VNG weigert voorwaarden nieuw inburgeringsstelsel

Voorstel Koolmees Gemeenten willen gezamenlijk onderzoek naar de kosten, maar minister Koolmees weigert. Daarmee is het overleg vastgelopen.

Het overleg over de invoering van een nieuw inburgeringsstelsel, tussen de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66), is woensdagavond mislukt.
Het overleg over de invoering van een nieuw inburgeringsstelsel, tussen de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66), is woensdagavond mislukt. Foto Remko de Waal/ANP

Het overleg over de invoering van een nieuw inburgeringsstelsel, tussen de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) en minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66), is woensdagavond mislukt. De VNG stapte uit de onderhandeling, omdat het ontbreekt aan „een gedegen financiële onderbouwing”, aldus een persbericht. „Gemeenten kunnen op deze manier de verantwoordelijkheid voor de inburgering niet op zich nemen.”

Wouter Koolmees kondigde vorig jaar aan dat hij het inburgeringsstelsel grondig wilde herzien. Nu is het zo dat inburgeraars zelf verantwoordelijk zijn voor het uitzoeken van een talencursus en dat ze een lening kunnen krijgen bij het Rijk om die te betalen. Als ze het examen niet binnen drie jaar halen, moeten ze die lening terugbetalen en krijgen ze vaak nog een boete. Het gevolg is dat veel inburgeraars achterblijven met schulden en zo een valse start maken.

De plannen voor een nieuw, decentraal stelsel werden enthousiast ontvangen door de gemeenten, die in het nieuwe stelsel meer verantwoordelijkheid krijgen. Zo krijgen zij onder meer als taak om inburgeringscursussen in te kopen, om te zorgen dat de kwaliteit van de cursussen voldoende is.

Toch is het overleg, dat ertoe zou moeten leiden dat het nieuwe stelsel in 2021 wordt ingevoerd, nu vastgelopen. Ondanks dat beide partijen zeggen dat ze het eens zijn over „waar het naartoe moet”, zoals een woordvoerder van de minister zegt.

Gezamenlijk onderzoek

In een open brief aan minister Koolmees schrijven de verantwoordelijke wethouders van de vier grote gemeenten (G4) Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Utrecht dat zij hebben gevraagd om een gezamenlijk onderzoek naar de kosten, maar dat de minister dat heeft geweigerd. „Wij hebben aangeboden dan zélf onderzoek te doen naar de kosten, maar u wilt ook geen afspraken maken over de uitkomsten van dat onderzoek.” De G4 hebben zowel relatief als absoluut de meeste nieuwkomers die verplicht moeten inburgeren.

Lees ook de open brief van vier wethouders: ‘Geef ons écht de regie over inburgering, minister Koolmees’

„Een tweede debacle rondom de inburgering kunnen wij ons niet veroorloven”, vervolgen de wethouders, die ook schrijven dat ze niet „het ene slechte systeem willen inruilen voor het andere slechte systeem.” En: „Wij willen graag onze verantwoordelijkheden nemen en nemen dit ook serieus. De tekorten in de jeugdzorg laten zien dat een decentralisatie om zorgvuldigheid vraagt.”

De decentralisatie van de jeugdzorg ging gepaard met een bezuiniging en leidde tot grote tekorten. Dat scenario willen de gemeenten nu voorkomen.

„Het ministerie heeft geen enkel belang om iets te doen dat niet klopt”, zegt een woordvoerder van het ministerie, die benadrukt dat het bij deze decentralisatie „niet om een bezuiniging” gaat. De VNG ziet dat anders. Volgens hen is geen rekening gehouden met veel kosten die de invoering met een nieuw stelsel met zich meebrengt, zoals onder andere voor ICT.

„De minister heeft kenbaar gemaakt niet meer geld te kunnen uitgeven”, zegt Peter Heijkoop, wethouder in Dordrecht en delegatieleider van de VNG. „Maar ik ben verantwoordelijk voor de gemeenten en ik ga dit niet voor mijn rekening nemen”, zegt hij. „Ik sluit geen deal met de minister die uiteindelijk leidt tot tekorten.”