Voor- en tegenstanders omstreden Namenmonument voor de rechter

Amsterdam De gemeente Amsterdam en bewoners stonden dinsdag tegenover elkaar bij de rechter over het Holocaust Namenmonument. De zaak draait om de vraag of de vergunning terecht is afgegeven.

Een impressie van het nog te bouwen monument aan de Weesperstraat in Amsterdam.
Een impressie van het nog te bouwen monument aan de Weesperstraat in Amsterdam. Artistimpression Studio Libeskind

De ene partij is „vervuld van een diep gevoel van schaamte” over de gang van zaken, de andere partij „verdriet het evenzeer” dat het zover heeft moeten komen. Toch stonden ze dinsdag tegenover elkaar bij de rechter over het te bouwen Holocaust Namenmonument in Amsterdam. Dit gedenkteken voor de 102.000 Joden, Sinti en Roma die tijdens de oorlog zijn vermoord door de nazi’s, is inzet geworden van een verbeten juridische strijd.

Aan de ene kant: bewoners die zich verzetten tegen de vergunning die is afgegeven voor de bouw van het monument, op een smalle strook langs de Weesperstraat. Aan de andere kant: de gemeente Amsterdam en het Nationaal Auschwitz Comité, dat het initiatief nam voor het gedenkteken.

Bekende argumenten

De argumenten die nu al enkele jaren over en weer gaan, werden herhaald. De buurtbewoners zijn geen tegenstander zijn van een namenmonument, zeiden ze – integendeel. Alleen: dit ontwerp, ontworpen door de bekende Amerikaanse architect Daniel Libeskind, „is te groot en te omvangrijk voor deze bescheiden plek”, aldus hun advocaat. Bovendien heeft de gemeente – en dan met name wijlen burgemeester Eberhard van der Laan – de locatie en het ontwerp erdoorheen gedrukt, vinden ze. „Dit ontwerp ontbeert daardoor legitimatie.”

Lees ook het interview met de Amsterdamse burgermeester Femke Halsema over de twisten rond het namenmonument

Nee, hielden de gemeente en het Auschwitz Comité vol: alle procedures zijn netjes doorlopen. De locatie aan de Weesperstraat kwam als favoriet tevoorschijn uit een grondige studie, de welstandscommissie is akkoord en de gemeenteraad stemde tot twee keer toe unaniem in met de plannen. „Een groter draagvlak is niet denkbaar,” zei de advocaat van het Auschwitz Comité.

Bovendien, zo redeneerden ze: de komst van het gedenkteken overstijgt alle andere belangen. Het monument, dat bestaat uit 102.000 bakstenen met daarop de naam van iedere vermoorde Joodse Nederlander, geeft nabestaanden eindelijk de kans hun geliefden op waardige wijze te herdenken. Het geeft „historische duiding aan een van de zwartste bladzijden uit onze geschiedenis.”

Beschimpt

In een emotioneel betoog benadrukte Jacques Grishaver, voorzitter van het Auschwitz Comité, zijn verdriet over het feit dat het monument er na jarenlang touwtrekken nog steeds niet is – en dat terwijl er steeds minder overlevenden van de Holocaust zijn. Volgens Grishaver hebben de tegenstanders „elke mogelijkheid aangegrepen om het monument te verhinderen en te vertragen. Ons prachtige plan wordt beschimpt.”

Beide kampen zaten er dus met gerechtvaardigde grieven – maar die zullen niet beslissend zijn voor het vonnis. In deze zaak draait het er alleen om of de omgevingsvergunning terecht verstrekt is, zo maakte rechtbankvoorzitter Guus Harten duidelijk. En dus ging het tijdens de zitting vooral over de verkeersveiligheid, de breedte van de stoep, de ‘binnenplanse afwijking’ van het bestemmingsplan, het ‘breken van de zichtrelatie’ op de achterliggende tuin en de vraag of de voorspelde bezoekersaantallen niet gebaseerd zijn op verouderde cijfers.

Ook ging het uitvoerig over de fundering van het monument, dat gedeeltelijk rust op de metrobuis in de Weesperstraat. Uit correspondentie van de gemeentelijke dienst Metro en Tram blijkt dat de gemeente zich in het geval van calamiteiten met de tunnelbuis het recht voorbehoudt om het monument „tijdelijk dan wel definitief te laten demonteren”.

Lees meer over de spanningen rondom de bouw van het monument

Deze waarschuwing van de metrobeheerder is weliswaar geen onderdeel van deze rechtszaak, betoogde de advocaat van de bewoners, „maar het zegt wel iets over de inpasbaarheid van dit ontwerp op deze locatie. Steeds blijkt dat het monument duurder en ingewikkelder wordt.”

Overhaast

Aan het slot van de zitting herhaalden de bewoners hoezeer het ze speet dat ze hier zaten – helaas was dit de enige manier om de in hun ogen overhaaste en gebrekkige besluitvorming aan de kaak te stellen. Grishaver van het Auschwitz Comité weersprak de stelling dat er overhaast gehandeld zou zijn. „Vijfenzeventig jaar na de oorlog kun je niet meer van haast spreken.”

Uitspraak 6 juli.