Senaat twijfelt aan het nut van nieuwe arbeidsmarktwet

Flexwerk Zowel coalitie als oppositie vragen zich af of een nieuw wetsvoorstel van minister Koolmees tot meer vaste contracten kan leiden.

De Eerste Kamer voorziet een ‘waterbedeffect’: minder flexcontracten, maar tegelijkertijd werkgevers die hun toevlucht zoeken tot zzp-constructies.
De Eerste Kamer voorziet een ‘waterbedeffect’: minder flexcontracten, maar tegelijkertijd werkgevers die hun toevlucht zoeken tot zzp-constructies. Foto Peter Hilz/ANP

Niet alleen de oppositie was kritisch over de arbeidsmarktwet van minister Wouter Koolmees (Sociale Zaken, D66), waarover de Eerste Kamer maandag debatteerde. Ook senatoren van de regeringspartijen VVD, CDA en ChristenUnie vroegen zich af: heeft deze wet wel nut?

Het doel van de wet, die in het regeerakkoord al werd aangekondigd, is dat werkgevers meer vaste contracten gaan uitdelen. In 2003 had bijna driekwart van de werkenden een vast dienstverband, begin dit jaar was dat nog zo’n 60 procent. De rest heeft een tijdelijk contract, is oproep- of payrollkracht of werkt als zzp’er.

Daarom regelt Koolmees in deze wet dat ontslag makkelijker wordt. Zo hoopt hij dat werkgevers sneller vaste contracten durven uit te delen. Ook wordt een vast dienstverband wat goedkoper, doordat werkgevers daar lagere premies voor gaan betalen. Voor tijdelijke werknemers wordt die premie juist iets hoger. En oproep- en payrollkrachten krijgen meer rechten.

Lees meer over de arbeidsmarktwet van Koolmees: Nieuwe wet beoogt meer vaste contracten. Lukt dat?

Maar gaan werkgevers door al deze regels ook weer vaste contracten uitdelen? Bijna alle Eerste Kamerleden benoemden de angst voor een „waterbedeffect”. Ze willen best geloven dat flexcontracten ontmoedigd worden. „Maar we schieten er weinig mee op als werkgevers dan hun toevlucht nemen tot zzp-schijnconstructies”, zei ChristenUnie-senator Peter Ester. In de wet staan geen regels voor zzp’ers.

Zo’n zelfde effect voorzien Eerste Kamerleden bij payrollkrachten, die betere arbeidsvoorwaarden krijgen. Payrollbedrijven zeiden maandag in NRC openlijk hoe ze die regels kunnen omzeilen door hun focus te verleggen van payroll- naar uitzendkrachten. Voor die groep gelden de extra arbeidsvoorwaarden niet. Zo kan de ‘schijnuitzendkracht’ ontstaan, vreesden senatoren. „Dat zou geen verbetering zijn”, zei D66-fractievoorzitter Alexander Rinnooy Kan.

Minister Koolmees erkende dat het ontstaan van ‘schijnuitzendkrachten’ „voor de toekomst een risico kan zijn”. Het is vooral aan de vakbonden om misstanden te melden, zei hij. „We hebben gelukkig actieve sociale partners die dit aanhangig kunnen maken bij de rechter.”

‘Ik wil niet stilstaan’

Koolmees benadrukte vooral dat deze wet onderdeel is van veel meer plannen die hij als minister wil doorvoeren. Zo werkt hij nog aan regels die kwetsbare zzp’ers moeten beschermen, door minimumtarieven in te voeren. Hij wil die regels nog voor de zomer presenteren.

En een onafhankelijke commissie onderzoekt nu of meer fundamentele veranderingen nodig zijn op de arbeidsmarkt. Haar advies wordt in november verwacht. Koolmees wil daar niet op wachten: „Ik wil niet stilstaan, niet vertragen, maar vooruit.”

Volgende week dinsdag stemt de Eerste Kamer over de arbeidsmarktwet. Als de wet wordt aangenomen, gaat die in op 1 januari 2020.