IND weert criminele vreemdelingen amper

Commissie-De Leeuw Het werk van de IND lijdt onder menselijke fouten, stroeve procedures en personeelstekorten, stelt een onderzoekscommissie.

Een opvangcentrum in Hoogeveen voor overlastgevende asielzoekers. Asielzoekers maken een deel uit van de groep die in het rapport genoemd wordt.
Een opvangcentrum in Hoogeveen voor overlastgevende asielzoekers. Asielzoekers maken een deel uit van de groep die in het rapport genoemd wordt. Foto Kees van de Veen

De Immigratie- en Naturalisatiedienst (IND) trekt bij nog geen 5 procent van alle vreemdelingen met criminele antecedenten de verblijfsvergunning in. Dat komt door het „complexe veld” aan wetten en beleidsregels. Daarnaast heeft de IND haar procedures en werkwijzen op dit politiek gevoelige terrein „onvoldoende op orde”, blijkt uit een maandagavond gepubliceerd rapport.

Een commissie onder leiding van voormalig topambtenaar Johan de Leeuw onderzocht in opdracht van het ministerie van Justitie en Veiligheid meldingen van een klokkenluider over het mogelijke disfunctioneren van de dienst, onder meer bij het intrekken van verblijfsvergunningen van criminele vreemdelingen.

Lees ook: Steenrijke Rus mag van de IND zijn asielvergunning wel houden

Ondanks de ferme taal die de dienst hierover zelf bezigt, worden die in minder dan 5 procent van de gevallen daadwerkelijk ingetrokken. „Wie veroordeeld wordt voor een misdrijf loopt grote kans zijn verblijfsstatus te verliezen en Nederland te moeten verlaten”, schrijft de IND op haar website.

Het gaat om grote aantallen vreemdelingen, schrijft staatssecretaris Mark Harbers (Asiel, VVD) nu in een brief aan de Tweede Kamer. Rechtsregels en jurisprudentie leiden er volgens de staatssecretaris „logischerwijs” toe dat er nauwelijks vergunningen worden ingetrokken „op basis van openbare orde respectievelijk criminele antecedenten”.

Bijkomend probleem zijn de menselijke fouten, stroeve procedures en personeelstekorten bij de IND. Die heeft haar administratie en processen niet altijd op orde, aldus de commissie. De Leeuw doet daarom een aantal verbetervoorstellen. Zo zou de IND „het beoordelen van potentiële intrekkingen van verleende vergunningen” voor alle vreemdelingen op dezelfde manier moeten regelen en moeten zorgen voor „een sluitende onderbouwing en voldoende motivering” als de vergunning van een vreemdeling ondanks gepleegde misdrijven niet wordt ingetrokken.

Rijkste asielzoeker

NRC publiceerde eerder dit jaar het relaas van de halfslachtige wijze waarop de IND is omgegaan met de Russische kippenhouder, ondernemer en politicus Joeri Sverdlov, bijgenaamd ‘de rijkste asielzoeker van Nederland’. De IND heeft de afgelopen jaren herhaaldelijk getracht de verblijfsvergunning van Sverdlov in te trekken, maar zette niet door. De ondernemer heeft al decennia een Nederlandse verblijfsvergunning, ondanks sterke signalen dat hij daar geen recht op heeft, omdat hij niet in Nederland woont, maar in Londen en Sint Petersburg.

Lees ook: Klokkenluider: IND overtreedt eigen regels bij beoordelen verblijfsvergunningen

De rommelige werkwijze van de IND raakt ook de besluitvorming over bezwaarschriften van vreemdelingen, blijkt uit het onderzoek van De Leeuw. In ruim 3 procent van de gevallen (enkele honderden keren per jaar) maakt de IND daarin fouten, door een en dezelfde ambtenaar twee keer over de zaak van een vreemdeling te laten oordelen. Deze werkwijze is in strijd met de wet, maar komt toch voor – aldus de commissie.

De Leeuw is uiteindelijk mild voor de IND. De gemaakte fouten zijn incidenten en niet het gevolg van opzet of illegale werkinstructies, aldus de commissie. De Leeuw stelt onder meer voor dat bij de IND een zogeheten compliance officer wordt benoemd.

De positie van de klokkenluider is nog onduidelijk. Harbers schrijft aan de Kamer dat hij waardering heeft voor de man, die „de moeilijke stap zette om melding te maken” van de problemen. De klokkenluider heeft een arbeidsconflict met de IND, maar daarover geeft het rapport geen uitsluitsel. De commissie concludeert weliswaar dat er een aantal dingen misgaat bij de IND, maar wil dit niet kwalificeren als formele „misstand”, waarvoor de man arbeidsrechtelijke bescherming zou verdienen.