naar psychische problemen kijken, zegt Mickal Weggelaar (46), die de cursus geeft. Hij was vroeger een gokverslaafde beurshandelaar en zag zijn verslaving alleen als ziekte, zegt hij. „Het idee dat je een probleem hebt, en dat je daar vanaf moet zodat je weer in de maatschappij kan terugkeren, loste niet mijn innerlijke worstelingen op. Ik heb meer gehad aan mijn filosofische en spirituele zoektocht. Nu begrijp ik: De wereld was te groot voor mij. Er was geen plek voor mijn gevoeligheid. Ik was niet trouw aan mezelf. Ik heb geleerd dat als ik me heel erg ga aanpassen, de kans groter wordt dat mijn verslaving terugkeert. En nu help ik anderen hun verhaal completer te maken.”

Links is een slaapkamer in het Enik Recovery College in Utrecht te zien. In het midden een piano in een gemeenschappelijke ruimte daar, en rechts een medewerker die de lunch bereidt.
Foto’s Daniel Niessen

Als zijn bijeenkomst is afgelopen komt iedereen even uitblazen op het terras. Ton van der Sluis (63) biedt een sigaretje aan om vervolgens zijn koptelefoon op te zetten. Hij moet alles even laten bezinken. „Het is fascinerend wat je geest met je uit kan halen”, zegt hij een half uurtje later. Van der Sluis is al 33 jaar in behandeling voor zijn psychosegevoeligheid en wordt door een heel team geholpen. Hij is niet ontevreden over de ggz, zegt hij. „Ik heb het neusje van de zalm voorgeschoteld gekregen.” Maar hij is wel eenzaam: hij zit veel alleen thuis te schilderen en te schrijven. Zijn behandelaar zei: ‘Ga naar Enik. Dan kom je meer onder de mensen.’

Op het moment gaat het niet heel goed met hem, zegt hij. Contact maken gaat moeizaam. „Vaak heb ik het idee dat mensen mij niet begrijpen. Dat ik al een bepaald station ben gepasseerd.” Grijpt Enik ook weleens in als het heel slecht met iemand gaat? Verspoor: „Mensen kunnen meer zelf dan wordt gedacht. Je moet niet gelijk van alles willen oplossen voor een ander. Als je in een psychose zit, mag je juist bij ons komen om in de war te kunnen en mogen zijn. Als het uit de klauwen loopt, kunnen we in alle rust met iemand praten, en bespreken of diegene beter af is in een eigen omgeving of dat er met een begeleider contact moet worden opgenomen.”

Lees ook het interview met psychiater Damiaan Denys: ‘Het ís niet normaal om mooi en succesvol te zijn en alles onder controle te hebben’

Natuurlijk zitten er ook nadelen aan de werkwijze van Enik, zegt Verspoor. „Het is soms lastig om de locatie draaiende te houden, omdat de ervaringsdeskundigen soms kort uitvallen als het psychisch lijden in alle hevigheid terugkeert.” Maar over het algemeen ziet hij dat zijn werknemers „zelfbewuste werkers” worden die een voorbeeld vormen voor de groep. De bijeenkomsten zijn dan ook juist geen „zeur- en treurgroepen”, ze moeten cursisten hoop geven.

Bij Erik Helder is dat gelukt toen hij deelnam aan een van de retreats, waarbij je een week lang in het gebouw van Enik verblijft. Helder deed de Zin in je Leven-retreat, waar hij werd aangemoedigd om in positieve termen over zijn toekomst na te denken. „Soms zit je er zo doorheen dat je niet meer durft te dromen. Door je toekomst te visualiseren geef je je leven weer richting.” Hij begon te geloven dat hij geld zou kunnen verdienen met zijn talenten. Ik ben niet alleen een kluizenaar, maar ook een sociaal dier. Een spontaan vrij jochie met een gevoelsleeftijd van 21, dat daardoor ook makkelijk contact maakt met mensen. Ik geef nu een percussieklas aan mensen met een verstandelijke beperking, en ik trommel met mensen met een psychiatrische achtergrond. Ik weet nu dat ik meer ben dan de som van mijn problemen.”