Opinie

Ik snak naar levend water, maar krijg alleen papier

Maxim Februari

Wie zich ooit heeft vereenzelvigd met de klokkenluider van de Notre-Dame herinnert zich ongetwijfeld de passage waarin de onooglijke man een slokje water krijgt van de beeldschone Esmeralda en lange tijd vol ongeloof blijft jubelen: „She gave me water!

Omdat ik rondloop met de smaak van papier in mijn mond, te veel artikelen en rapporten gegeten, praat ik aanhoudend over water. Alsof ik alle papier erin kan oplossen. Ik kijk naar plaatjes van een zwembad op het dak van de Notre-Dame. Zweedse architecten van bureau UMA willen dat dak in de toekomst helemaal als bad gaan gebruiken, met de twaalf apostelen als stenen badmeesters. Stel je voor dat je daar in zwemt, zomaar bovenop de Notre-Dame. De jubelkreet klinkt meteen weer in je oren. „She gave me water!

Intussen blijven de teksten die ik lees het leven indammen. Mocht je je water het liefst drinken met een beetje citroen, drink dan wel met een rietje, schrijven de bladen, anders beschadig je het glazuur van je tanden. „Nederlanders denken dat ze elke dag 60 liter drinkwater verbruiken, terwijl het werkelijk 120 liter is!” schrijft mijn gemeente. Dat moet beter. Sproei minder, douche minder, gebruik de bespaarknop. Dus dat doe ik. Maar hoe minder ik sproei en douche en hoe angstiger ik aan het glazuur van mijn tanden denk, hoe meer ik de aanvechting krijg al die verschrikkelijke teksten als kiezelstenen over de rivier te keilen.

Ik zit vast, en dat komt doordat ik verstrikt ben geraakt in onderwerpen die zich grotendeels op papier afspelen. In voorbereiding op de Europese verkiezingen probeer ik vat te krijgen op de berichtgeving en dat lukt me gewoon niet. Eerlijk gezegd heb ik geen flauw idee waar de verkiezingen over gaan, behalve een dik pakket bevoegdheidsverdelingen en verdelingen van de belangrijkste topposities. Gaan straks 420 miljoen Europeanen naar de stembus – dat is 420 miljoen keer drie kwartier omfietsen, dat is 315 miljoen mensuren, dat is 36.000 jaar – alleen maar om Mark Rutte een nieuw contract te bieden?

Het lijkt bij deze verkiezingen te gaan over politieke families en contingenties, over de eenheid van links en de eenheid van rechts, over de vraag of je eurofiel bent of eurofoob, of er wel of niet een steeds hechter verbond is tussen de volkeren. Op het gevaar af koket te klinken, moet ik bekennen dat ik er helemaal niets van begrijp. Ik eet nieuwsbrieven, ik kauw op taaie zinnen, ik probeer me een voorstelling te maken van wat we met al die contingenties dan in het echte leven gaan doen, en ik schiet simpelweg tekort.

En precies op hetzelfde moment dat Europa begint over verdeling van posities komt een hoogleraar arbeidsrecht in het nieuws die zichzelf een godheid waant. Hij misbruikt zijn macht en vergrijpt zich aan vrouwen, maar dat wordt hem door zijn universitaire omgeving min of meer vergeven, omdat ze in hem een high achiever zien. Je kunt je afvragen hoe de betrokkenen zich zo op zijn functie kunnen verkijken.

De aanstelling van een arbeidsrechtjurist is immers niet meer dan een afgeleide van de arbeidsrechtelijke positie van alle anderen, en die positie is weer een afgeleide van hun werk, en met een beetje geluk kunnen de werkenden tijdens hun werk ook nog gewoon een paar dingen doen. Hoogleraar arbeidsrecht: het is de laatste schakel in de actieketen, een uitermate dienstbare en caterende positie.

In al deze berichten over posities en afgeleide posities, over partijfamilies en coalities, over machtsverdeling en dominanties, lijkt het leven zo oneindig ver weg. Dikke lagen tekst en hoge stapels papier blokkeren het uitzicht op het bestaan. Ik besef dat des te pijnlijker als ik ergens in gesprek raak over Jezus die bij een waterput zit en begint over levend water. Opeens woelt dit beeld een herinnering in me los aan al het levende water dat ik ooit heb gezien. Watervallen. Bronnen. Fonteinen. Oceanen. Rivieren. Er zijn plaatsen waar het water wild stroomt, maar ik weet even niet zo goed waar.

Natuurlijk kan ik voor de verkiezingen standpunten bepalen. En die dan laten vertegenwoordigen door een partij die een lijstverbinding is aangegaan met een mij wezensvreemde partij, waarmee ze zich samen heeft aangesloten bij een politieke familie die niet de mijne is – en dat allemaal in de hoop dat deze coalitie Europa zal helpen een machtsfactor van betekenis te worden tegenover China. Maar, om eerlijk te zijn, ik geloof niet dat dit vooruitzicht de boel voor me verheldert.

Ik zit vast. Hoe kom ik weer los? Wachten tot ik alles tot op de bodem doorzie? Ik kan ook zelf in stroming raken, en dat doe ik. Douche minder, sproei minder, probeer zelf weer te gaan borrelen en bruisen. Dat is beter.

Maxim Februari is jurist en schrijver, www.maximfebruari.nl.