Recensie

Recensie Media

Netflix-serie ‘Street Food’: smakelijk eten op straat

Documentaireserie De nieuwe Netflix-serie Street Food is vooral bijzonder door de aandacht voor verhalen achter de chefs die de stalletjes runnen.

De Indonesische Mbah Satinem in Street Food (Netflix)
De Indonesische Mbah Satinem in Street Food (Netflix)
    • Annemarie Kas

Midden in de nacht staat Mbah Satinem op om haar ‘jajan pasar’ te maken, traditionele Indonesische tussendoortjes. Ze volgt een klassiek recept, doet het precies zoals haar moeder. Als haar man te laat wakker is om te helpen, wordt ze boos: straks krijgt ze de snackjes niet meer verkocht op straat.

Maar bij het stalletje van de kleine dame (hoe oud ze is, weet ze niet precies) staan klanten rustig uren in de rij en ze verkoopt haar beroemde jajan pasar altijd uit. Oud-president Soeharto ontdekte haar ooit, decennia geleden, en sindsdien gaat het goed met de zaken. Wie had dát gedacht toen ze jong en arm was, en het dak van haar bamboe hut lekte? De paar tanden die ze nog over heeft zijn verrot, maar haar lach is aanstekelijk vrolijk.

Mbah Satinem is de ster van de aflevering over Indonesië uit de nieuwe serie Street Food van Netflix. In het eerste seizoen komen negen Aziatische landen aan bod, van Thailand tot India tot Taiwan, elk land zijn eigen aflevering. Een logische keuze – in Azië is eten van straatstalletjes heel gewoon. Van arbeider tot zakenman, iedereen doet het. Omdat het makkelijk is, lekker en vaak goedkoper dan zelf koken. In Azië heeft bovendien lang niet iedereen geld voor een eigen keuken of fornuis.

Armoede en tegenslag

De serie is van de makers van Chef’s table en het eten is net zo smakelijk in beeld gebracht, het water loopt je in de mond. Maar wat Street Food bijzonder maakt, is de uitgebreide aandacht voor verhalen achter de chefs die de stalletjes runnen. Zij weten wat armoede, tegenslag en hard werken betekent. Street Food maakt mooi de verbinding tussen hun levensverhaal, het eten dat ze maken en de cultuur van hun land.

Zoals bij de Taiwanese Grace, die als kind voor vissenkop werd uitgescholden omdat haar vader soep met vissenkoppen verkocht. Ze had andere dromen, ver weg van huis, maar haar ouders zaten in de problemen en vroegen of ze terugkwam naar Chiayi. „Ik wilde niet, maar dat kon ik niet tegen mijn ouders zeggen.”

Grace was ongelukkig. Haar ouders vonden de veranderingen die zij graag wilde maar niks: een vaatwasser, een nieuw kassasysteem. Tot ze het gewoon deed, toen haar ouders op vakantie waren. Nu bestiert Grace meerdere vestigingen en werken haar ouders bij háár. Het recept van de soep is hetzelfde gebleven. „Ze noemen me nog steeds vissenkop, maar nu uit respect.” In veel afleveringen komt die zoektocht naar balans tussen oude tradities en nieuwe technologie terug.

Hoe serieus landen in de regio hun street food nemen, blijkt wel uit de reacties die de serie heeft losgemaakt. Een Filippijnse filmregisseur vond de gerechten uit zijn land slecht gekozen. „We hebben honderden originele soorten Filippijns street food en dan kiezen ze voor een esoterische palingsoep en verdomde Chinese loempia’s!” Maleisiërs waren teleurgesteld: hun land werd zelfs helemaal overgeslagen. En waarom kreeg Taiwan wel een aflevering en Hongkong niet, vroegen ze zich af in Hongkong. Gelukkig zijn er meer dan genoeg plaatsen met lekker straateten over voor een volgend seizoen.