Dougs cabin staat in „een woud van naaldbomen, waar het ook in de zomer stormt en regent. Een gebied waar meer beren en bergleeuwen dan mensen zijn.”

Foto Karianne Bueno

Dougs camping, 20 kilometer van bewoond Canada

„Vieze handen, een baard en een houthakkershemd om zijn bolle buik”. Zo omschreef de Nederlandse fotograaf Karianne Bueno (1979) eerder aan NRC de Amerikaanse Doug, die ze in 2010 per toeval op een camping ontmoette bij San Josef Bay op Vancouver Island, in Canada. Zijn hut staat aan de rand van Cape Scott – een gematigd regenwoud zo groot als Schiermonnikoog, lazen we destijds. Nu, negen jaar later, heeft Bueno een boek gemaakt, Doug's Cabin, over Doug en de wildernis waar hij woont. Een kluizenaar die in de Canadese bossen, ver van de bewoonde wereld, een eenvoudige camping bestiert.

Het dichtstbijzijnde dorp bevindt zich op zo’n twintig kilometer van Dougs cabin. In de zomer rijdt hij weleens over deze weg naar de bewoonde wereld. De meeste wintermaanden moet hij alleen uitzitten. Dan heeft hij geen geld voor benzine en ziet hij geen mens, vertelde Karianne Bueno in 2013 in een interview met NRC. Foto Karianne Bueno

Dougs cabin staat in „een woud van naaldbomen, waar het ook in de zomer stormt en regent. Een gebied waar meer beren en bergleeuwen dan mensen zijn.” Foto Karianne Bueno

Een vriend liet zijn camper achter op de primitieve camping van Doug, als weekendverblijf. Inmiddels is het interieur grotendeels in verval geraakt. Er zit nog wel een werkende oven in, waarin Doug soms een pizza warm maakt. Foto Karianne Bueno

Doug laat de dam zien die het afgelopen jaar is gebouwd door bevers. Foto Karianne Bueno

Doug verzamelt voorwerpen die aanspoelen aan het strand een paar kilometer verderop, zoals deze drijvende ballen die afkomstig zijn van visnetten. Foto Karianne Bueno

Op deze plek lag tussen 1906 en 1944 de winkel annex postkantoor van Henry Ohlsen, een van de Scandinavische kolonisten die begin vorige eeuw werden aangemoedigd zich te vestigen langs de San Josef-rivier. De kolonisten hadden enorme moeite de wildernis te temmen; het strenge klimaat en de exorbitante groei van vegetatie maakten het bijna onmogelijk een moestuin te onderhouden of vee te houden. Foto Karianne Bueno

Sterren boven de camping. „Het is een sublieme plek”, vertelde Karianne Bueno eerder. „Mijn hoofd slaat daar op hol. Dat Doug daar woont. Alleen in dat donkere bos. Als je je handen daar ’s nachts zo vlak voor je gezicht houdt, dan zie je zelfs je eigen vingers niet.” Foto Karianne Bueno

Het terrein van het voormalige houtkapbedrijf in Holberg, twintig kilometer van Dougs huis. Toen Doug zijn hutje kocht, in 1990, had Holberg nog een aantal basisvoorzieningen zoals een medische post, een kleine winkel en een postkantoor. De telefoonlijn naar Dougs huis, die ooit voor een internetverbinding zorgde, werd doorgeknipt. Herhaalde pogingen om weer internet te krijgen liepen op niets uit. Geen enkele maatschappij waagt zich aan zo’n dienst in dunbevolkte, afgelegen gebieden zoals deze. Foto Karianne Bueno

Boeken van de bibliotheek van het voormalige Canadian Forces Station in Holberg. Om te voorkomen dat het terrein illegaal bewoond zou gaan worden, werd het in 1990 in brand gestoken. Doug mobiliseerde in de weken voor die brand iedereen die hij kende met een vrachtwagen of sleepwagen en nam alles mee wat meegenomen kon worden: bibliotheekboeken, foto’s, speelgoed, hele gebouwen zelfs, die onderdak zouden moeten bieden aan kampeerders. Hij wilde dat de mensen zouden weten wat een mooie geschiedenis het bos had. Foto Karianne Bueno

Radarkoepels boven op Mount Brandes. De foto is afkomstig uit het jubileumboek uit 1984 dat werd uitgegeven ter gelegenheid van het dertigjarig bestaan van het Canadian Forces Station in Holberg. Het station was onderdeel van de Pine Tree Line, een reeks militaire radarstations in de VS en Canada tijdens de Koude Oorlog. In 1984 werkten hier nog 247 mensen. Foto Karianne Bueno