Opinie

Laat Songfestival minder bekend Nederland tonen

In 2020 moet het Songfestival niet de tulpen uit Lisse promoten, maar de robots uit Twente, schrijft .

De Nederlandse robotvogel Robird is verkozen tot de beste Europese robotinnovatie.
De Nederlandse robotvogel Robird is verkozen tot de beste Europese robotinnovatie. Foto Vincent Jannink / ANP

Dat het Eurovisie Songfestival meer is dan een onschuldig liedjesfestijn is bekend. Israël greep met beide handen de kans aan om vorige week te tonen dat iedereen welkom is. De filmpjes waarmee de artiesten van de verschillende landen geïntroduceerd werden, zijn stuk voor stuk uitstekende toeristische commercials. Op sociale media deed Israël er nog een schepje bovenop met een vrolijk, licht-satirisch filmpje (‘You’re welcome to get to know our land of sun and honey!’). De finale was een geweldige promotie voor het gastland met circa twee honderd miljoen kijkers. Kortom: missie geslaagd.

Dit is ook in Nederland niet onopgemerkt gebleven. Steden buitelen al over elkaar heen om aan te geven dat zij interesse hebben het evenement volgend jaar te hosten. Ook Amsterdam heeft zich inmiddels als geïnteresseerde partij gemeld. Dit terwijl de hoofdstad al met de druk van te grote aantallen bezoekers kampt.

De rivaliserende Nederlandse steden hebben het goed begrepen. Het Songfestival is inderdaad een unieke kans voor de promotie van Nederland. Maar dan wél op de juiste manier en voor de juiste doelen. Dus asjeblieft geen beelden van romantische Amsterdamse grachten, klompen bij de Zaanse Schans en de Nachtwacht uit het Rijksmuseum. Maar juist een aanvullend, verrassender beeld van Nederland, dat het totaalplaatje rijker maakt. Gebruik het Songfestival om de minder bekende plekken te tonen van ons land. In 2014 zagen we Ilse de Lange en Waylon met tulpen op een woonboot als introductie op hun lied. In 2020 moet dat anders. Dat begint met het hosten van het festival op een onbekende, maar daarom niet minder geweldige locatie. Gelredome in Arnhem, Ahoy in Rotterdam of MECC in Maastricht bijvoorbeeld. Laat vervolgens de Duitse inzending op e-bikes fietsen langs de erfgoedlocaties in de Noordoostpolder. Maak shots van de Italiaanse inzending in de serene pracht van de Groninger kerken. Introduceer het Deense zangtalent vanuit de designstad Eindhoven. Gebruik ook de interesse voor onze oude meesters. Maar kies voor de prachtige collectie 17de-eeuwse meesters in het Dordrechts museum. Want onze kunstschatten uit de Gouden Eeuw zijn niet alleen te vinden in Amsterdam.

Lees ook: Wie gaat het miljoenen slurpende Songfestival van 2020 betalen?

Maar gebruik het gastheerschap van het Songfestival niet alleen voor toeristische promotie. Laat zien wat we te bieden hebben op het gebied van agrofood, horticultuur, hightech en watermanagement. En dan niet de molens van Kinderdijk of de tulpen uit Lisse. Maar de Food Valley in Gelderland, de Maeslantkering, robots van de universiteit in Twente, de kassen in het Westland en de uitgestrekte tulpenvelden van Flevoland en de Kop van Noord-Holland. Gebruik het Songfestival om te laten zien welk creatief talent we hebben. Maak er een productie van met state of the art Dutch technology. Laat de fimpjes maken door een nieuwe generatie creatieven met de nieuwste digitale technieken. Het Songfestival als uithangbord voor onze topsector Creatieve Industrie.

We moeten het Songfestival niet enkel willen zien als een avondje onschuldig entertainment, gefinancierd met publieke middelen. Dat is koren op de molen van critici die menen dat zo’n evenement verspilling van belastinggeld is.

Nederland heeft gewonnen en is in 2020 aan zet. Als we die investering maken, dan moeten we de enorme internationale publiciteitsmachine van het Songfestival gebruiken om de kracht van het hedendaagse en minder bekende Nederland aan de wereld te tonen. Voor een land waarin de export goed is voor 32 procent aan wat we met zijn allen verdienen, is een krachtig en aantrekkelijk internationaal profiel een vereiste. Daar kan een op het oog onschuldig liedjesfestijn, dat gedurende drie uur primetime kan rekenen op twee honderd miljoen kijkers, substantieel aan bijdragen. Daar heeft elke Nederlander direct of indirect profijt van.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.