William Kentridge en Faustin Linyekula

Foto Holland Festival

William Kentridge: ‘Je kunt het verleden niet omslaan als een bladzijde’

Interview William Kentridge en Faustin Linyekula werken voor het Holland Festival samen als ‘associate artists’. Kolonialisme is voor beide kunstenaars een belangrijk thema.

Het is 25 februari van dit jaar, in Theater Frascati aan de Amsterdamse Nes. In een van de kleedkamers zitten twee theatermakers met Afrikaanse wortels: de Zuid-Afrikaanse regisseur en kunstenaar William Kentridge (64) en de Congolese danser en choreograaf Faustin Linyekula (45). Het licht van de schminklampen rondom de spiegels beschijnt hun gezichten, en zo komen we meteen in een theatrale atmosfeer.

De filmische theaterproductie The Head & The Load van Kentridge is de openingsvoorstelling van het Holland Festival 2019. Hierin belicht hij het tragische lot van honderdduizenden Afrikaanse mannen die in de Eerste Wereldoorlog dienst deden als dragers voor de buitenlandse legers, en door ziekte en uithongering de dood vonden. Van Linyekula zijn de voorstellingen Not Another Diva… en Congo te zien. Op verzoek van het Holland Festival werken ze samen als associate artists, een door het festival bedacht nieuw model om twee verwante kunstenaars de programmering te laten verrichten. Het duo komt in plaats van artistiek directeur Ruth Mackenzie, die is vertrokken naar het Parijse Théâtre du Châtelet.

Enthousiasme en energie zijn tijdens het gesprek de sleutelwoorden, maar ook nieuwsgierigheid naar elkaars werk en dat van andere gezelschappen. Dankzij dit artistieke tweetal ligt het accent van het festival dit jaar op Afrikaanse dans en theater. Tijdens het Holland Festival is Theater Frascati het huis waarin de associate artists twee weken lang voorstellingen en lezingen geven en ontmoetingen met het publiek verzorgen. De blanke regisseur en de zwarte danser zijn wereldwijd geliefd op theaterfestivals. Maar, benadrukken ze, op de meeste festivals ben je te gast: je vliegt in, voert de voorstelling op, overnacht in een hotel en je gaat weer weg. Door hun samenwerking en langdurige verblijf in Amsterdam zien zij veel meer kansen om tot uitwisseling met het publiek en met andere kunstenaars te komen.

Linyekula: „We komen naar Amsterdam om te zien wat hier gaande is. Hoe Nederland omgaat met zijn koloniale verleden.” Kentridge: „Een kwart van de Congolezen weet niets van de koloniale overheersing of ze ontkennen het, omdat ze zich eeuwenlang hebben aangepast. Daarom maakte ik óók The Head & The Load, om een onbekende geschiedenis die honderdduizenden doden eiste bekend te maken.”

Kentridge ziet Frascati als het verlengde van zijn kunstcentrum Centre for the Less Good Idea, gevestigd in Johannesburg. Voor Linyekula is Frascati vergelijkbaar met zijn Studios Kabako, een theater- en repetitieruimte in Kisangani in het noordoosten van Congo, zijn geboorteland. „De Belgen hebben ons land op dramatische wijze gekoloniseerd”, zegt hij, „maar ze zijn één ding vergeten: schouwburgen te bouwen en theater te brengen. Daarom doe ik dat nu.”

Enthousiasme, ja, maar de ondertoon van het gesprek is ernstig: de eeuwenlange koloniale overheersing en exploratie door westerse mogendheden van Afrika spelen voortdurend een rol, evenals de slavenhandel. In de woorden van Linyekula is dit laatste „een eeuwen durende calamiteit die het gezicht van Afrika bepaalt”. Hij wil Afrika weer zijn „echte gezicht teruggeven, het gezicht van de mensen op straat, de stem van die mensen”.

Kentridge: „Ik ben een witte man in Zuid-Afrika, mijn ouders waren advocaten die mensen hielpen die slachtoffer waren van de apartheid. Ik heb gedurende mijn kunstenaarschap leren leven met de paradoxen en moeilijkheden van een blanke in een land dat nog steeds is doortrokken van het koloniale verleden. Mijn werk draagt daar de sporen van. Ik ben me overbewust van de dualiteit van een blanke in een zwarte samenleving. Daaruit komt in mijn geval geen politiek activisme voort, maar wel twijfel, verwarring, onzekerheid.”

Ook voor Faustin Linyekula bieden theater en dans een mogelijkheid te reflecteren op het koloniale perspectief: „In Congo maken we theater in een voormalig westers huis, met een tuin en zuilen ervoor. In de achtertuin oefenen we de dansen. Voor mij is theater poëzie in een politieke context. Wat Kentridge en ik gemeen hebben is een grote belangstelling voor de lotgevallen van Afrika, waar ik als zwarte kunstenaar anders tegenaan kijk. Kentridge benadrukt meer de historie, ik de positie van Afrika en de Afrikaan in de hedendaagse wereld. Maar juist die verschillende perspectieven maken het mogelijk de onbegrepen geschiedenis van ons land te vatten.”

Oorlogsschip

Wat Linyekula ‘onbegrepen’ noemt, heet bij Kentridge ‘welbewust onwetend’ ofwel ‘verzwegen’. The Head & The Load is vormgegeven als een processie, waarin tientallen personages voorbij komen. In een van de mooiste scènes glijdt een reusachtig oorlogsschip over de golven van de oceaan. Het schip vaart niet, het wordt gedragen. Het volle gewicht rust als een last (the load) op het hoofd (the head) van Afrikaanse soldaten. Tijdens de strijd om de Duitse koloniën in de Eerste Wereldoorlog transporteerden deze zwarte dragers gewonde Europese militairen, ze sjouwden door de jungle met kanonnentuig, zelfs schepen van de ene rivier naar de andere. Sterft er een, geen nood, er staat alweer een volgende gereed.

De voorstelling The Head & The Load van William Kentridge

Foto Stella Olivier

„Honderdduizenden anonieme Afrikaanse mannen vonden de dood in hun eigen oerwouden”, zegt Kentridge. „Deze genocide is onbekend, het is een zwarte schande. De mensen stierven aan tropische ziektes en uithongering. Het koloniale verleden van Afrika is niet gekend, en dat grijpt me telkens weer aan. Ik wil het met mijn voorstelling bekend maken.”

Al vanaf zijn studie aan de Johannesburg Art Foundation vond Kentridge zijn kenmerkende vorm: hij tekent met houtskool op grote witte vellen papier en filmt vervolgens de afbeeldingen. Hij zegt van zwart-wit te houden, niet alleen in zijn grafische werk maar ook van het dramatische contrast in zwart-witfilms. En zwart-wit sluit aan bij zijn thematiek: de blanke in de entourage van zwart Afrika.

Ook de optocht of processie is bij hem een telkens terugkerend motief. „Ik ben gefascineerd door processies”, aldus Kentridge. „Hier in Afrika is de optocht een zeer gangbare vorm van religieuze bijeenkomsten. Zo’n stoet mensen die dezelfde richting uitgaan, boeit me: het is alsof ze gedreven worden door één richting, één verlangen ergens te zijn. Maar de optocht kent ook een keerzijde, zoals de mannen die eindeloos oorlogsmateriaal over onverharde wegen slepen. Of de bewegingen van mensen die op drift zijn, zoals vluchtelingen. Ze graaien hun spullen bij elkaar en trekken weg. De aangrijpende beelden daarvan spoken door mijn hoofd.” Hij zegt zich te verzetten tegen de gedachte dat je het „koloniale verleden van Afrika kunt omslaan, zoals je een bladzijde in een boek omslaat. Dat is onmogelijk. Drie eeuwen koloniaal leed wis je niet uit door een bladzijde om te slaan.”

Eigen voertaal

In de achtertuin van Linyekula’s Studios Kabako is de voorstelling Not Another Diva… ontstaan. „Daar komen gewone mensen samen”, zegt hij. „De inwoners van Congo zijn mentaal niet erg sterk, het land is instabiel. Dat heeft diepe oorzaken: op mijn lagere school moest ik altijd Frans spreken, als je dat niet deed, werd je gestraft. Je moest eigenlijk je zwarte identiteit opgeven. Maar een eigen voertaal, zoals het Swahili, verbindt onze landen met elkaar, en maakt ons sterker.”

In 2012 was op het Holland Festival zijn bewogen dansvoorstelling La Création du Monde (1923-2012) te zien, een felle Afrikaanse kritiek op dit ballet uit 1923 dat volgens hem racistisch ‘negro-ballet’ is. Linyekula: „Nu maak ik samen met de beroemde Afrikaanse zangeres Hlengiwe Lushaba de dans- en zangvoorstelling Not Another Diva… Ze zong in onze tuin haar nieuwe liederencyclus over vrouwelijke kracht. Dat is gewaagd in Afrika. Vrouwen dienen zich onderdanig te gedragen, zeker niet als een diva. Haar zang inspireerde me tot deze choreografie. Drie vrouwen spelen de hoofdrol, ik noem hen mountain movers . De vrouwen zijn sterker dan de vier mannelijke performers. Deze uitvoering is onze aanklacht tegen de eis van aanpassing die nog steeds in landen geldt met een koloniaal verleden. Met de dans en liederen schep ik nieuwe energie; voor mij ís dans energie.”

Correctie (24 mei 2019) - In een eerdere versie stonden verkeerde data voor de voorstelling The Head & The Load. Dat is hierboven aangepast.