Groot onderzoek veiligheid panden met breedplaatvloer

Herkeuring Het kabinet wil dat honderden gebouwen met breedplaatvloeren opnieuw worden gekeurd, nadat een parkeergarage was ingestort.

Van zeker honderden, mogelijk duizenden, bestaande gebouwen met een zogenoemde breedplaatvloer moet opnieuw worden beoordeeld of ze veilig zijn. Dat blijkt uit aanbevelingen die minister Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken, D66) woensdag naar de Tweede Kamer heeft gestuurd.

Het gaat om gebouwen met grote ruimtes, zoals scholen, ziekenhuizen en kantoren die na 1999 zijn opgeleverd. Gebouwen van 70 meter of hoger moeten de hoogste prioriteit krijgen, net als gebouwen met vier bouwlagen die zijn bestemd voor mensen die niet gemakkelijk naar buiten kunnen, zoals ziekenhuizen en gevangenissen. Voor 2021 moeten deze gebouwen gekeurd zijn op veiligheid. Daarna komen de lagere gebouwen. Eigenaren krijgen een onderzoeksplicht.

De aanbeveling volgt uit een onderzoek naar de veiligheid van breedplaatvloeren door ingenieursbureau Hageman, in opdracht van het ministerie. Aanleiding was de gedeeltelijke instorting van de parkeergarage bij Eindhoven Airport in mei 2017. De parkeergarage was nog in aanbouw, er vielen geen slachtoffers.

Een breedplaatvloer is een prefab-vloer, al dan niet met gewichtsbesparende bollen erin, waarbij de bovenste laag beton op de bouwplaats wordt afgestort. Het rapport dat nu naar de Kamer is gestuurd, bevestigt wat eerder onderzoek al vaststelde. De breedplaatvloer in de parkeergarage bij Eindhoven brak omdat de twee lagen niet genoeg op elkaar ‘kleefden’. De aanbeveling, in vaktermen, is nu: let goed op of de krachten tussen de breedplaat en de gestorte laag erop voldoende zijn gewaarborgd.

Naar het rapport is lang uitgekeken door bouwers en vastgoedeigenaren. Nog steeds is voor een groot aantal gebouwen onduidelijk of ze echt veilig zijn. Het ministerie heeft een nieuw stappenplan met rekenregels opgesteld om dat te beoordelen.

Volgens het nieuwe stappenplan zal een flink aantal gebouwen opnieuw beoordeeld moeten worden. In eerdere aanbevelingen die kort na de instorting zijn rondgestuurd, stond dat gebouwen met breedplaatvloeren die van traditioneel beton waren gemaakt wel even konden wachten op maatregelen. Ook met breedplaten waarvan de onderste waren ‘opgeruwd’, hoefde voorlopig niks te gebeuren.

Dat is nu anders. Al deze gebouwen moeten opnieuw bekeken worden, en eigenaren moeten daarvoor meer gegevens aanleveren bij constructeurs dan voorheen.

Het is niet duidelijk om hoeveel gebouwen het gaat. „Er is geen register”, zegt Simon Wijte, hoogleraar betonconstructies en directielid van ingenieursbureau Hageman. Hij denkt, met een slag om de arm, dat het honderden of mogelijk duizenden gebouwen betreft. Evenmin zijn er schattingen van het aantal vloeren dat daarna versterking nodig heeft.

Hageman schrijft in het rapport dat het mankement met breedplaten in 2003 al aan het licht kwam in Deense studies. Dit heeft er niet toe geleid dat er anders werd gebouwd in Nederland. Ja, zegt hoogleraar Wijte daarover: „Dat vind ik ook wel jammer.”