Duitse coalitie heeft alleen slechte opties

Regering-Merkel Nu Merkels coalitie in de touwen hangt, is het de vraag of iemand de stekker uit het kabinet-Merkel trekt. En vooral ook: wanneer.

De interim-leiding van de SPD (van links naar rechts: Thorsten Schaefer-Guembel, Manuela Schwesig en Malu Dreyer), maandag tijdens de persconferentie in Berlijn.
De interim-leiding van de SPD (van links naar rechts: Thorsten Schaefer-Guembel, Manuela Schwesig en Malu Dreyer), maandag tijdens de persconferentie in Berlijn. Foto Clemens Bilan/EPA

De politieke crisis die in Duitsland uitbrak toen SPD-leider Andrea Nahles zondag haar aftreden betekendmaakte, is de afgelopen week weliswaar bezworen, maar niet opgelost. Onzeker blijft of de coalitieregering van CDU/CSU en SPD het einde van het jaar haalt.

De Duitse sociaal-democraten zijn aangeslagen na de dramatisch slechte resultaten van de Europese verkiezingen (15,8 procent). De partij blijft intern verdeeld over de koers, en ook over de wenselijkheid nog langer deel uit te maken van de coalitie van Angela Merkel.

Helemaal leiderloos is de SPD sinds deze week niet meer. Maandag nam een trio ervaren sociaal-democraten het voorzitterschap tijdelijk over, om voorbereidingen te treffen voor een leiderschapsverkiezing.

Het ziet ernaar uit dat de SPD geen haast maakt met de verkiezing – wat in politiek Berlijn de druk voorlopig even van de ketel haalt. Pas op 24 juni komt het partijbestuur bijeen om te besluiten hoe die verkiezing in zijn werk zal gaan, en of er een tweekoppige leiding moet komen: één vrouw, één man. Wanneer daarvoor een speciaal partijcongres moet worden belegd, kan het tot ver in het najaar duren voor de SPD een nieuwe partijleider (of duo) heeft.

De analyse van de uitslag van de Europese verkiezingen: Duitse jongeren wisten ook hun oma’s groen te laten stemmen

Ook het Duitse stelsel heeft een dempende werking in de crisis. Het is niet makkelijk vervroegde parlementsverkiezingen af te dwingen. De Bondsrepubliek kent strenge regels om het soort chaotische machtswisselingen als in de Weimar-republiek (1918-1933) te voorkomen. De komende maanden zijn er verschillende scenario’s mogelijk.

1De SPD stapt uit de ‘grote coalitie’ met de CDU/CSU

De SPD beseft dat ze aan de rand van de afgrond staat. Haar politieke profiel is sterk verbleekt door de drie coalities met Merkels christen-democraten sinds 2005. Het aantal SPD-stemmers is meer dan gehalveerd. Als vlucht naar voren kan een breuk met de coalitie aantrekkelijk lijken, met een rol in de oppositie als de beste kans op overleven. Maar riskant is het ook, want wie zegt dat de SPD bij nieuwe verkiezingen niet nóg kleiner wordt?

2 Een minderheidsregering zonder SPD

De christen-democraten kunnen zonder de SPD doorgaan met een minderheidsregering en met Merkel als bondskanselier, zonder dat de kiezer er aan te pas hoeft te komen. Dit scenario is denkbaar als de SPD uit de coalitie stapt, of als de CDU het vertrouwen in de SPD opzegt.

Bekend is dat Merkel weinig tot niets voor voelt voor een minderheidskabinet. Ze zou dan steeds op zoek moeten naar meerderheden in de Bondsdag. Het zou Duitslands internationale positie verzwakken. Het nachtmerriescenario daarbij is dat Merkel bij een belangrijk onderwerp alleen een meerderheid kan krijgen met steun van het rechts-radicale Alternative für Deutschland. Dat zal ze koste wat kost willen voorkomen.

3 CDU/CSU zoekt een nieuwe regeringspartner

CDU/CSU kunnen proberen, eveneens zonder nieuwe verkiezingen, een meerderheid te vormen met de liberale FDP en de Groenen. Na de Bondsdagverkiezingen van 2017 is maandenlang vergeefs geprobeerd zo’n zogenoemde Jamaica-combinatie tot stand te brengen (de kleuren van de drie partijen komen met die van de Jamaicaanse vlag overeen). Het is zeer twijfelachtig of dit nu wél zou lukken.

De FDP heeft al verklaard geen coalitie met Merkel als kanselier te willen. De Groenen zijn nu de kleinste partij in de Bondsdag, terwijl ze bij de Europese verkiezingen de op één na grootste waren. Liever dan zonder verkiezingen toe te treden tot Merkels vijfde regering, willen ze hun groei via de stembus omzetten in Bondsdag-zetels.

4 Merkel maakt plaats voor partijvoorzitter Annegret Kramp-Karrenbauer

In september en oktober zijn er deelstaatverkiezingen in de Oost-Duitse deelstaten Brandenburg, Saksen en Thüringen – waar niet alleen voor de SPD, maar ook voor de CDU pijnlijke verliezen dreigen. Een deel van de christen-democraten gelooft dat hun partij kan profiteren als Merkel plaats maakt voor Annegret Kramp-Karrenbauer, die haar in december opvolgde als partijleider.

Maar niet alleen is onduidelijk of Merkel wel voelt voor een Kanzlerinnenwechsel voor het einde van haar termijn in 2021. Het is ook sterk de vraag of Kramp-Karrenbauer wel op een meerderheid in de Bondsdag kan rekenen. Coalitiepartner SPD heeft er weinig belang bij om haar te helpen de volgende verkiezingen in te gaan met het extra gezag dat het kanselierschap met zich meebrengt.

5 Er komen vervroegde verkiezingen

De bondskanselier kan in het parlement de vertrouwensvraag stellen. Dat deed bondskanselier Gerhard Schröder in 2005, om zo nieuwe verkiezingen af te dwingen. Zoals zijn bedoeling was, onthield een meerderheid van de Bondsdag hem de vereiste steun. Daarop ontbond de president de Bondsdag en kwamen er nieuwe verkiezingen (die Schröder overigens nipt verloor).

De Bondsdag kan niet zélf besluiten tot ontbinding en tot nieuwe verkiezingen over te gaan. Wel kan ze via de zogeheten Constructieve Motie van Wantrouwen de bondskanselier afzetten, mits ze dan – om de stabiliteit te garanderen – tegelijk, in dezelfde stemming, een andere bondskanselier kiest. Helmut Kohl (CDU) nam in 1982 op die manier de plaats in van Helmut Schmidt (SPD). Meteen daarop stelde hij de vertrouwensvraag, die hij welbewust verloor, waarna de president nieuwe verkiezingen uitschreef.

Lees ook dit opiniestuk van Hanco Jürgens: ideeënarmoede is de werkelijke oorzaak van neergang SPD

6 De regering-Merkel regeert stug door

Omdat bovenstaande opties voor zowel SPD als CDU/CSU risico’s met zich meebrengen, is het ook mogelijk dat de coalitiepartijen op tijd zullen spelen, voort blijven ploeteren en de moeilijke keuzes zullen opschuiven tot na de deelstaatverkiezingen in het najaar. Bij de totstandkoming van de huidige regering hebben de coalitiepartners al gezegd dat ze dit najaar hun resultaten willen evalueren, waarbij vanzelf de vraag op tafel komt of het nog zin heeft om door te gaan. Als de SPD tegen die tijd een nieuwe leider heeft (of misschien zelfs twee nieuwe leiders), kan het voor die partij een beter moment zijn om te breken dan nu.