Het klimaat splijt België nog meer in tweeën

Nationale verkiezingen Het klimaat is zondag bij de stembusgang in België een van de belangrijkste thema’s. Een uitgelezen kans voor de partijen Groen en Écolo. Maar rechts heeft het liever over de kosten. Met succes.

In het filerijke België – hier de Wetstraat in Brussel – is het klimaat verkiezingsthema
In het filerijke België – hier de Wetstraat in Brussel – is het klimaat verkiezingsthema Foto Olivier Hoslet/EPA

Van zijn huis naar zijn werk is het zestien kilometer. Twintig minuten met de auto. Twee uur met het openbaar vervoer. Keuze gemaakt dus? Nee hoor, vertelt Peter Geukens enthousiast. „Ik kocht onlangs een elektrische fiets. Dat duurt wat langer, veertig minuten, maar dan spaar je het milieu wel.”

De breed lachende 58-jarige is afgekomen op een van de laatste ‘meet-ups’ van de Vlaamse groene partij voor de verkiezingen. In de zaal, normaal een hippe coworking space in het centrum van Antwerpen, een honderdtal andere kiezers, plus de kopstukken van de partij, een doventolk en een ceremoniemeester. Groen, zo straalt de op GroenLinks geïnspireerde bijeenkomst uit, is hot.

Terwijl in heel de Europese Unie kiezers naar de stembus trekken, zijn ze in België vooral met die ándere verkiezingen bezig: zondag stemmen ze behalve voor Europa ook voor het landelijke parlement en de deelstaten. Het klimaat was tijdens de vrij tam gebleven verkiezingscampagne een van de belangrijkste thema’s. Mede dankzij de duizenden voor het klimaat spijbelende scholieren van de laatste maanden, lijken steeds meer Belgen, autorijders pur sang, wakker geschud. Voor de groene partijen, Groen in Vlaanderen en Écolo in Franstalig België, is grote winst voorspeld, nadat ze bij de gemeenteraadsverkiezingen in oktober al een historisch resultaat behaalden. Het doel van de twee partijen, die ook onderling samenwerken: regeringsdeelname.

Lees ook dit interview met de 17-jarige klimaatactiviste Anuna De Wever: ‘Wij zijn de laatste generatie die wél nog iets aan het klimaat kan doen’

Luchtvervuiling

België worstelt met luchtvervuiling, lange files en een gebrek aan groen. De oorzaak is voor een aanzienlijk deel te vinden in de problematische ruimtelijke ordening van het land. Vlaams Bouwmeester Leo Van Broeck legt, in het gebouw van de stadsadministratie ‘Den Bell’ in Antwerpen, uit: veel Belgen zijn sinds de jaren zestig aangemoedigd „op den buiten” te gaan wonen. „60 procent van de Vlamingen woont daardoor niet in een dorp- of stadskern. Ze wonen in een boerderette ergens in ‘suburbaan’ gebied. We hebben de meest verkruimelde kaart ter wereld.”

Dat verspreid wonen brengt grote kosten met zich mee. Naar elk huis moet infrastructuur – wegen, energie, kabels – worden aangelegd. Voor het openbaar vervoer is het onmogelijk of te duur om alle locaties te bereiken. En dat maakt het autogebruik onverminderd populair. Het resultaat: „Het hoogste aantal uren file per werknemer en wereldrecord aan kilometer weg per woning, een gigantisch grote autoverkoop, hoge concentraties fijn stof en een gebrek aan echte natuur.”

Voor Van Broeck, die het architectuurbeleid in Vlaanderen en dus ook de ruimtelijke ordening moet vormgeven, is het duidelijk: „Dit is simpelweg een disfunctioneel ruimtelijk model. Logisch dat het dus anders moet.” De Belg moet om te beginnen terug naar de stads- en dorpskern, en uit de auto.

De politieke partijen verschillen sterk van mening over hoe dat precies moet. Voor Groen-kiezer Peter Geukens is het vanzelfsprekend dat de nog altijd gesubsidieerde auto van de zaak en pasjes waarmee onbeperkt getankt kan worden „een vrijbrief zijn om meer te rijden”. Dus afschaffen, vindt de Groen-kiezer. Op open groene ruimte zou niet meer gebouwd moeten worden. Inleveren hoort erbij. Mensen zijn „te individualistisch geworden”, vindt een andere aanwezige op de meet-up, de 26-jarige Ikram Annouri. „Een leefbare stad, een goede toekomst voor onze kinderen. Iedereen zou zich daar druk over moeten maken.”

Maar de groene partijen hebben last van het frame dat de Belg straks inderdaad moet inleveren. Aan de rechter zijde van het politieke spectrum wordt succes geboekt met een discours dat de nadruk legt op de kosten van groen beleid. De ‘gewone man’, zo pareren andere partijen, wordt benadeeld door de groene plannen – een uitspraak waarmee Klaas Dijkhoff (VVD) in Nederland ook de aandacht trok in de klimaatdiscussie. De Vlaams-nationalisten van de N-VA bombardeerden Groen tot staatsvijand nummer 1: de partij zou een „belastingtsunami” op de gewone man laten afkomen.

‘Wij zijn de lastercampagnes beu’

Op een klimaatdebat in Gent, een paar dagen voor de parlementsverkiezingen, wordt duidelijk dat dit geluid beklijft. Deze generatie kan niet alles op z’n nek nemen, stelt de liberale Open VLD daar over de toekomst. Bosko Vujit(53), wiens witte overhemd na de bijeenkomst nog vers gestreken oogt, vertelt waarom hij op die partij zal stemmen: „Al die ingrepen kosten geld. Je kunt niet zomaar alles in één keer doorvoeren, je moet het stap voor stap doen om de mensen achter je te krijgen.”

De groenen probeerden zich de laatste weken tegen dit beeld te verzetten. De liberalen moeten stoppen met fake news, viel Écolo uit. „Wij zijn de lastercampagnes echt beu”, verdedigde Groen zich. Uit doorrekeningen blijkt dat koopkracht met hun programma helemaal niet zou dalen, benadrukken ze telkens. Toch dalen de groene partijen nu in de peilingen. ‘Hebben ze te vroeg gepiekt?’, vragen de Belgische kranten zich af. De topfavorieten lijken in aanloop naar zondag in elk geval minder zeker van een doorbraak.