De jaren vijftig waren een heerlijk decennium. Als je een man was

Zap ‘Onder de glazen stolp’ vertelt het verhaal van Sylvia Plath (1932-1963) die ontdekte hoe beperkt de mogelijkheden van een vrouw in de literatuur en journalistiek waren.

Eigenlijk heeft elke politieke partij zijn eigen oerdecennium. Zo zag ik de exitpoll van de Europese verkiezingen als een verrassende overwinning voor de jaren 70 (PvdA, 5 zetels), gevolgd door de jaren 80 (VVD, 4 zetels) en de jaren 50 (CDA, 4 zetels). De jaren 90 (D66, 2 zetels) kregen harde klappen. Bij de drie zetels voor Forum voor Democratie schoot me zo snel geen decennium te binnen.

Mijn plotselinge decenniumobsessie was gevoed door De (h)eerlijke jaren 50, dat door de NTR werd uitgezonden terwijl Simone Weimans en Dionne Stax (zonder mannen, een kleine mijlpaal) NOS Nederland kiest: het stemmen presenteerden. Ze deden dat vlekkeloos, maar een exitpollavond wordt nooit een uitslagenavond.

De jaren vijftig dus. Achter de angstaanjagend oubollige titel bleek een heel aardig programma schuil te gaan. Gestut door polygoonbeelden (die nostalgisch maken naar hoe je in de jaren zeventig oude polygoonbeelden over de jaren vijftig zag), maar ook met mooie getuigenissen van nu levende mensen. Zoals de man die, opgroeiend in een goed communistisch Zaans nest, als kind De waarheid rondbracht. Hij moest achterom, omdat in de straat ‘de gleufhoeden’ stonden, speurend naar staatsgevaarlijke elementen.

Het was ook het decennium waarin het aantal zelfbedieningszaken in Nederland groeide van 23 naar 2252: „Eenmaal aan zelfbediening gewend kunt u zich niet meer voorstellen dat u ooit anders heeft gedaan”, werd de Zaanse huisvrouw voorgehouden.

„De twintigste eeuw was de eeuw van de huisvrouw”, zei Anouk de Wit, directeur van het Van Eesteren Museum. De huisvrouw moest niet alleen poetsen en voeden, maar was ook de eerste verdedigingslinie van de maatschappij tegen het zedelijk verval.

„De jaren vijftig waren een heerlijk decennium. Als je een man was.” Die uitspraak kwam niet uit het NTR-programma, maar uit het later op de avond door dezelfde omroep uitgezonden Sylvia Plath – Onder de glazen stolp. Over het leven, het werk en de zelfmoord van Plath (1932-1963) is al veel gezegd en geschreven. In de BBC-documentaire wordt het leven van Plath in de eerste plaats afgezet tegen de vraag hoe het was om een talentvolle en ambitieuze vrouw te zijn in de jaren vijftig. „Voor vrouwen was de Amerikaanse droom een gevangenis”, klinkt het al meteen aan het begin.

„Ik weet dat ik geen man kan worden”, schreef Plath. „Mijn enige vrijheid bestaat uit het kiezen of afwijzen van een partner.”

Het leverde een mooie film op, met veel verhalen van jeugdvriendinnen en -vrienden van Plath en met haar dochter, die over Plaths autobiografische roman The Bell Jar zei dat ze dat boek het liefst zou ontschrijven. Plath wilde de wereld in, ging naar het prestigieuze Smith College, maar zelfs de talentvolste jonge vrouwen van Amerika werd voorgehouden dat ze hun mannen zekerheid moesten bieden. „Ik weet dat ik geen man kan worden”, schreef Plath. „Mijn enige vrijheid bestaat uit het kiezen of afwijzen van een partner.”

Zo vertelt Onder de glazen stolp het verhaal van een op studentenfoto’s stralende vrouw, die ontdekte hoe beperkt de mogelijkheden van een vrouw in de literatuur en journalistiek waren. Ze kreeg een ernstige depressie, herstelde, werd alsnog een beroemd auteur, tot haar ziekte terugkeerde.

Een oud-klasgenote van Plath raakt nog altijd ontroerd als ze vertelt hoe er in 2000 een plaquette ter ere van Plath werd onthuld op Smith College. Er staat een citaat op van de jonge Plath dat eraan herinnert dat persoonlijke ontwikkeling voor vrouwen decennialang niet vanzelfsprekend is geweest: „Ik schrijf omdat er in mij een stem is die niet stil te krijgen is.”

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.