Opinie

‘Ik baal echt dat ik moet vertrekken’

Politiek (GroenLinks) vertrekt uit de Tweede Kamer. Dit is de afscheidsbrief die Kamervoorzitter Khadija Arib dinsdag namens hem uitsprak. „Vrije, democratische politiek hoort altijd over de inhoud te gaan, en nooit over personen. Maar ik maak vandaag graag een uitzondering”.

Zihni Özdil (GroenLinks) legt de eed af tijdens de installatie van nieuwe Kamerleden na de Tweede Kamerverkiezingen in 2017.
Zihni Özdil (GroenLinks) legt de eed af tijdens de installatie van nieuwe Kamerleden na de Tweede Kamerverkiezingen in 2017. Foto Remko de Waal/ANP

Beste Khadija,

Ik zal maar meteen met de deur in huis vallen: ik heb slecht nieuws. Ik vertrek uit de Tweede Kamer.

Er is iets grondig misgegaan. En dat vind ik ontzettend spijtig. Als Kamerlid kwam ik in de knoop. Tussen fractiediscipline en de Grondwet die „zonder last” voorschrijft.

In de afgelopen twee jaar heb ik met veel trots mijn Kamerlidmaatschap vormgegeven. Dat ging met veel pieken, maar ook met dalen.

En daar baal ik van.

Ik snap dat het nieuws je rauw op je dak viel. Maar ik wil benadrukken dat ik een mooie tijd heb gehad in jouw Kamer.

Ik heb aan levenden lijve meegemaakt dat alle Kamerleden in dit huis, hoe ver ze ideologisch ook van elkaar afstaan, dag in dag uit kei- en keihard werken om vanuit hun perspectief Nederland nóg mooier te maken.

En dát… dat is mooie politiek. Hele mooie politiek.

Aan mijn woorden proef je vast hoezeer ik de vrijzinnigheid van democratie waardeer. Vrije, democratische politiek hoort altijd over de inhoud te gaan, en nooit over personen.

Maar ik maak vandaag graag een uitzondering….

Lees ook deze reconstructie: Opkomst en ondergang van een bevlogen Kamerlid

Want, ik heb aan mijn tijd in de Kamer ook nieuwe vriendschappen overgehouden. Enkele voorbeelden:

Neem die dekselse Texelaar Gijs van Dijk van de PvdA. Helaas is het ons nog niet helemaal goed gelukt een keer een biertje te drinken. Misschien komt dat nog een keer. Maar een ex-collega heeft me goedbedoeld, doch anoniem, geadviseerd het voorlopig bij een colaatje te houden.

Of Salima Belhaj, van D66. Met wie ik, hou je hart vast, aan het einde van een Kamerdag wél eens een wijntje dronk om te praten over belangrijke zaken van landsbelang. Zoals over hoe Amsterdam zo veel leuker is dan Rotterdam.

Gert-Jan Segers van de ChristenUnie noem ik liever een frienemy. Want hoe hij me jaren geleden uit de EO-Bijbelquiz kieperde verdient stiekem toch wel de schoonheidsprijs. Vooruit dan, laat ik hem daarom maar vergeven.

Hetzelfde geldt trouwens ook voor Frank Futselaar van de SP, iemand die gewoon humor heeft gedoceerd aan de hogeschool. Daar win je het in een debat dus nooit van qua spitsvondigheid. En daar baal ik echt van.

En wat te denken van die twee franke Friezen? Harm Beertema (PVV) en Theo Hiddema (FVD). Hou bij hen alsjeblieft een extra oogje in het zeil, Khadija. Want laten we nooit vergeten wat er is gebeurd in Dokkum….

Wordt het trouwens niet hoog tijd voor een Bonifatius-zaal in de Tweede Kamer?

Ook Pieter Omtzigt (CDA). Een groot parlementariër die niet alleen zijn grondwettelijke controlerende taak zonder last en ruggespraak ernst neemt, maar dat ook in perfecte balans weet te brengen met de moderne verplichtingen van de partijdemocratie. Ik heb ervaren dat je het origineel niet kunt kopiëren.

En last but not least, mijn grote vriend, de altijd goedlachse, vriendelijke en behulpzame Zorba… Zohie… Zohoe… Zohan…Zo Hij Hier. … Afijn, die ene VVD’er met die moeilijke naam.

Als zij-instromer had ik het geluk, en misschien wel het ongeluk, om het politieke spel in dit huis ook te bekijken met de bril van de mensen thuis.

En dan was er toch vaak iets opmerkelijks te aanschouwen: namelijk een spel waarin Kamerleden worden gedwongen…

om de eerste te zijn;

om de snelste zijn;

een inflatie aan moties in te dienen;

waarvan de stemmingsuitslag vervolgens per screenshot de wereld in wordt gegooid.

Ik gebruik expres de term ‘gedwongen’, want het is niet eerlijk om dit fenomeen alleen maar op het bord te leggen van degenen die er in moeten opereren.

Is het niet hoog tijd dat we ons gaan afvragen of we het politieke spel niet te veel tot doel an sich hebben verheven?

Zonder ons meer af te vragen of de spelregels nog wel kloppen?

Lees ook: Is fractiediscipline wel het echte probleem?

Want hoe kun je het democratisch spel spelen wanneer je als Kamerlid tegen de honderden ambtenaren van een minister moet opboksen terwijl je, als je geluk hebt, slechts één beleidsmedewerker voor jezelf hebt?

Dat is een vraag die ik aan jou en al mijn collega’s in dit huis wil achterlaten.

Khadija,

Jij was mijn steun en toeverlaat. Zoals wanneer je tijdens alweer een uit de hand lopende debataanvraag vermaande: „Me-neer Öz-dil, het debat moet nog plaatsvinden…”, terwijl je streng doch rechtvaardig uit je ooghoeken keek, waardoor ik alleen maar kon inbinden.

Ik baal echt dat ik moet vertrekken.

Want politiek heeft behalve lelijke kanten ook mooie kanten, zoals iets kunnen betekenen voor studenten.

Ik zie het ook als taak van de overheid om jonge mensen, die we als land in de toekomst zo hard nodig zijn, niet onnodig met een schuldenlast op te zadelen. Als politicus heb ik geprobeerd aan een eerlijk en rechtvaardig onderwijsstelsel bij te dragen. Maar alvast een waarschuwing. Ook als ex-politicus heb je nog niet het laatste van me gehoord. In de Twitter- en socialemediademocratie van vandaag de dag, zal ik me ook buiten de Kamer blijven inzetten voor deze belofte van sociaal en links beleid.

Tot slot wil ik uit het diepst van mijn hart erkentelijkheid betuigen.

Aan jou, Khadija, voor de waardige maar vooral fijne wijze waarop jij je Kamervoorzitterschap uitdraagt.

Aan al mijn collega’s met wie ik zowel mocht samenwerken als de degens mocht kruisen. En natuurlijk aan de stille motor van de Tweede Kamer, het ondersteunend personeel: van de schoonmakers tot de griffie tot de catering.

Ik sluit af met de wijze woorden van een dierbare collega van een andere partij, die ook voortijdig vertrok:

…. laat elkaar heel.