Feyenoord, de jeugd en de haperende doorstroming

De toekomst van Feyenoord Feyenoord zet de komende jaren nadrukkelijk in op de eigen jeugd. De vraag is of de beloften wel klaar zijn voor de eredivisie. De complexe route van Feyenoord-talent naar het eerste team uitgelicht.

Jeugdcomplex Varkenoord.
Jeugdcomplex Varkenoord. Foto David van Dam

Varkenoord, een maandagmiddag in april, Jong Feyenoord tegen Jong FC Emmen. Het Hand in Hand Kameraden klinkt zachtjes op het trainingscomplex. Toeschouwer Robin van Persie verlaat na rust de tribune als spits Dylan Vente bij 0-2 rood krijgt voor een onbesuisde tackle. Uitzichtloze, frustrerende middag. Rechtsback Bart Nieuwkoop, ooit een belofte, krijgt geel voor aanmerkingen en voorin loopt de Colombiaanse miljoenenaankoop Luis Sinisterra verdwaald rond.

Een spookelftal is Jong Feyenoord al vaker genoemd, de ploeg die de springplank zou moeten zijn naar het eerste. Onder Martin van Geel, de aftredend technisch directeur, liet Feyenoord het team de afgelopen jaren niet instromen in de voetbalpiramide – een geïntegreerd systeem waarbij alle competities met eerste elftallen, amateurs en profs, met elkaar in verbinding staan.

Onder meer Ajax, PSV en AZ gingen hier wel in mee, hun ‘Jong-teams’ spelen in de eerste divisie. Veel talenten deden daar ervaring op en zijn doorgebroken.

Het vraagstuk is actueel voor Feyenoord, nu de club de komende jaren nadrukkelijk zal inzetten op eigen jeugd onder de nieuwe coach Jaap Stam. Geld voor versterkingen is nagenoeg op. De kraamkamer zal meer dan in de afgelopen jaren moeten leveren – maar zijn de talenten wel klaar voor de eredivisie?

Jong Feyenoord speelt nu in de reservecompetitie voor beloftenteams. Voordeel is dat spelers uit het eerste hier, zonder enige restricties, minuten kunnen maken als zij bijvoorbeeld terugkomen van een blessure – al kunnen daardoor jeugdtalenten soms niet spelen. Nadeel: het betreft een competitie die bijna niemand interesseert, met duels op doordeweekse middagen, op verlaten sportcomplexen, tegen weinig aansprekende ploegen. Geen spanning, geen inspiratie. En weinig wedstrijden: na de winterstop speelde Jong Feyenoord maar acht keer.

De netelige positie van Jong Feyenoord heeft een remmende werking op de ontwikkeling van jeugdspelers van de club, zeggen betrokkenen. Het is geen omgeving waar spelers geprikkeld worden, waar ze onder druk leren spelen. De stap van de jeugdopleiding naar het eerste is daardoor voor velen nu groot.

Jeugdspelers als Tyrell Malacia, Justin Bijlow en Orkun Kokcü braken de afgelopen jaren wel door, al zijn zij nog geen vaste basisspelers. Structureel is de doorstroom van hoogwaardig talent niet. Bij veel ex-toptalent stagneerde de ontwikkeling in de laatste fase van de opleiding, mede door het gebrek aan perspectief.

Een groot deel van de trainers in de jeugdopleiding vindt dat Feyenoord in de voetbalpiramide had moeten stappen. Vertrekkend coach Giovanni van Bronckhorst heeft zich hier ook voor uitgesproken. Feyenoord heeft aangegeven dat het bij zijn besluit blijft, de nieuwe technisch directeur Sjaak Troost zal daar waarschijnlijk niks aan veranderen.

De complexe route van Feyenoord-talent naar het eerste: over het stiefkindje, de Schapenkoppen en het vlaggeschip.

Jong Feyenoord: het stiefkindje

Mats Knoester (20) is kind van Varkenoord. In 2005 begon hij in de opleiding, hij was aanvoerder, werd jeugdinternational, speelde een hoofdrol in de documentaire Het Varkenoord-geheim ontrafeld. „Ik heb mij echt top kunnen ontwikkelen, daar heeft Feyenoord hartstikke goed bij geholpen, heb ik veel aan te danken.”

Hij is een centrale verdediger – potig, fysiek sterk. Jeugdtrainers waren altijd „lovend” over hem, vertelt hij. Maar voor zijn gevoel zag de clubleiding hem niet meer staan toen hij begin dit seizoen terugkeerde, na meer dan een jaar uitgeschakeld te zijn geweest door een knieblessure. „Ik zat er veertien jaar, heb nooit problemen gehad. Dan ben je er een tijd uit en vervolgens doen ze of je niet meer bestaat.”

Of en wat voor plan ze met hem hadden, bleef hem onduidelijk. Knoester begon dit seizoen bij Jong Feyenoord, onder leiding van trainer Peter van den Berg en diens assistent Ulrich van Gobbel. De selectie bestaat bij aanvang uit elf spelers plus twee keepers. Maar gaandeweg raakt de groep sterk uitgedund, door blessures en omdat spelers worden doorgeschoven naar het eerste.

Trainers moeten zelf meedoen bij partijtjes of staan uit nood op doel. Het zorgt voor frustratie bij de Jong Feyenoord-spelers. Knoester ziet dat de trainers balverlies lijden of niet diep gestuurd kunnen worden. Voormalig ploeggenoot Jari Schuurman noemt de situatie bij Jong Feyenoord later „schandalig”, bij RTV Rijnmond. Knoester benadrukt: de trainers probeerden er het beste van te maken. „Zij konden er echt niks aan doen.”

Coach Van den Berg ziet al snel dat de situatie „niet ideaal” is, al zijn de resultaten voor de winterstop prima. Hij hoopte en verwachtte dat Jong Feyenoord op termijn zou instromen in de piramide. Hij noemt Matthijs de Ligt, die al op zijn zestiende met Jong Ajax debuteerde in de eerste divisie. „Dat zou ook een mogelijkheid zijn geweest voor spelers bij Feyenoord, dat talenten al op jongere leeftijd meer weerstand krijgen. Waardoor misschien de ontwikkeling sneller gaat.”

Na de winterstop staan bij sommige trainingen nog maar vier spelers op het veld, als enkele jongens verhuurd zijn aan FC Dordrecht, waar Feyenoord dan een samenwerking mee is begonnen. Half februari, na een 4-0 nederlaag bij Jong NEC, wordt de selectie en staf van Jong Feyenoord opgedoekt: de groepstrainingen houden op. De paar overgebleven spelers worden verdeeld over het eerste en onder 19. De resterende wedstrijden worden nog wel afgewerkt. Van den Berg vertrekt, al na een half jaar.

Knoester gaat in de winter naar Heracles Almelo, hij ziet geen toekomst meer bij Feyenoord. Wat meespeelt, is een incident bij een training van onder 19. Aanvaller Crysencio Summerville schakelt na een opstootje met Knoester bij een partijspel een oudere broer in. Die komt even later de kleedkamer in en begint te knokken met Knoester. Na wat klappen en geduw worden ze uit elkaar gehaald, de broer wordt van het terrein gezet.

Summerville krijgt een boete en wordt tijdelijk geschorst en verhuurd aan Dordrecht – maar hij blijft behouden. Feyenoord weet: het toptalent kan nog van grote waarde zijn in de toekomst. Knoester wil inhoudelijk niets zeggen over het voorval. Bij Heracles probeert hij zijn loopbaan weer op te bouwen. „Dit is een club die mij mezelf wil laten ontwikkelen en een kans wil geven. Dat is wat ik zocht.”

De Schapenkoppen: de noodoplossing

De lege staantribune is overwoekerd met gras en mos, in de nok hangt een reclamebord van ‘Auto huren in Curaçao’, tl-lampen en loshangende draden markeren de hoofdtribune en vanaf het veld zwaait mascotte Sjaak Schaap fans toe. Voor liefhebbers van voetbalcult is het Riwal Hoogwerkers Stadion een paradijs – waar de bal bij opkomst op een miniatuur hoogwerker klaarligt.

Een lonkend perspectief kan je het moeilijk noemen, het nieuwste platform voor de Feyenoord-jeugd: FC Dordrecht. Sinds januari hebben de twee clubs een samenwerkingsverband. Het doel: talenten laten rijpen in een profcompetitie. En het biedt uitkomst voor spelers die op een dood spoor zitten bij Feyenoord.

De samenwerking wordt gezien als een noodoplossing, een reactie van Feyenoord op het ontbreken van een Jong-team in de eerste divisie, al zegt niemand dat hardop. Hans de Zeeuw, algemeen directeur van FC Dordrecht, benadrukt wat zijn club te bieden heeft. „Ik vind het nogal een podium.”

Wat meewoog in de keuze van Feyenoord voor Dordt: de club speelt op natuurgras en ligt op twintig minuten rijden. De samenwerking is voor vijf jaar, maximaal vijf spelers per seizoen worden verhuurd. Drie kwamen in de winter over: Jari Schuurman, Joël Zwarts en Summerville. Dordrecht, dat met 2,2 miljoen euro een van de laagste begrotingen heeft in de eerste divisie, steeg door die impuls van de twintigste en laatste plaats naar plek zeventien.

De Zeeuw wil voorkomen dat FC Dordrecht een satellietclub wordt, zoals Excelsior dat in het verleden was voor Feyenoord. De Zeeuw, indirect betrokken bij Feyenoord als lid van de investeerdersgroep Vrienden van Feyenoord: „Het gaat om goodwill. Elkaar willen helpen. Zoeken naar een win-winsituatie.” Maar hij waarschuwt ook dat „we moeten waken voor onze identiteit.” FC Dordrecht, de club aan de Krommedijk met de bijnaam Schapenkoppen, moet wel Dordt blijven.

Maar het is de kleine Feyenoord-dribbelaar Summerville (17) die hier de afgelopen maanden uitgroeide tot attractie – met zijn razendsnelle passeeracties. Na de zomer keert de rechtsbuiten terug naar Rotterdam, mogelijk bij het eerste. Ook Zwarts (20) profileerde zich met goals en assists, hij is nu transfervrij en gewild bij kleinere clubs. Schuurman (22), het voormalige supertalent, blijft bij Dordrecht.

Training van Feyenoord Onder 19, onder leiding van Dirk Kuijt. Foto David van Dam

Onder 19: het vlaggenschip

Een maandag eind april, topwedstrijd bij de onder 19: Feyenoord tegen Ajax. Varkenoord puilt uit met zeker 3.000 man, het is meivakantie, schitterend weer. Coach Dirk Kuijt staat in trainingspak, collega John Heitinga van Ajax in pak met stropdas. De sfeer is broeierig, vuurwerk knalt de lucht in, Feyenoord-spelers duiken het publiek in bij goals, bier vliegt over de tribunes.

Feyenoord wint spectaculair met 5-3. Maar de krachtsverhoudingen moeten in perspectief worden geplaatst: Feyenoord speelt met een ploeg die gemiddeld bijna een jaar ouder is, 17,7 tegen 16,9 jaar. Ajax schuift talenten al jong door, er speelt ook een jongen van 15 jaar mee – waar Feyenoord met Kokcü (18) en Wouter Burger (18) krachten heeft die al debuteerden in het eerste.

Onder 19 is het vlaggenschip van de Feyenoord-opleiding, de selectie is groot, de staf zwaar bezet. Zaterdag kon de ploeg kampioen worden door minimaal gelijk te spelen bij Ajax, maar de wedstrijd werd gestaakt vanwege onrust op de tribune. Een nieuwe datum moet nog gevonden worden.

„Meer dan een handvol heeft de potentie om het eerste
te bereiken.”

Dirk Kuijt, trainer onder 19

Wat zegt deze mogelijke titel van onder 19? Dat de potentie er is. Maar het is niet het juiste podium voor deze talenten, zegt een ingewijde op de Feyenoord Academy. Doordat Ajax en PSV met Jong-teams in de eerste divisie spelen, schuift bij die clubs de hele ‘keten’ binnen de opleiding grofweg een leeftijdscategorie op. Spelers worden zo op jongere leeftijd geconfronteerd met duels onder hogere druk.

Van Bronckhorst raakte de kern, onlangs in het AD. „Ik denk dat onze talenten nog niet dezelfde weerstand hebben gehad ten opzichte van hun leeftijdgenoten bij andere clubs. Wat je ook ziet is dat Ajax’ grootste talenten al in de beloften spelen [in de eerste divisie]. De competitie van onder 19 jaar is niet meer de sterkst mogelijke competitie.”

Feyenoord heeft onmiskenbaar talentvolle spelers, met ook Lutsharel Geertruida (18), Cheick Touré (18), Naoufal Bannis (17) en Achraf El Bouchataoui (19). „Meer dan een handvol heeft de potentie om het eerste te bereiken”, zegt Kuijt, eind april. „Uiteindelijk bepalen zij zelf wanneer dat moment is en of ze dat daadwerkelijk ook gaan halen.”