Minder gas winnen biedt geen garantie voor toekomst

Seismologie Zware aardbevingen kunnen zich blijven voordoen, ondanks het terugschroeven van de gasproductie.

Boze boeren verzamelen zich woensdagmiddag met hun tractoren aan de Delleweg in Middelstum voor een protest tegen de (gevolgen van) gaswinning, na de aardbeving in Westerwijtwerd.
Boze boeren verzamelen zich woensdagmiddag met hun tractoren aan de Delleweg in Middelstum voor een protest tegen de (gevolgen van) gaswinning, na de aardbeving in Westerwijtwerd. Foto Kees van de Veen

Hoe verrassend is het, de aardbeving die Westerwijtwerd gisterochtend om 5:49 uur trof en een kracht had van 3,4 op de schaal van Richter? „Het is niet een beving waar we vreemd van opkijken”, zegt Läslo Evers, hoofd seismologie bij het KNMI, dat aardbevingen in Nederland in kaart brengt. Ook Chris Spiers, hoogleraar aardse materialen aan de Universiteit Utrecht, zegt niet verrast te zijn. De afgelopen vier jaar deed zijn groep onderzoek naar de Groningse ondergrond en het ontstaan van aardbevingen. „Dat de gasproductie is teruggeschroefd, wil niet automatisch zeggen dat de aardbevingen gaan stoppen.”

Vertraagd effect

Het aantal aardbevingen in Groningen is de laatste jaren wel afgenomen. Er is een relatie tussen de winningssnelheid en het patroon van aardbevingen, al is die relatie nog niet volledig duidelijk. Pompte de NAM in 2014 nog 42 miljard kubieke meter aardgas uit het Groningerveld, vorig jaar was dat teruggebracht tot bijna 19 miljard kuub. Het effect daarvan dringt met enige vertraging door – het aantal aardbevingen loopt sinds 2017 terug. Minister Wiebes wil de gaswinning zo snel mogelijk onder de 12 miljard kuub hebben, en in 2030 moet het zijn teruggebracht naar 0.

Maar dat de gasproductie is teruggeschroefd, wil niet zeggen dat zich geen zware aardbevingen meer kunnen voordoen. In zijn laatste hazard and risk assessment (van maart dit jaar) schat de NAM, bij het huidige winningsniveau, de kans op een beving van 3,6 op ruim 12 procent voor 2019, en op 10 procent voor 2020.

De uiteindelijke vraag waar niet alleen de wetenschap een helderder antwoord op wil, maar ook de politiek, en al helemaal de Groningers: hoe verandert het te verwachten patroon van aardbevingen als je de gaswinning terugschroeft?

Lees ook: Het wantrouwen zet zich vast in de geest van de Groningers

Tot begin vorig jaar ging de NAM er in zijn analyses van uit dat de winningssnelheid per saldo geen invloed heeft. Of je 10 jaar snel gas wint, of 50 jaar langzaam, er zullen zich over die periode dezelfde aardbevingen voordoen, alleen meer ingedikt, of uitgesmeerd over de tijd.

Aseismische kruip

Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) ziet dat anders. Als de winningssnelheid laag genoeg is, en gelijkmatig over het seizoen, kunnen de spanningen die zich hebben opgebouwd in het gashoudende reservoirgesteente (een zandsteenlaag van 100 tot 250 meter dik, op een diepte van circa 3 kilometer) wegvloeien zónder dat ze aardbevingen veroorzaken. Dit effect heet aseismische kruip.

Van kruip lijkt hier en daar inderdaad sprake, zegt Spiers, die er de afgelopen vier jaar onderzoek naar deed. Maar hoe dit uitpakt voor het patroon van aardbevingen, valt nog steeds niet te voorspellen. „Het zou kunnen dat je bij een lagere winningssnelheid gemiddeld minder kleine aardbevingen krijgt, maar dan opeens toch een zwaardere.”

Zelfs als de productie is gestopt – volgens plan gebeurt dat voor 2030 – zullen zich nog aardbevingen blijven voordoen, verwacht Spiers. „Er zitten dan nog allerlei spanningen in het reservoir. Het gesteente zal zich zetten.” Hoe lang na een winningsstop zich nog aardbevingen blijven voordoen, valt volgens Spiers nu niet te voorspellen. „Misschien 2 jaar, misschien 20.”