Ferry de Haan: ‘Niet chic om Excelsior nu te verlaten’

Interview | Ferry de Haan, directeur Excelsior Ondanks de degradatie kunnen werknemers van Excelsior hun baan behouden, verwacht directeur Ferry de Haan. „Veel tijd om te treuren is er niet.”

Aanvaller Marcus Edwards treurt om de degradatie naar de eerste divisie, na het gelijkspel tegen RKC.
Aanvaller Marcus Edwards treurt om de degradatie naar de eerste divisie, na het gelijkspel tegen RKC. Foto ANP

Eén seizoen langer in de eredivisie en zijn club had geschiedenis geschreven. Op de seizoenkaarten van Excelsior stond het niet voor niks: writing history. Maar woensdagavond kon algemeen directeur Ferry de Haan een streep zetten door het beoogde clubrecord. Na het 1-1 gelijkspel tegen RKC en de eerdere 2-1 nederlaag in Waalwijk degradeerde de Rotterdamse club na vijf jaar op het hoogste niveau naar de eerste divisie.

Het is the day after. Hoe gaat zo’n dag?

„Niet te emotioneel, hoor. Ik was vroeg op de club. Heb toen met de technische staf gesproken, daarna een woordje voor de spelers gedaan voor ze met vakantie gaan. Daarna veel gesprekken gevoerd met personeel en veel vergaderen, dus veel tijd om te treuren was er niet. Zoals het er nu uitziet, heeft de degradatie geen gevolgen voor het kantoorpersoneel. Je kunt ook op een andere manier je kosten inperken, bijvoorbeeld bij de spelers. We hebben al geen megagrote organisatie [22 fte], dus als je dan verder snijdt, doet dat afbreuk aan je ambities. We willen toch zo snel mogelijk weer de eredivisie in.”

Waar wijt u de degradatie aan?

„Niet aan het tweeluik met RKC in elk geval. Qua karakter hadden we daarin wel anders thuis kunnen geven, maar het zit hem in de 34 wedstrijden daarvoor. We hebben het te vaak uit handen laten glippen. Hoe vaak hebben we wel niet een voorsprong weggegeven en vergaten we te scoren. Ook woensdag hadden we wel vijf keer kunnen scoren. Dat dat niet gebeurt, is exemplarisch voor dit seizoen.”

Wanneer voelde u: dit gaat verkeerd?

„Na de winterstop, in februari. Toen merkte ik dat er een negatieve tendens ontstond. Je probeert dat te doorbreken door vooral veel te praten met elkaar, om de rijen gesloten te houden, maar de spiraal was niet meer te doorbreken.”

In de zomer promoveerde Adrie Poldervaart van fysio tot hoofdtrainer. Begin april leverde hij zijn contract in. Hoe kijkt u terug op zijn aanstelling?

„Het is bekend hoe het met hem gelopen is. Aan het begin speelden we aanvallend, attractief voetbal en kregen we daar ook de complimenten voor. Om achteraf te zeggen dat de keuze voor hem niet goed heeft uitgepakt, is makkelijk praten. We hadden voor zijn komst gesprekken gevoerd met drie kandidaten. Toen dat niet doorging, hebben we doorgeschakeld. Adrie voldeed aan alle competenties die we verwachtten, behalve ervaring op het hoogste niveau. Of dat dan doorslaggevend voor de degradatie is geweest…”

De aanstelling van Adrie Poldervaart was verrassend. „Is dat een grap?”

Vreest u de eerste divisie? FC Twente keerde meteen terug, clubs als NEC en Roda JC zijn weggezakt.

„Tsja, dat zie ik ook. Als je vijf jaar eredivisie speelt, is dit niet wat je voor ogen hebt. Wij willen zo snel terugkeren, maar ik ga geen termijn verbinden per wanneer. Misschien is het één jaar, misschien een paar. Het moet vanuit onze eigen mogelijkheden gebeuren, dat weet ik wel.”

U zou nee hebben gezegd tegen een baan bij Feyenoord. Bestaat loyaliteit dan toch in het voetbal?

„Ik vond het qua timing niet chic om nu weg te gaan. Mijn collega-directielid Wouter Gudde is net naar FC Groningen vertrokken, en ik weet dat er mensen op de club zijn die de groei aan Excelsior aan ons twee toeschrijven. Aan die mensen wil ik loyaal blijven. Met mijn eigen ambities heeft dat niks te maken.”