Onderhandelen voor extra zetel

Eerste Kamer Maandag wordt bekend hoeveel zetels de partijen in de senaat krijgen. Er is veel rekenwerk en onderhandelen aan voorafgegaan.

Sinds de verkiezingsavond in maart is het rekenen bij partijen voor een extra zetel in Eerste Kamer niet opgehouden.
Sinds de verkiezingsavond in maart is het rekenen bij partijen voor een extra zetel in Eerste Kamer niet opgehouden. Foto Lex van Lieshout/ANP

Er klinkt gejuich na zijn speech, maar zelf is Gert-Jan Segers er niet gerust op. De ChristenUnie heeft deze avond weliswaar stemmen gewonnen bij de Provinciale Statenverkiezingen, maar wordt dat ook uitbetaald in een extra zetel in de Eerste Kamer? Segers verlaat regelmatig het zaaltje in Utrecht – waar zijn partij in maart bij elkaar is gekomen voor de verkiezingsavond – en loopt naar een achterkamertje. Daar zit een handvol medewerkers te rekenen: zit er een extra zetel in?

Lees ook: Van Statenverkiezingen naar zetels in de Eerste Kamer

Sinds die avond in maart is het rekenen met de uitslag op het Binnenhof niet opgehouden. Duidelijk is hoeveel Statenleden elke partij zeker heeft, maar er staan nog acht zetels op het spel: de restzetels.

Dat zit zo: de stem van Statenleden telt niet overal even zwaar mee. De weging is gebaseerd op het aantal inwoners, waardoor een stem uit Zuid-Holland 668 punten waard is, terwijl een Zeeuwse stem goed is voor 98 punten. Voor een senaatszetel zijn afgerond 2.303 punten nodig. Omdat partijen nooit precies het aantal punten voor een volle zetel halen, heeft elke partij punten ‘over’. Met die ‘restpunten’ kan worden gehandeld.

De rekenmeester

Zelfbenoemd kiesrechtdeskundige Hylke ten Cate is al dertig jaar met dat rekenspel bezig. En dat is niet zo ingewikkeld, stelt hij, want alles is uit te rekenen. Zodra de uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen binnen is, opent Ten Cate Excel. Daarin maakt hij een rekenmodel, waarin iedereen kan uitrekenen hoe de Eerste Kamerverkiezingen kunnen verlopen: je kunt met stemmen schuiven en direct het resultaat zien. Dit model publiceert hij online en mailt hij aan de fractievoorzitters van de Tweede Kamer. Een aantal partijen rekent met zijn model. Henk Otten, destijds nog beoogd fractievoorzitter van Forum voor Democratie, belde Ten Cate op. Hij wilde weten hoe het spelletje werkt.

Ten Cate legde Otten uit: FVD heeft de meeste stemmen gekregen bij de Provinciale Statenverkiezingen, maar er is een goede kans dat de partij in de Eerste Kamer niet de grootste wordt. Eén van de restzetels die naar FVD zou gaan, staat op het spel, net als de restzetel van de PvdA. VVD en ChristenUnie kunnen die zetels overnemen. Ten Cate laat het zien in zijn model: „Wat als ik een Zuid-Hollands Statenlid van het CDA op de VVD laat stemmen. Hmmm, dat is nog niet genoeg, nog 200 puntjes tekort. Dat is een middenprovincie, Overijssel – daar laten we D66 op VVD stemmen.”

En hop, de VVD wipt over FVD en PvdA heen. Nu de ChristenUnie nog. „Wat als we een CDA’er op de ChristenUnie laten stemmen? Dat werkt.” Dit is het scenario, stelt Ten Cate, waarmee elke partij rekent.

Den Haag

Oppositiepartijen gaan er inderdaad vanuit dat de coalitie zo’n scenario heeft afgesproken. Maar er worden ook vraagtekens bij gezet. Bijvoorbeeld dat D66 de ChristenUnie aan een extra zetel helpt. Dat is op de korte termijn goed voor de coalitie. Maar op de lange termijn, als het kabinet valt, kan het D66 benadelen. Want wat nou als er een medisch-ethisch onderwerp in de Eerste Kamer komt en de meerderheid hangt op één stem?

Ook als de coalitie het onderling afdekt, kan het mislopen. PvdA zegt genoeg steun te hebben om de restzetel vast te houden. Hoe precies, wil de partij niet zeggen. Zoals geen enkele partij iets concreet kwijt wil over de onderhandelingen, want daar zouden anderen op kunnen anticiperen.

Wat je wel hoort op het Binnenhof: iedereen praat met iedereen, hoe groot de inhoudelijke verschillen ook zijn. Elke partij zou met Denk willen spreken – hun Statenleden zijn goed voor ongeveer een halve zetel. Dat lijkt te weinig voor een eigen zetel, maar is genoeg om anderen aan een extra zetel te helpen. Ook is het onduidelijk wat FVD doet. Otten had de onderhandelingen op zich genomen, maar sinds hij uit de gratie viel, houdt hij zich daar niet meer mee bezig. Ten Cate had onlangs nog contact met Otten. Die wilde weten of hij ondanks het conflict met Baudet nog steeds verzekerd is van een zetel. Ten Cate kon hem gerust stellen. Rob Roos heeft binnen de FVD de rol van Otten overgenomen: hij moet de 13de zetel veiligstellen. Maar hij is als fractieleider in de Provinciale Staten van Zuid-Holland ook bezig met de coalitie-onderhandelingen in Zuid-Holland.

Ook andere oppositiepartijen proberen extra stemmen binnen te halen. Zij hebben weinig te bieden, maar kunnen wel een moreel appèl doen: als je ons helpt, dan kunnen we tegenwicht bieden aan FVD.

Lees ook: Handjeklap om restzetels voor de Eerste Kamer is begonnen

De provincie

Sommige partijen geven hun Statenleden een precieze steminstructie mee, om te voorkomen dat het misgaat. Met andere Statenleden is onderhandeld. Neem de provinciale partijen, die in principe op de Onafhankelijke Senaatsfractie (OSF) stemmen – die hebben samen genoeg stemmen voor een volle zetel in de Eerste Kamer. Landelijke partijen proberen stemmen van de OSF los te weken. SGP probeerde bijvoorbeeld de twee Statenleden van de Partij voor Zeeland om te praten, schreef de regionale krant De Eendrachtbode. Het verhaal klopt, bevestigt partijvoorzitter Marien Weststrate, wiens partij in het college van de gemeente Reimerswaal zit met de SGP. Het was dan ook SGP-fractievoorzitter in Reimerswaal Maarten Both die Weststrate benaderde: „Ik heb gezegd dat ik dat niet kan regelen, dat gaat via de OSF. Maar ik wilde wel een bemiddelende rol spelen.”

Maar Weststrate wilde er wel wat voor terug. „De liefde kan nooit van één kant komen.” De eis: een plek in het provinciebestuur – SGP zit daar aan de onderhandelingstafel. „Maar de SGP bleek wat halsstarriger te zijn dan ik dacht”, vertelt Weststrate. „Hun voorkeur ging uit naar de ChristenUnie, toen was het voor mij over.”

Dat je niet zomaar met een paar beloften de stemmen van provinciale partijen binnen kan halen, bewijst ook de Partij voor het Noorden (PvhN), met twee zetels in de provincie Groningen. Die partij laat één onderwerp leidend zijn in hun stem: gasboringen. Tot grote woede van de PvhN stemde de OSF voor de nieuwe mijnbouwwet, terwijl de Groningers fel tegen waren.

Partijvoorzitter Mariska Sloot van de PvhN wordt nu benaderd door kandidaat-senatoren die laag op de lijst staan en buiten hun partijbestuur om proberen voorkeursstemmen te regelen. Zij geven aan: zeg maar niets tegen het bestuur. „Dan beloven ze dat ze vier keer per jaar naar Groningen komen.” Sloot is ook niet te spreken over de manier waarop ze benaderd wordt. „Mensen die op een ongepaste tijd bellen, en blijven doordrammen als ik zeg dat ik een afspraak in moet.” Ze krijgt berichtjes via LinkedIn, of via de chatfunctie van Facebook. Sloot: „Dan zeg ik: stuur maar even een e-mail.”

Oppositie- of coalitiepartijen: allemaal zetten ze hun beste strategen en rekenmeesters in. Maar ze weten ook allemaal dat ze de controle maandag om 15.00 uur kwijt zijn. Dan leggen ze hun denkwerk in handen van de Statenleden en kunnen ze alleen maar hopen dat die het vele werk waarmaken.

Aanvulling (24 mei 2019): Rob Roos blijkt de rol van Henk Otten als onderhandelaar van FVD te hebben overgenomen. Dat is toegevoegd.