Opinie

Geef Rutte en Baudet niet zomaar een podium, NPO

Er had een alarmbel moeten rinkelen, toen de premier een tv-debat eiste én kreeg, vindt . De omroep moet meer journalistieke ruggengraat tonen.

De Rode Hoed in Amsterdam vlak voor het RTL-lijsttrekkersdebat voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2017. Woensdag debatteren premier Rutte en FVD-leider Baudet in deze zaal.
De Rode Hoed in Amsterdam vlak voor het RTL-lijsttrekkersdebat voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2017. Woensdag debatteren premier Rutte en FVD-leider Baudet in deze zaal. Foto Bart Maat/ANP

Zo werkt een staatsomroep. Politieke leiders bepalen waarover ze aan de vooravond van verkiezingen met elkaar op televisie in gesprek gaan, wie er wel of niet aan het debat mogen deelnemen en wat de voorwaarden zijn. Als alles geregeld is, wijzen ze een ceremoniemeester aan: de presentator van een populaire talkshow die zijn vingertje al had opgestoken en voor zijn meegaandheid wordt beloond.

Het resultaat, woensdagavond op NPO 1: een ‘debat’ tussen de leiders van een rechtse en een nog rechtsere partij, zogenaamd om de kiezer te helpen zijn stem voor het Europees Parlement te bepalen.

Noch premier Rutte, noch jeune premier Baudet is lijsttrekker. Samen zijn ze nog niet eens goed voor een kwart van de zetels in de Tweede Kamer. Andere partijen zijn niet welkom op het hoofdpodium, al heeft een aantal eerder op de avond hun Europese lijsstrekkers in een voorprogramma mogen leveren.

Een tweestrijd komt de twee landelijke leiders het beste uit. En de publieke omroep wil die graag „faciliteren”, zo heeft de redactie van Pauw gedienstig laten weten. Waaraan nog werd toegevoegd dat de presentator zich „onpartijdig” zal gedragen – dat doet hij anders kennelijk niet.

De publieke omroep gaat hiermee een drempel over. Maar zo hoog was die al niet meer. Sinds jaar en dag onderhandelen spindoctors van politieke partijen over de voorwaarden waaronder hun kandidaten bereid zijn voor de camera’s te verschijnen. Ook buiten verkiezingstijd. Zo is PVV-leider Geert Wilders zelden bereid zich voor de camera’s te laten ondervragen, behalve als hem wordt beloofd dat de uitzending alleen over zijn kattenliefde gaat.

Lees ook: Rutte versus Baudet: de oude truc van de politieke tweestrijd

VVD en Forum voor Democratie maken al evenmin een geheim van hun afkeer van de publieke omroep. De VVD schafte ooit de omroepbijdrage af onder de belofte dat het wegvallen van gemarkeerd geld niet zou betekenen dat de omroep bij iedere nieuwe formatie speelbal van partijbelangen zou worden. Sindsdien doet de partij precies dat: steeds weer pleiten voor meer bezuinigingen.

Linkse samenzwering

Baudets FVD gaat nog verder. De partij vermoedt in Hilversum een linkse samenzwering en eist naast bezuinigingen een „grondige sanering” van de publieke omroep, met name gericht op de politieke sympathieën van medewerkers. „Weg met al die VARA-gezichten,” tweette Baudet daarover en hij plaatste daarom de portretten van Jeroen Pauw (en Matthijs van Nieuwkerk en Paul Witteman) bij zijn omroepparagraaf. Het zal hem genoegen doen dat de presentator die hem eerder een „polder-Erdogan” noemde nu door zijn hoepeltje springt.

Had het anders gekund? Zeker. Het debat kan nieuws opleveren en dus had de publieke omroep een reportagewagen naar de zaal kunnen sturen en een samenvatting kunnen uitzenden met voor- en nabeschouwingen. Dat was journalistiek de juiste keuze geweest en het had de omroep het verwijt van partijdigheid bespaard. De publieke omroep is niet het eigendom van particuliere investeerders maar van alle Nederlanders, ongeacht de dikte van hun portemonnee of hun politieke kleur. Baudet stelde een livestream op Facebook voor. Maar de minister-president eiste een integrale tv-uitzending, en krijgt die.

De publieke media hebben juist minder inmenging van de partijleiders nodig

In het licht daarvan is een eerder standpunt van FVD interessant. In 2017 eiste de partij nog benoeming van een lid in de raad van bestuur van de NPO met als exclusieve taak het tegengaan van „bevoordeling van bepaalde partijen”. Die eis lijkt een tikje op de achtergrond te zijn geraakt nu de partij van Baudet veel meer dan gemiddelde aandacht krijgt. Maar ze raakt wel aan een structureel probleem in de organisatie: onder verantwoordelijkheid van de NPO worden uitstekende nieuwsprogramma’s gemaakt, maar er gaat geen alarmsignaal af wanneer het evenwicht zoek is en er een bizarre situatie als de huidige ontstaat.

Wereld van het amusement

Journalistieke kennis en ervaring zijn dan ook niet te vinden bij de raad van bestuur, bij de directie televisie en zelfs nauwelijks bij de coördinatoren van de verschillende tv-netten. Omroepbestuurders worden steevast gerecruteerd uit de wereld van het amusement, de financiële sector en natuurlijk uit de politiek – staatssecretaris Martijn van Dam vertrok twee jaar geleden zelfs voortijdig uit het (demissionaire) tweede kabinet-Rutte om zijn plek in de Raad van Bestuur in te kunnen nemen. Hij werd daarin indirect benoemd door datzelfde kabinet. De overheid stelt ook de leden van de raad van toezicht aan, die voor een maatschappelijk verankering van de omroep zouden moeten zorgen maar in praktijk vooral bestaat uit managers in de publieke en private sector – de huidige voorzitter is oud-topambtenaar Tjibbe Joustra, die oud-VVD-wethouder Bruno Bruins verving nadat die minister werd in Rutte III.

Lees ook: De man die Baudet kennis van het campagnevak bijbracht

Thierry Baudet heeft geen ongelijk wanneer hij wijst op de innige verwevenheid van publieke omroep en Haagse politiek. Maar zijn oplossing lijkt me de verkeerde: de publieke media hebben niet meer maar juist minder inmenging van de partijleiders nodig. Niet méér politiek in de vorm van ‘rechtse meningen’, om te compenseren voor de vermeende linksigheid in het publieke nieuws – dat is een remedie uit de tijd van de verzuiling. Maar juist meer zelfbewuste, onafhankelijke journalistiek.

Het is het Songfestival niet

Zelfs de uitzending van woensdagavond kan daar nog een bijdrage aan leveren. Het kwaad, in de vorm van bevoordeling van twee rechtse partijen, is al geschied. Het lijkt me ook moeilijk te compenseren, zo kort voor de stembureaus opengaan. Ik kan me voorstellen dat collega-politici bedanken voor de eer om na afloop nog wat commentaar te komen geven op de prestaties van de twee. Het is het Songfestival niet, het zijn serieuze verkiezingen.

Maar Jeroen Pauw en zijn redactie zouden door volledige openheid te geven over de gang van zaken ertoe kunnen bijdragen dat het in de toekomst niet meer zover komt.

Wat is er precies gebeurd in de aanloop naar de uitzending? Welke eisen hebben de partijen gesteld en welke zijn er ingewilligd? Mocht de presentator zelf ook vragen stellen of alleen maar als een klaar-over in een lichtgevend hesje het verkeer tussen de kemphanen regelen? Zo ja: kenden Baudet en Rutte die vragen dan van tevoren? En waren er wellicht ook onderwerpen uitgesloten?

Een antwoord op dit soort vragen zou voor nu tenminste nog een beetje recht doen aan de verantwoordingsplicht die de publieke omroep heeft. Voor een ingrijpende hervorming is meer tijd nodig. Minister Arie Slob is bezig met een plan daarvoor, het zoveelste uit Den Haag. Mijn suggestie: geef de NPO van hoog tot laag een stevige, onafhankelijke, journalistieke ruggengraat.

Correctie (20 mei 2019): In een eerdere versie van dit artikel stond per abuis dat noch Rutte, noch Baudet verkiesbaar is tijdens de Europse verkiezingen. Baudet is wel verkiesbaar; hij staat als lijstduwer op de laatste plek bij Forum voor Democratie. Het artikel is aangepast.

Correctie (20 mei 2019): In een eerder versie van dit artikel werd per abuis het omroepbestel NPO genoemd waar de omroep BNNVARA werd bedoeld. Dat is hierboven aangepast.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.