Linkse oppositie wint Deense parlementsverkiezingen

De sociaal-democraten kwamen bij de parlementsverkiezingen als winnaar uit de bus, terwijl de rechts-populistische Deense Volkspartij meer dan halveerde.

De sociaaldemocratische leider Mette Frederiksen spreekt haar aanhang toe na de verkiezingsoverwinning op 5 juni 2019.
De sociaaldemocratische leider Mette Frederiksen spreekt haar aanhang toe na de verkiezingsoverwinning op 5 juni 2019. Foto Liselotte Sabroe/EPA

De Deense parlementsverkiezingen zijn gewonnen door de sociaal-democratische partij van Mette Frederiksen. Samen met vier andere linkse partijen hebben zij een meerderheid in het parlement, blijkt na het tellen van de stemmen. Het linkse oppositieblok heeft in totaal 96 van de 179 zetels behaald, de regerende liberale partij samen met andere rechtse partijen 79.

Vooral de nationalisten zijn flink afgestraft. De rechts-populistische Deense Volkspartij, die de huidige minderheidsregering steunde, verloor meer dan de helft van haar aanhang en viel terug van 21 procent naar 9 procent van de stemmen.

De liberalen van premier Lars Løkke Rasmussen werden de tweede partij van het land, maar Rasmussen moest daarmee wel zijn verlies erkennen. Hij dient deze donderdag zijn ontslag in bij de Deense koningin. Rasmussen was vanaf 2015 premier en eerder ook al tussen 2009 en 2011.

Welzijn

Als de 41-jarige Frederiksen haar overwinning verzilvert en de nieuwe regering gaat leiden, wordt zij de jongste premier ooit in het land en de tweede vrouw die Denemarken regeert. Ze trok volgens Reuters vooral veel kiezers met haar belofte van meer welzijn voor burgers. Ze wil daartoe de belastingen verhogen, met name voor de financiële sector. Ook is zij voor een sociaal-democrate opvallend streng voor migranten.

“Deze verkiezingen gingen over welzijn en het oordeel van de kiezer is overduidelijk. Van nu af aan maken we van welzijn de topprioriteit in Denemarken”, zei Frederiksen in haar overwinningstoespraak. Ze gaf aan een minderheidsregering te willen vormen die wordt gesteund door andere linkse partijen.

Ook in buurland Zweden en in Finland worden de regeringen sinds kort weer geleid door sociaal-democraten.