Dag extra werken? Eerst kijken wat dat kost aan kinderopvang

Werk en gezin De kosten voor kinderopvang blijven stijgen. Dat raakt vooral lager opgeleide jonge ouders. Want de overheidstoeslag voor kinderopvang is begrensd.

Illustratie Studio NRC

In de ideale wereld zou Frank Schouren (37) vier dagen per week werken. Toen hij met zijn partner Lisa Vandeberg (36) en hun drie jonge kinderen vorig jaar naar een rustige, groene wijk in Nijmegen verhuisde, was dat ook het plan.

Maar daar is het nog niet van gekomen. Want een dag extra werken, betekent ook kinderopvang regelen. En die hebben ze in de huidige situatie nog nét niet nodig.

Vandeberg verdient met haar baan als universitair docent het meeste van de twee. Ze heeft een contract voor 32 uur. Op de dagen dat Schouren werkt, snelt zij om half vier naar huis, zodat hij naar zijn avondwerk in een restaurant kan.

Het stel zit aan de keukentafel. Voor hen een opengeklapte laptop met het huishoudboekje van vorig jaar. Lisa Vandeberg: „De vierde dag voor Frank had ons 260 euro extra per maand opgeleverd, maar ook 160 euro kosten aan kinderopvang.”

Dat zou hen dus netto 25 euro per extra werkdag opleveren voor het hele „spektakel” van kinderen aankleden, tassen pakken, wegbrengen en ophalen. En dat is het écht niet waard, vinden ze allebei. Dus werkt Schouren nog steeds drie dagen.

Schreeuwend tekort

Is de kinderopvang in Nederland te duur? Economen van ABN Amro gaven deze maand een alarmerend antwoord op die vraag.

De prijzen in de kinderopvang zijn in 2018 met 3 procent gestegen, aldus het rapport van de bank over de knelpunten in de kinderopvang. Bovendien is er een „schreeuwend tekort aan personeel” én geldt sinds dit jaar een nieuwe wet, die voorschrijft dat er één leider op elke drie, in plaats van vier, baby’s nodig is.

Hierdoor loopt het tekort nog verder op. Vooral ouders met hogere inkomens, die weinig toeslag ontvangen, zouden daar de dupe van zijn. En „als de ouders het niet meer kunnen betalen, dan blijft er nog maar één optie over: thuisblijven en zelf voor de kinderen zorgen”, schrijft ABN Amro.

„Als je een paar kinderen hebt, is de kinderopvang al snel een forse post in het huishoudbudget”, bevestigt ook Gjalt Jellesma, voorzitter van Boink, een belangengroep voor ouders met kinderen in de opvang.

Niet minder werken

Maar of ouders door stijgende kosten massaal minder gaan werken? „Dat niet”, zegt Jellesma stellig. „De vaste lasten moeten ook gewoon betaald worden. Dus dan ga je alles op alles zetten en allerlei constructies bedenken, om maar te kunnen blijven werken.”

Ook Lucy Kok van economisch onderzoeksbureau SEO wijst het idee dat ouders minder zouden gaan werken af. Ze onderzoekt de gevolgen van financiële prikkels in de zorg en sociale zekerheid, zoals de kinderopvangtoeslag die ouders van de overheid krijgen.

Uit onderzoek van het Centraal Planbureau (CPB) uit 2014 blijkt dat een stijging van de prijs maar een heel klein effect heeft op de arbeidsparticipatie. Dat effect bestaat bovendien enkel bij moeders.

„Vaders gaan in de regel niet minder werken”, zegt Kok. Als de kinderopvang voor 0- tot 3-jarigen 10 procent duurder wordt, neemt de arbeidsparticipatie van moeders met 0,9 procent af. Dezelfde prijsstijging in de opvang voor 4- tot 11-jarigen, betekent 0,3 procent minder moeders aan het werk.

Juist de mensen met een lager inkomen voelen de tarieven in de kinderopvang het sterkst

„Ouders zullen altijd éérst naar vervanging van de formele opvang zoeken”, zegt Kok. Opa’s, oma’s, andere familieleden of vrienden dus.

Janna Curfs (33), docent in het speciaal onderwijs, woont met haar partner en vier kinderen in Siebengewald, een dorpje op een minuut rijden van de Duitse grens. Een vriendin uit het buurland grapt vaak dat Curfs’ huis nét aan de verkeerde kant staat. Want als het op de kinderopvang aankomt, dan betaal je in Duitsland een stuk minder.

Het gezin van Curfs geeft netto 500 euro per maand uit aan twee dagen opvang voor hun vier kinderen door een gastouder aan huis. Toch heeft ze niet te klagen, vindt Curfs. Haar partner verdient bovenmodaal, dus hun gezamenlijk inkomen is hoog.

Verkeerde kant

„Gezinnen met een hoog inkomen zijn vaak mensen met een hoge opleiding. En dat zijn waarschijnlijk niet de mensen die minder zullen gaan werken als de prijzen stijgen”, zegt econoom Lucy Kok.

Janna Curfs is iemand die graag werkt, maar nu ook veel zélf bij de kinderen wil zijn. „Ik heb ambitie en wil ooit een coördinerende rol in het onderwijs, misschien in de directie”, vertelt ze. „Maar dat parkeren we nu.”

Curfs kiest ervoor om, tot de kinderen wat ouder zijn, twee dagen per week te werken en één dag betaald verlof op te nemen.

Het zijn juist de mensen met een lagere opleiding en lagere inkomsten die de prijsverhogingen in de kinderopvang gaan voelen. Want de overheidstoeslag voor kinderopvang, die iedere ouder in Nederland kan krijgen, is dan wel hoger voor lagere inkomens, maar die vergoeding heeft wél een maximum. Nu is dat bijvoorbeeld 8,02 euro per uur voor de dagopvang. Kost een kinderdagverblijf 40 cent per uur boven dat bedrag, dan is dat voor honderd procent voor rekening van de ouders. En daar hebben volgens Boink-voorzitter Jellesma vooral de ouders met lagere inkomens last van. „De eigen bijdrage kan zomaar verdubbelen als een instelling boven de maximale uurprijs zit”, zegt hij.

En dat gebeurt vaak, bleek vorig jaar uit onderzoek van Boink. Een kwart van de gemiddelde uurtarieven van kinderdagverblijven lag hoger dan de maximale vergoeding van toen. Voor buitenschoolse opvang was dat zelfs bij ruim de helft van de instellingen het geval. Cijfers van dit jaar zijn nog niet bekend, maar Jellesma verwacht eenzelfde trend.

Ongelijke inkomens

„Ik zou bij een extra dag die me financieel weinig oplevert nog denken: ik bouw aan mijn carrière”, zegt Lisa Vandeberg aan de keukentafel in Nijmegen. Dat carrièreperspectief heeft haar vriend in de horeca niet. Vandeberg heeft het idee dat zij als tweeverdieners met erg ongelijke inkomens aan het kortste eind trekken. „Het loont voor jou niet om meer te werken”, zegt ze tegen haar vriend, „dat geld gaat rechtstreeks naar de opvang.” Maar samen verdienen ze wél te veel voor een hogere toeslag.

Hoewel tweeverdieners dus niet zomaar minder zullen gaan werken, worden ze ook niet bepaald gestimuleerd om méér uren te maken, denkt Jellesma. „Het aantal gebruikers van kinderopvang is sinds de crisis weer toegenomen”, zegt hij, „maar het aantal uren kinderopvang niet”. Dat heeft alles te maken met de kinderopvangtoeslag, denkt Jellesma, waar de afgelopen jaren afwisselend op bezuinigd en in geïnvesteerd is.

„Wie denkt dat de opvang in de toekomst wellicht onbetaalbaar wordt, zal er niet helemaal op durven steunen.”

Correctie (24 mei 2019): In een eerdere versie van dit artikel stond dat Frank Schouren 36 is. Hij is 37. Ook stond er dat een extra werkdag hen netto 65 euro per dag had opgeleverd. Dat moet 25 euro zijn. Beide is hierboven aangepast.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.