Zo komen thuiszitters thuis te zitten

Speciaal onderwijs Binnenkort spreekt de Rotterdamse raad over het sluiten van autistenschool Acato. Hoe heeft het zo ver kunnen komen?

Oprichter van Acato Sas Boot
Oprichter van Acato Sas Boot Foto Jan de Groen

Schooltje Acato begint in 2014 met één leerling; de 18-jarige dochter van oprichter Sas Boot. De tiener kan niet aarden op een bestaande school en zit bijna een jaar thuis. Tekenen en schilderen kan ze juist wel goed. Boot besluit daarom zelf leraren in te huren.

Het schooltje groeit in vijf jaar uit tot een succes. 30 leerlingen (achttien minderjarigen en twaalf 18-plussers) volgen er lessen tekenen, sport en koken, maar ook engels en wiskunde. Wanhopige ouders zijn opgelucht dat er eindelijk een plek is voor hun thuiszittende kind met autisme. Op 26 maart beëindigt de gemeente Rotterdam echter abrupt de samenwerking met Acato. De school moet 1 mei dicht. De meeste kinderen zitten, tot wanhoop van hun ouders, weer thuis. Hoe kon het zover komen?

Acato zit tussen zorg en onderwijs in. „Wij zijn iets nieuws”, zegt Boot. „Daar bestaat nog geen wetgeving voor.” Moeder Henriëtte Staarthof zocht precies zo’n plek voor haar twee zoons van 12 en 15 jaar. „Onderwijs vinden wij belangrijk, maar eerst hadden ze een plek nodig waar ze zich veilig voelden.” Haar oudste zoon zit een jaar thuis, de jongste gaat af en aan naar school. Bij Acato gaat het wél goed. „Ze kregen een ritme en leerden wennen aan andere kinderen.”

Opinie: Gemeente had ons, ouders moeten raadplegen over sluiting school

Die combinatie zorg en onderwijs zorgt echter ook voor problemen. Neem de financiering. Onderwijs wordt bekostigd vanuit het Rijk. Zorg en dagbesteding krijgen de ouders van de gemeente als Persoonsgebonden Budget (PGB). Boot probeert vanaf 2018 een onderwijsinstelling te vinden die samen wil werken met Acato. „Zodat wij de leerlingen opvangen die bij hen buiten de boot vallen en zij ons helpen met het onderwijs en de bekostiging.”

Proef met jeugdhulp

Afspraken met scholenkoepel BOOR gaan uiteindelijk niet door. „We werden teruggefloten door de onderwijsinspectie omdat er geen onderwijsgeld besteed mag worden aan zorg”, zegt een woordvoerder van BOOR. Officieel past het bijzondere schooltje dus niet binnen de onderwijswetgeving, schrijft de gemeente. „Acato kan geen door het Rijk bekostigde school worden en wil geen particuliere school worden”, staat in een brief aan de raad. „Acato (…) kon daarom niet de verantwoordelijkheid dragen voor het bieden van onderwijs.” Een alternatief is het ontwikkelen van een proef waarbij Acato de kinderen jeugdhulp biedt. Daartoe moet het schooltje zich binnen enkele maanden omvormen tot een „zorgaanbieder conform de jeugdwet”, schrijft de gemeente in december. Dan kunnen leerlingen PGB krijgen om het schooltje deels te bekostigen.

Ongeveer drie maanden later beëindigt de gemeente echter de samenwerking. Acato voldoet niet aan de kwaliteitseisen en de veiligheid van de kinderen is niet geborgd, schrijft het college op vragen van de verontwaardigde oppositie. Een aansprakelijkheidsverzekering zou ontbreken, net als een verplichte VOG voor alle medewerkers. Daarnaast moet Acato stoppen met het toepassen van fysieke, vrijheidsbeperkende maatregelen. „VOG’s en verzekeringen hebben we al”, zegt Boot daarover. „En wij houden de kinderen nooit vast. Het idee alleen al.” Moeder Els de Rijke, die afgelopen woensdag insprak in de commissie, heeft het echter over een autistisch kind dat „uit zijn plaat ging” en kort werd vastgehouden om tot rust te komen.

Gemeente zet streep door nét gemaakte afspraken

Volgens initiatiefnemer Boot en bestuursvoorzitter Marc van Staveren komt het opzeggen van de samenwerking als een grote, nare verrassing. „Er is niet mét, maar alleen over ons gesproken”, zegt Van Staveren: „Niemand van de gemeente is ooit op Acato komen kijken.” Hij zegt dat de sluiting traumatisch is voor de kwetsbare kinderen.

De gemeente zegt toe dat vanaf 6 mei, direct na de meivakantie, opvang en onderwijs geregeld is op dezelfde locatie „met zoveel mogelijk dezelfde dagactiviteiten”. Het stadsbestuur belooft de ouders dat Pameijer, MEE, KoersVO en BOOR de opvang en het onderwijs voor de kinderen overnemen. „Er is inderdaad een vervangend aanbod”, bevestigt Staarthof. Toch houdt zij, net als de meeste ouders, haar kinderen thuis. „Alles wat Acato zo bijzonder maakte, is verdwenen”, zegt ze. „De methodiek, de sfeer en de bejegening van de kinderen. Die zijn in een klap weg.”

Afglijden

De ouders en hun kinderen zijn de dupe, zeggen ze. „Ouders zien hun kind afglijden. Kinderen gamen de hele nacht en eten op de gekste tijden”, zegt Staarthof. „Dat heeft invloed op het hele gezin. En alternatieven voor onze kinderen zijn er niet.’’

Eerder deze maand bereikt het vertrouwen tussen ouders en gemeente een nieuw dieptepunt. 25 ouders en twee leerlingen gaan op 7 mei in gesprek met ambtenaar Onno de Zwart, directeur Jeugdhulp. Ombudsman Anne Mieke Zwaneveld leidt de vergadering. De ouders gaan na afloop met een goed gevoel naar huis. Afgesproken wordt dat de kinderen op 13 mei weer naar school kunnen mét de huidige medewerkers en vrijwilligers.

Maar dan zet wethouder Judith Bokhove (Jeugdhulp, GroenLinks) anderhalve dag later ineens een streep door de afspraken. „Ik kreeg een appje; alle afspraken van dinsdagavond zijn van tafel geveegd”, zegt Staarthof. „Ik trilde toen ik het las.” Raadslid Ruud van der Velden (PvdD) noemt de ingreep „onbegrijpelijk” en „schandalig”. Ook ombudsman Zwaneveld is „verbijsterd” over het ingrijpen van Bokhove, zei ze woensdag in de raadscommissie. „In de afspraken is rekening gehouden met de zorgen en de noden van de gemeente.”

Bokhove laat weten dat de afspraken deels botsen met het besluit van het college om de samenwerking met Stichting Bloemfleur, waar Acato onder valt, te beëindigen. „De wethouders (Bokhove en Said Kasmi (onderwijs, D66), red.) begrijpen dat dit heel moeilijk is voor de ouders en kinderen, maar de kwaliteit van de jeugdhulp en de veiligheid van de kinderen staat voor ons voorop.”

Op de vraag hoe het nu verder moet, hebben Boot, Van der Velden, Staarthof en ook Zwaneveld geen antwoord. „Dit is heel zwaar”, zegt Staarthof. „Ik hoop dat we eruit komen met de gemeente, maar ik vraag me af of dat realistisch is.” De ombudsman spreekt van een ‘patstelling’. Op 6 juni spreekt de raad over Acato. Leefbaar Rotterdam en Nida zeggen dat de kinderen dan weer op school moeten zitten. „Anders willen we de wethouder overrulen”, zegt fractievoorzitter Nourdin el Ouali. „Zodat de afspraken van 7 mei alsnog worden gerespecteerd.”