Onderhandeling pensioenakkoord hervat na nieuwe toezegging kabinet

Pensioenakkoord Minister Koolmees is bereid om de AOW-leeftijd trager te laten stijgen. Daarom zijn de vakbonden bereid om het pensioenoverleg te hervatten.

Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is binnen het kabinet belast met het sluiten van een nieuw pensioenakkoord.
Minister Wouter Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is binnen het kabinet belast met het sluiten van een nieuw pensioenakkoord. Foto Bart Maat/ANP

De onderhandelingen over een pensioenakkoord worden volgende week hervat. De vakbonden zijn bereid om opnieuw met het kabinet en werkgevers in gesprek te gaan over een nieuw pensioenstelsel na een nieuwe toezegging van minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66). Een eerdere poging om een pensioenakkoord te sluiten mislukte in november vorig jaar.

Koolmees schreef vrijdag in een brief aan de vakbonden en werkgevers dat het kabinet bereid is om de AOW-leeftijd langzamer te laten stijgen. Hij maakte niet concreet hoeveel trager de stijging dan zou worden. Nu is de AOW-leeftijd 66 jaar en vier maanden. Hij stijgt volgens de wet naar 67 jaar in 2021 en volgt daarna de levensverwachting: voor ieder jaar dat de gemiddelde levensverwachting stijgt, moet een jaar langer gewerkt worden.

Pensioenakkoord belangrijk voor Rutte III

Koolmees wil de nieuwe afspraak over de AOW-leeftijd vastleggen in een pensioenakkoord met de vakbonden en werkgeversverenigingen. Daarin moeten ook afspraken staan over nieuwe regels voor het aanvullende pensioen, waar werknemers voor sparen bovenop het ‘basispensioen’, de AOW-uitkering.

Zo’n nieuw pensioenstelsel is een van de belangrijkste ambities van het kabinet-Rutte III. Het huidige pensioen stijgt voor de meeste mensen al jaren niet meer mee met de inflatie. Ook sluiten de regels niet meer aan bij de moderne arbeidsmarkt, vindt het kabinet, omdat werknemers vaker van baan wisselen.

Bij de mislukte onderhandeling in november waren de drie partijen het al in grote lijnen eens over hoe het nieuwe pensioenstelsel eruit zou moeten zien. Maar de vakbonden vonden onder andere dat het kabinet te weinig tegemoet kwam aan hun aanvullende eisen: een trager stijgende AOW-leeftijd, vroegpensioen voor mensen met zware beroepen en een pensioenplicht voor zzp’ers.

Lees ook de reconstructie over de mislukte onderhandeling van november: Rutte zag: de bonden kwamen met steeds meer eisen

Sindsdien voeren de vakbonden actie en organiseren ze stakingen om hun eisen kracht bij te zetten. Zo werd er dinsdag gestaakt in het openbaar vervoer en woensdag door onder anderen werknemers uit de industrie, bouw en schoonmaaksector.

Verkennende gesprekken

Koolmees zei vrijdag in een toelichting dat hij „genoeg ruimte” ziet om nu ook over deze onderwerpen overeenstemming te bereiken. „Ik heb de afgelopen tijd veel verkennende gesprekken gevoerd over de blokkades, aandachtspunten en wensen.” Tot welke extra toezeggingen dat kan leiden, wilde hij nog niet concretiseren.

De grootste vakbond FNV reageert positief op de uitnodiging van Koolmees. Voorzitter Han Busker claimt de nieuwe toezegging als succes van de vakbondsacties. „Blijkbaar is het signaal van de acties van deze week goed doorgekomen.” Hij is bereid om „meteen na het weekend” weer te onderhandelen.

De drie werkgeversverenigingen (VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland) hadden zich al eerder bereid getoond om nieuwe gesprekken te starten.

Koolmees heeft haast

De andere twee vakbonden, CNV en VCP, benadrukken dat een akkoord nog niet binnen handbereik is. Ze maken zich nog grote zorgen over de nieuwe verdeelregels tussen jong en oud die voor het nieuwe pensioen zouden gaan gelden. Sommige mensen zullen daardoor te maken krijgen met een eenmalige tegenvaller. De bonden willen harde afspraken over hoe deze mensen gecompenseerd worden en wie dat moet betalen.

Koolmees heeft haast met de afspraken. Als hij de stijging van de AOW-leeftijd per 1 januari 2020 wil voorkomen moet hij een wetswijziging daartoe vóór 1 juli langs de regeringsadviseur Raad van State, de Tweede Kamer en de Eerste Kamer zien te krijgen. Doorgaans krijgen zij ieder minstens enkele maanden om wetswijzigingen te beoordelen.