Aanzienlijk minder bouwvergunningen aangevraagd voor woningen

Op basis van het aantal bouwvergunningen dat wordt aangevraagd, gaat het doel van 75.000 nieuwe huizen per jaar volgens het CBS niet gehaald worden.

Een bouwvakker aan het werk op een bouwplaats in Utrecht. Archiefbeeld.
Een bouwvakker aan het werk op een bouwplaats in Utrecht. Archiefbeeld. Foto Koen van Weel/ANP

In de eerste drie maanden van 2019 zijn vergunningen afgegeven voor de bouw van 12.500 nieuwe woningen. Dat zijn er 4.500 minder dan in dezelfde periode een jaar eerder, meldt het CBS donderdag. Ook de bedragen die met de nieuwbouw en verbouwingen gemoeid zijn, vallen 8 procent lager uit.

De cijfers over de bouwvergunningen zijn een vroege indicator voor het aantal woningen dat binnen betrekkelijk korte tijd (gemiddeld twee jaar) gebouwd zal worden. Het aantal vergunningen schommelt in de loop van het jaar, maar is sinds het eerste kwartaal van 2016 niet zo laag geweest. Vorig jaar werden vergunningen voor 69.900 nieuwe woningen aangevraagd, transformaties van bijvoorbeeld kantoren naar huizen niet meegeteld.

Bekijk ook: Eén miljoen nieuwe huizen, is dat veel?

Krapte

Het kabinet mikt volgens de Nationale Woonagenda op 75.000 nieuwe woningen per jaar. Met dit soort cijfers, gaat het kabinet die doelstelling niet halen, zegt CBS-hoofdeconoom Peter Hein van Mulligen. „Het is wel vreemd, als je bedenkt hoe groot de krapte op de woningmarkt nog is”, niet alleen in het drukke westen maar ook in andere delen van het land.

Wat de daling veroorzaakt heeft, is volgens Van Mulligen niet onderzocht. „De enige verklaring die ik kan bedenken is dat het aan de aanbodkant ligt, dat de capaciteit ontbreekt.” In geen enkele sector is zo’n groot tekort aan geschoolde vakmensen als in de bouw, met een gebrek aan nieuwe bouwplannen tot gevolg. „Ik denk dat de bouwbedrijven denken: we zouden wel willen, maar het gaat niet lukken.”

Hoge omzet, veel faillissementen

Ondanks de moeilijkheden zijn de omzetten in de bouwsector wel gegroeid, met 11,4 procent ten opzichte van de eerste drie maanden van 2018. De groei is in tien jaar niet zo hoog geweest. In de zogenoemde burgerlijke en utiliteitsbouw (waaronder onder meer woningen, fabrieken en andere bedrijfsgebouwen vallen) werden zelfs de hoogste omzetten geboekt sinds de crisis uitbrak, in 2008. Hoeveel geld de bouwbedrijven verdienen aan de klussen die ze wel nog binnenkrijgen, is „een kwestie van marges”, aldus Van Mulligen.

De goede cijfers komen vooral de bedrijven met meer dan honderd medewerkers ten goede. Daar staat tegenover dat in er in het afgelopen kwartaal ook 114 faillissementen werden uitgesproken, 16 procent meer dan in het eerste kwartaal van 2018.