Opinie

    • Marike Stellinga

Verdienen vrouwen onterecht minder?

Marike Stellinga

Over het loonverschil tussen mannen en vrouwen doen hardnekkige en ergerlijke mythes de ronde. Bijvoorbeeld dat vrouwen de laatste twee maanden van het jaar eigenlijk gratis werken. Dat het hele loonverschil een gevolg is van discriminatie, van ongelijk loon voor gelijk werk. Niet de minsten beweren dit: minister Ingrid van Engelshoven (Onderwijs, D66) zei het bijvoorbeeld net na haar aantreden.

Deze beweringen zijn door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) nu al talloze keren genuanceerd. Een groot deel van het loonverschil tussen mannen en vrouwen (19 procent in het bedrijfsleven) is prima te verklaren. Zo is de vrouwelijke beroepsbevolking jonger en minder hoog opgeleid dan de mannelijke. En ja, jonge en minder hoogopgeleide mensen verdienen minder. Als je corrigeert voor deze verschillen, blijft er een veel kleiner loonverschil over (7 procent in het bedrijfsleven). Of dat loonverschil ontstaat door discriminatie of om andere redenen, kan het CBS niet vaststellen. Het CBS noemt dit het onverklaarde verschil.

Dat het CBS geen discriminatie kan vaststellen, betekent niet dat er niks onrechtvaardigs aan de hand is. Het betekent alleen dat je geen onterechte loonverschillen kunt opmaken uit de officiële cijfers. Daarvoor is onderzoek nodig op bedrijfsniveau.

Het College voor de Rechten van de Mens deed de afgelopen jaren zulke onderzoeken: bij ziekenhuizen, hogescholen en in de verzekeringsbranche. Die onderzoeken laten zien hoe complex dit vraagstuk is. Het College vond beloningsverschillen ten nadele van vrouwen die „niet door objectieve gerechtvaardigde criteria, zoals werkervaring, te verklaren” waren.

Verschillen ontstonden bijvoorbeeld door salarisonderhandelingen, doordat mannen van buiten op een hoger salaris binnenkwamen, of schaars personeel gelokt werd met toeslagen. „Werkgevers realiseren zich vaak niet dat het hanteren van deze criteria bij de salarisbepaling de kans op ongelijke beloning vergroot”, aldus het College. Hoe gestandaardiseerder de beloning, hoe minder opties voor uitzonderingen, hoe gelijker de beloning, lijkt de conclusie.

Het ligt allemaal zo subtiel dat ik inmiddels denk dat de enige echte manier om achter onterechte verschillen te komen, zelfonderzoek is. Bedrijven en andere organisaties zouden de beloning van de mannen en vrouwen in hun personeelsbestand moeten vergelijken, en zich open en eerlijk afvragen of die terecht zijn.

Pensioenuitvoerder APG gaf deze week daarvan een spectaculair en vrij uniek voorbeeld. Na onderzoek kon APG van 13 procent van de vrouwelijke werknemers niet verklaren waarom ze minder verdienden dan een man in een vergelijkbare functie met evenveel ervaring en dienstjaren. En dus plofte bij 125 vrouwen deze week een brief op de mat: salarisverhoging per 1 juni. Voor sommigen van maar liefst 10 procent. APG gaat nu onderzoeken hoe deze verschillen konden ontstaan zodat het niet weer gebeurt.

Grotere Britse bedrijven moeten tegenwoordig hun loonkloof m/v publiceren. Bedrijfslobbyclub VNO-NCW verzet zich tegen voorstellen dat voorbeeld te volgen. Ik zou zeggen: bedrijven, doe als APG en laat zien dat een wet niet nodig is.

Marike Stellinga is econoom en politiek verslaggever. Ze schrijft elke week op deze plek over politiek en economie.