‘Karaktertrek verandert niet meer na jonge leeftijd’

Dat zei OESO-directeur Andreas Schleicher in De Groene Amsterdammer.

Foto iStock

De aanleiding

Kennis raakt achterhaald in de 21ste eeuw, betoogt Andreas Schleicher, directeur van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO), die jaarlijks de PISA-ranglijst maakt van onderwijsprestaties van landen. Daarom moeten volgens hem niet alleen cognitieve, maar ook sociale competenties gemeten worden, zoals empathie, volharding en creativiteit. „We weten uit onderzoek dat emotionele vaardigheden zich al op jonge leeftijd vormen”, zei Schleicher in een interview in De Groene Amsterdammer. „Op zeker moment gaat het luikje dicht, en is een karaktertrek of persoonlijkheidskenmerk gevormd. Kinderdagverblijven en basisscholen zijn veel betere plekken om die vaardigheden aan te leren dan aan de universiteit of op je werk.” Een karaktertrek verandert dus niet meer na jonge leeftijd. Dat checken we.

Waar is het op gebaseerd?

De informatie komt uit een paper van OESO van vorig jaar, The Power and Promise of Early Learning, met daarin informatie uit allerlei wetenschappelijke bronnen. Er staan ook passages in over de ontvankelijkheid van kinderen voor leren: het brein ontwikkelt zich het snelst aan het begin van de kindertijd, staat er, waardoor kinderen dan extra gevoelig zijn voor externe stimuli. In hun eerste levensjaren is de leercapaciteit het grootst. „Cognitieve, sociale en emotionele vaardigheden zijn smeedbaar en kunnen ontwikkeld worden door oefening in het dagelijks leven.”

En, klopt het?

De metafoor van het ‘luikje’ dat dichtgaat is onjuist, zegt Odilia Laceulle, universitair docent ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Utrecht. „Hoewel persoonlijkheid redelijk stabiel is, kun je tijdens je hele leven een beetje veranderen.”

Voor die kennis zijn twee soorten studies van belang, zegt Laceulle. Allereerst studies over de vraag hoe het karakter zich over het algemeen ontwikkelt. Daarvoor vullen hele grote groepen mensen decennia lang vragenlijsten in. „Die studies laten zien dat persoonlijkheid op groepsniveau met de leeftijd wat gunstiger wordt: emotioneel stabieler, vriendelijker. Dat is niet zo’n verrassing als je volwassenen vergelijkt met pubers.”

Er zijn ook studies naar karaktervorming op individueel niveau. „Daaruit komt naar voren dat ingrijpende gebeurtenissen kunnen leiden tot verandering in persoonlijkheid. Denk aan scheiding, geboorte, dood.”

Een voorbeeld is recent onderzoek van de Amerikaanse sociaal psycholoog Rodica Damian en collega’s. Ze gebruikten data die rond 1960 verzameld zijn onder Amerikaanse highschool-leerlingen en legden de vragenlijst vijftig jaar later nog eens voor. De onderzoekers keken naar verandering in persoonlijkheid op algemeen én individueel niveau. Conclusie: we veranderen naarmate we ouder worden, maar onze individuele positie van persoonskenmerken blijft binnen een groep leeftijdgenoten vrij stabiel.

Dat verandering op latere leeftijd mogelijk is, neemt niet weg dat het handig is vroeg te beginnen met het aanleren van „zachte krachten” als volhardendheid en zelfcontrole, zegt Laceulle. „Het betoog van Schleicher kan de indruk geven van een maakbaar mensbeeld, een wens tot uniformiteit. Dat klinkt onaantrekkelijk: variatie in persoonlijkheid draagt bij aan een sterke samenleving. Maar bepaalde aspecten, dat is bewezen, helpen je tijdens het leven. Ik ben het met hem eens dat het een goed idee is om dat vroeg aan te leren, want het helpt kinderen bij belangrijke zaken zoals leren en relaties aangaan. Niet alle kinderen krijgen dat van thuis mee.”

Conclusie

Hoewel persoonlijkheid redelijk stabiel is, kunnen karaktertrekken het hele leven nog veranderen. We beoordelen de stelling daarom als onwaar.

Ook een bewering zien langskomen die je gecheckt wilt zien? Mail nrccheckt@nrc.nl of tip via Twitter met de hashtag #nrccheckt