Angst bewoners Amsterdam-Zuid lijkt terecht: kelders leiden tot problemen grondwater

Talk of the Town Bewoners vreesden het al en een rapport lijkt ze nu gelijk te geven: onderkeldering kan leiden tot verzakkingen en rottende palen.

Foto Lucy Lambriex

Aggie Niewint stapt haar tuin in en spreidt haar armen. Zó ziet mijn tuin er nu uit, zegt ze: een keurig grasmatje, schone tegeltjes, gesnoeide planten, in hartje Oud-Zuid, Amsterdam. Maar als ze hiernaast de kelder verdiepen, zegt Nieuwint – ze wijst naar overburen en kijkt er vies bij –, „dan dreigt mijn tuin een zwembad te worden als het regent”.

Onderkeldering, heet het in jargon. De aanleg of verdieping van een kelder om meer ruimte te creëren. Afgekeken uit Londen en nu alweer enige tijd ook een grote hit in Oud-Zuid en West. In de Van Breestraat, pal achter het Concertgebouw, graven werklui om de zoveel meter kelders uit. Een trucje van de projectontwikkelaars, weet Niewint. Want diepere kelderbakken – een gecompliceerde klus die tienduizenden euro’s kost, waarbij de zandlaag wordt afgegraven en er een bodem cement op de fundering wordt gelegd – leveren extra ruimte op, synoniem voor een hogere verkoopprijs. En in Amsterdam, waar mensen vechten om een huis, betekent dat: kassa! De gemeente geeft bovendien constant toestemming voor bouwvergunningen. Dus: waarom zou je het niet doen?

Regenwater kan niet door cementlaag

Daar is Niewint duidelijk over. De aanleg van de vele kelders „verandert de waterhuishouding”. Door de laag cement die in de nieuwe kelders wordt gestort, vindt het regenwater geen doorgang meer. Ze overweegt bezwaar aan te tekenen tegen de kelderaanleg van haar ‘buren’ en heeft al contact met een advocaat.

Ook stankoverlast ligt op de loer, vult Rudolf Dekker aan. Dekker is een bekend gezicht in Oud-Zuid: hij leidt al een paar jaar het verzet tegen de „bouwwoede” in zijn buurt, aangericht door projectontwikkelaars – „bouwcowboys” noemt hij ze. Die kopen panden op, strippen ze compleet, delen ze op in kleinere ruimtes en verkopen ze weer door. In de Memo Bouwdynamiek aan de leden van de stadsdeelcommissie Zuid stond al: verbouwingen vinden plaats om wooncomfort te verbeteren, „maar ook uit puur speculatieve overwegingen waarbij er een jacht lijkt te zijn op zoveel mogelijk vierkante meters realiseren”. Sommige buurtbewoners hadden er genoeg van, zegt Dekker: die waren het zat om „in een bouwput” te leven met constante geluidsoverlast; ze ontvluchtten de buurt.

Verzakkingen, hout gaat rotten

Dekker en Niewint voelen zich gesterkt door de bevindingen uit een rapport van Waternet en de gemeente Amsterdam uit maart dit jaar. Daarin staat dat de effecten van kelderbouw op „middellange termijn tot lange termijn” tot „ernstige grondwateroverlastsituaties” kunnen leiden. Zo lopen aangrenzende tuinen en het huis zelf het risico om te verzakken, doordat er te veel grondwater wordt weggepompt tijdens de graafoperatie. En bij de palen waarop de huizen gebouwd zijn kan het hout gaan rotten.

Door de laag cement die in de nieuwe kelders wordt gestort, vindt het regenwater geen doorgang meer

In het rapport staat dat het helderder moet worden wanneer een kelder wel of niet aangelegd mag worden. De kelders moeten bovendien „grondwaterneutraal” worden gebouwd, waardoor het grondwater „ongehinderd kan blijven stromen”. Vorige week sprak Pim Vermeulen, eveneens wonend in Oud-Zuid, nog in bij het nieuwe algemene bestuur van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV). Hij hamerde op de uitkomsten van het Waternet-rapport en benadrukte de verloren „sponswerking” van de grond door de aanleg van kelders. Als het aan Dekker ligt komt er „per direct een bouwstop”.

Lees ook: Het is oorlog in de Vondelstraat. De buurman verbouwt

Stadsdeelvoorzitter Sebastiaan Capel voelt daar weinig voor. Een bouwstop, zegt Capel, is nooit goed voor de stad, die moet zich blijven ontwikkelen. Capel snapt de frustraties van de bewoners, maar bestrijdt de verhalen dat de gemeente projectontwikkelaars te veel hun gang laat gaan. „Wij matsen de projectontwikkelaars niet”, zegt hij. „Onze handhavers toetsen of aan de geldende regelgeving wordt voldaan en dat is bijna altijd het geval.” Hij wacht de reactie op het rapport af van GroenLinks-wethouder Marieke van Doorninck. Wel denkt hij dat aanvragers in de toekomst „met nog meer bewijslast” moeten aantonen dat de aanleg van een kelder de waterhuishouding niet schaadt, en dat deze een „toegevoegde waarde” heeft.

In de Van Breestraat stopt Rudolf Dekker voor een huis waar werklui in de kelder bezig zijn. Een grote container gevuld met zand, de waterpomp draait overuren. Wat de mannen doen? Jolig: „Ik zoek een schat.” Die gaat hij binnen niet vinden, zegt Dekker; die zit al in de verkoop van het pand.