Een papaverveld in de Afghaanse provincie Helmand. „Als de poppy’s geoogst moeten worden, zetten die warlords al hun mensen in. Die hebben dan geen tijd om te vechten. Dus je weet dat de Taliban in oogsttijd weinig actief zijn.”

Foto Watan Yar/EPA

Hapklare info voor de strijd

Jos Brouns Kolonel Waarom liggen bermbommen op die ene plek? En waarom gaat ’s nachts het gsm-netwerk uit? JISTARC weet het.

Een commandant van een Nederlandse eenheid in Afghanistan was zeer van slag, nadat in twee dagen tijd twee van zijn militairen waren overleden door een improvised explosive device (IED), ‘bermbom’ in de volksmond. Was de eenheid het doelwit van rebellengroepen? Ja, dacht de commandant, en dus overwoog hij een operatie tegen een lokale krijgsheer die de bommen waarschijnlijk had neergelegd.

Lees ook het achtergrondverhaal bij deze productie: Met big data kun je in een oorlog de vijand verslaan

„Maar wij zijn ter plekke gaan kijken en die ontplofte bommen bleken allemaal aan de rand van papavervelden te liggen, in de oogsttijd. Die bommen waren waarschijnlijk niet bedoeld voor de militairen, maar voor papaverdieven of concurrenten”, vertelt de militaire inlichtingenexpert Jos Brouns. „Dus hebben we hem een actie uit het hoofd gepraat, want die zou waarschijnlijk contraproductief zijn geweest.”

Die ontplofte bommen bleken allemaal aan de rand van papavervelden te liggen

Kolonel Brouns is de baas van JISTARC. Dit onderdeel van de landmacht verzamelt inlichtingen rond militaire operaties zoals missies en oefeningen. De 800 militairen hebben hun hoofdkwartier in kazerne ’t Harde, maar zijn overal waar Nederlandse eenheden opereren – van Afghanistan tot Mali. Elke commandant van elke eenheid raadpleegt voor elke operatie eerst de aanwezige JISARC-man of -vrouw en neemt dan pas een besluit. „We zijn leveranciers van inzicht en leveren de informatie in hapklare brokken.” Subcommandant Hans, die om veiligheidsredenen niet met zijn achternaam in de krant mag, voegt toe: „Zo verkleinen wij de onzekerheid van een commandant bij een operatie in een crisisgebied.”

De eenheid verzamelt informatie over een gebied met vijf verschillende diensten. Een dienst onderzoekt openbare bronnen, zoals Google Earth of data van de Wereldbank. De elektromagnetische dienst pikt signalen van communicatienetwerken op en kan bijvoorbeeld uitpeilen waar iemand zich bevindt. Een lichte verkenningseenheid wint ter plekke inlichtingen in, bijvoorbeeld door met een pantservoertuig een gebied in te rijden. De eenheid human intelligence voert gesprekken met personen, krijgsgevangenen of vertegenwoordigers van de lokale bevolking. En dan zijn er nog de drones, die over grote afstand beelden van een gebied doorgeven.

Zo ontstaat er een beeld van de geografie – bergen, rivieren –, van het politieke en ambtelijke systeem en van de bevolking met de infrastructuur en de lokale economie. Brouns: „In Afghanistan is de papaverteelt de belangrijkste bron van inkomsten, ook van lokale krijgsheren. Als de poppy’s geoogst moeten worden, zetten die warlords al hun mensen in. Die hebben dan geen tijd om te vechten. Dus je weet dat de Taliban in oogsttijd weinig actief zijn.”

In de analyse staat ook informatie over de tegenstander: doelen, organisatie, capaciteit, activiteit. En dan wordt de analyse aangevuld met informatie waar de commandant specifiek behoefte aan heeft. Subcommandant Hans: „Die wil bijvoorbeeld weten of een bepaalde brug er nog is. Dan tekenen we een beslissingsboom op een whiteboard. De brug is er wel/niet/beschadigd, en in de laatste twee gevallen gaan we hem repareren of zelf bouwen. Als we dat doen, wat moeten we dan weten?”

Het bouwen van een school kan onze informatiepositie enorm verbeteren

Uiteindelijk komt alle informatie in een database en wordt geëvalueerd. Brouns: „Bijvoorbeeld of de brug nog goed is. Soms heb je zelf iemand ter plaatse en heb je de meest betrouwbare informatie. Maar je kunt soms bellen met de brugwachter, maar wat weet je van hem? Hoort die bij de dreigingsactor? Bij een neutrale groep, maar misschien toch met een belang? Dat is niet erg als-ie een recente selfie bij de brug stuurt, liefst twee keer, met actuele metadata.”

Niet alles is even makkelijk te doorgronden, zoals het gebruik van gsm-netwerken. Die bieden rebellengroepen mogelijkheden tot communicatie, maar maakt hen ook kwetsbaar voor elektromagnetische opsporing. De Taliban verordonneerde dat de gsm-masten in Afghanistan ’s nachts werden platgelegd. Maar waarom? Hans: „De Taliban gebruikten gsm’s om IED’s te activeren. Het maken van IED’s is riskant, maar een stuk minder riskant als het hele netwerk eruit ligt. Daarom moest het netwerk plat, denken we tenminste.”

Om dit soort dingen te snappen is ‘human intelligence’ onontbeerlijk, ofwel een bevolking die informatie wil delen. Brouns: „Het bouwen van een school of het slaan van een put kan enorm helpen bij het verbeteren van onze informatiepositie. Het komt voor dat we bij de commandant erop aandringen dat hij deze activiteit vervroegt – en dat gebeurt dan doorgaans ook. We merken dat dan meteen in de hoeveelheid tips die we krijgen.”

Je moet het vergelijken met zeeslag of Stratego

Burgerslachtoffers verslechteren de informatiepositie juist. Hans: „Daarom maken we vóór een operatie ook altijd een analyse van de kans daarop. Commandanten nemen dat mee in hun besluit over de operatie.” En als er een operatie komt, gaat die gepaard met zo min mogelijk schieten of bommen gooien.

Doet dit hele spel niet denken aan schaken? Brouns: „Nee, op het schaakbord kun je altijd de hele situatie overzien. Je moet het vergelijken met zeeslag of Stratego, waar je niet kunt zien wat je tegenstander ziet. Of Risk, waarbij de kaartjes omgedraaid liggen. Je hebt heel veel informatie niet en weet niet wat de tegenstander precies heeft en weet.”