Opinie

    • Willem Pekelder

Postpaleis

In 010

Je stond er in de rij voor een postzegel of telegram. Om een pakket op te halen of aan te tekenen. En tijdens al dat wachten keek je om je heen en zag je in zijn eenvoud een wonder van pracht: de hal met haar hoge, witte bogen, de verrassende hoeveelheid licht die de glazen koepel doorliet, de muren en pilaren met art deco-ornamenten. Een halve eeuw geleden gingen mijn vader en ik hierheen om tijdens de C70 het nieuwste snufje van de PTT te bekijken: de beeldtelefoon. Het is nooit wat geworden met die vinding, en het hoofdpostkantoor aan de Coolsingel is dicht. Al sinds 2007.

Foto Christian van der Kooy

Vorige week klopte ik er aan omdat ik had gehoord dat in het gebouw, in 1923 ontworpen door architect G. C. Bremer, een expositie zou zijn. Ik was per vergissing een dag te vroeg, maar twee bij de tentoonstelling betrokken medewerksters waren zo vriendelijk mij alvast een privé-toertje te geven.

We zagen iets over de geschiedenis van het postkantoor als onderdeel van de stad. Verschillende wijken werden door rijen blauwe krukken verbeeld, waarvan de onderlinge afstand iets zei over de bevolkingsdichtheid ter plekke en de hoogte iets over de lokale inkomens. Charlois telde slechts één hoge kruk.

Tot 16 juni te bezoeken, en daarna begint langzamerhand de grote verbouwing, vertelden de rondleidsters. Terwijl Adriaan Geuze de Coolsingel omtovert tot een stadsboulevard met internationale allure wordt het neo-classicistische postpaleis een winkelcentrum met cafés, restaurants en een hotel. Bovenop de koepel komt een appartementencomplex van wel 150 meter hoog. Niets in Rotterdam immers zonder woontoren. „De stad breidt niet uit, maar verdicht”, legde een van de vrouwen uit. „Rotterdam wordt daarmee steeds meer een gelaagde stad.”

En, hoorden we, aan alle vier zijden van het postkantoor komen straks toegangsdeuren, waardoor er een min of meer rechtstreekse winkelroute ontstaat vanaf de Martkhal/ Hoogstraat via de Coolsingel naar de Lijnbaan. Ach, het oude postkantoor zal straks weer stralen als vanouds. Tot afgunst wellicht van het stadhuis dat begin vorige eeuw bepaalde dat zijn buurman achter de rooilijn moest staan, omdat hij anders te veel zou opvallen. Het heeft allemaal niets geholpen.