‘Als een vrouw niet expliciet ‘ja’ zegt, is al het andere: nee’

Sekswet in buitenland In Nederland kondigde het kabinet deze week aan dat seks met iemand die dat niet wil, altijd strafbaar wordt. Enkele landen gaan al verder.

Foto Tinnakorn Jorruang

De vriendengroep noemt zichzelf ‘La Manada’, Spaans voor ‘de roedel’. Op 7 juli 2016 zijn de vijf mannen, twintigers, uit Sevilla afgereisd naar de noordelijke stad Pamplona. Daar barst die dag het San Fermín-feest los, wereldberoemd om zijn stierenrennen. De vijf zijn ook voor iets anders gekomen: drank en seks.

Ver na middernacht raken ze op straat in gesprek met een 18-jarige, beschonken vrouw. Zij loopt eerst vrijwillig met hen op, zoent met een van de mannen, maar wordt uiteindelijk door de vijf een portiek in gewerkt. Omringd door de veel sterkere mannen verstijft ze. De mannen misbruiken haar collectief, en laten haar halfnaakt achter. Die ochtend doet ze aangifte.

Twee jaar later komt het tot een rechtszaak. De video’s die de jongens zelf maakten van de seks en later triomfantelijk deelden in hun groepsapp, dienen als belangrijk bewijsmateriaal voor justitie om hen verkrachting ten laste te leggen. De rechters gaan daar niet in mee: er zou geen sprake zijn geweest van dwang of intimidatie. De mannen krijgen negen jaar voor het lichtere vergrijp van seksueel misbruik.

Na de uitspraak gaan in Spaanse steden burgers woedend de straat op. De centrum-linkse regering komt met een voorstel het wetboek van strafrecht te wijzigen. Seks moet alleen nog toegestaan zijn met uitgesproken wederzijdse toestemming. „Als een vrouw niet expliciet ‘ja’ zegt, is al het andere ‘nee’”, aldus vicepremier Carmen Calvo. Het parlement moet het voorstel nog behandelden.

‘Als je seks wil, vraag het’

Minister Grapperhaus (Justitie, CDA) kondigde woensdag ook een wetswijziging aan. Dit omdat „grensoverschrijdend seksueel gedrag,” schrijft hij, „sterker wordt afgekeurd dan voorheen”. En omdat de „drempel voor het bewijs van dwang bij aanranding en verkrachting betrekkelijk hoog is”. Een nieuwe wet moet dit veranderen. Ook als een slachtoffer niet hardop ‘nee’ zegt, maar de dader uit „de feiten en omstandigheden” had kunnen afleiden dat de ander niet wilde, moet dit strafbaar zijn. Hiervoor gaat een ‘onderzoeksplicht’ gelden. „Diegene die het (verdergaande) seksueel contact initieert” moet nagaan of de ander dat ook echt wil.

Grapperhaus’ wetsvoorstel is er nog niet. Maar uit zijn Kamerbrief blijkt dat hij minder verder wil gaan dan bijvoorbeeld Zweden, waar sekspartners sinds vorig jaar hardop moeten uitspreken dat ze hiermee instemmen. Net als in Spanje kwam die aanscherping er na een geruchtmakende zedenzaak, in 2013. Drie jongens van 19 hadden op een feestje met een 15-jarig meisje seks, waarbij ze ook een wijnfles in haar vagina inbrachten. Het meisje probeerde vergeefs haar benen gesloten te houden. De jongens stopten pas toen ze begon te bloeden.

Lees ook deze reportage op vliegveld Eindhoven waarvandaan examenleerlingen op vakantie vertrekken: Nee is nee, ook in Cherso

De rechtbank achtte het relaas van het meisje geloofwaardig, maar sprak de verdachten vrij omdat, zo stelde het vonnis, „mensen die seks bedrijven soms op spontane wijze dingen met elkaars lichamen doen, zonder toestemming te vragen”. Het meisje had haar benen gesloten uit „bescheidenheid” of omdat ze eerst twijfelde, oordeelde de rechtbank. Na grote ophef over deze en andere vrijspraken, werd een commissie in het leven geroepen die de mogelijkheden voor een nieuwe wet moest onderzoeken.

In 2018 werd de nieuwe Zweedse ‘sekswet’ van kracht. Deze maakt seksuele handelingen zonder nadrukkelijke toestemming strafbaar. „Je moet aan de persoon met wie je seks wilt, vragen of die ook wil. Ben je er niet zeker van, moet je het laten”, zei premier Löfven.

Omgekeerde bewijslast

Grapperhaus heeft gekeken naar voorbeelden in „andere landen” , schreef hij de Kamer. Maar aan een model rond expliciete toestemming kleven ook nadelen, stelt hij, „met name op het punt van de uitvoerbaarheid.”

Die nadelen kwamen ook rond de Zweedse sekswet ter sprake. Deze werd met ruime meerderheid aangenomen, maar politici spraken twijfel uit of het tot meer veroordelingen zou leiden. „Gewoonlijk zijn alleen het slachtoffer en de dader aanwezig, wat het lastig maakt bewijs te produceren”, stelde de centrumrechtse parlementariër Helena Bouveng. Zo blijft het iemands woord tegen dat van een ander.

Dat laatste is juridisch alleen te ondervangen door de bewijslast om te draaien. Dan moet niet langer het slachtoffer bewijzen dat zij (of hij) ‘nee’ zei, maar de dader moet aantonen dat zijn (of haar) vermeende slachtoffer ‘ja’ zei. Dat zou echter botsen op een pijler onder menig moderne rechtsstaat: de onschuldpresumptie. Iemand is onschuldig tot het tegendeel is bewezen. Ook de Zweedse wet of het Spaanse voorstel legt de bewijslast niet bij de dader.

Dit is al wel aan het verschuiven in de VS, waar het debat over seks met instemming vooral op campussen fel woedt. Sommige universiteiten introduceerden regels waarin een „overwicht aan bewijs” volstaat voor een straf of schorsing – een lagere drempel dan in gewone misdaadzaken. Dit zet de onschuldpresumptie onder druk, stellen critici. Rechters delen die kritiek: bestrafte studenten vechten sancties relatief vaak succesvol aan.

Lees ook: Zonder een duidelijk ja is het nu nej

De Zweedse wet leidde al tot een enkele veroordeling, maar het is wachten op bindende jurisprudentie. In de tussentijd kan ze volgens voorstanders ook al effect sorteren. Slachtoffers zullen sneller aangifte durven doen, stellen zij. Ook degenen die verstijfden: volgens sommige onderzoeken vertonen zeven op de tien slachtoffers zulke „tonische immobiliteit”. Hun aangifte zal door politie en justitie eerder serieus genomen worden, wat weer kan bijdragen aan effectievere vervolging van de dader.

Ook kan een andere wet zorgen voor een omslag in het denken, omdat het gesprek over seks eerder en duidelijker gevoerd wordt. Daarom wil Grapperhaus de aanstaande Nederlandse wijziging vergezeld laten gaan van „voorlichting over het respecteren, het verbaal en fysiek uiten, herkennen en bespreken van seksuele grenzen”.

Apps en condoomdoosjes

Toch zullen vrijpartijen soms verwarrend blijven en – zeker achteraf – door deelnemers anders uitgelegd worden. Er zijn ook niet-juridische manieren dat te voorkomen. Zo zijn er apps waarmee bedpartners vooraf in een contract vastleggen hoe ver ze met elkaar gaan.

En in Argentinië werd een condoomdoosje gelanceerd dat door een vernuftige vergrendeling alleen met vier handen te openen is. Tegen verkrachting beschermt het niet, erkende de bedenker. „Maar het doosje samen openen, kan het idee aanjagen dat genieten van seks alleen mogelijk is als je beiden instemt.”

Correctie (24 mei 2019) In een eerdere versie van dit artikel stond dat minister Grapperhaus lid is van de VVD. Dat moet het CDA zijn. De tekst is aangepast.