Opinie

Tulp tegen tempel: wat stampen we lekker!

Luuk van Middelaar

Nederland zoekt ‘een nieuwe balans’ in de relatie met China. Het is de titel van de langverwachte Chinastrategie van het kabinet. De plaatjesmakers op Stef Bloks ministerie zetten op de kaft een Hollandse tulp tegenover een Chinese Confucius-tempel. Even denkt de argeloze lezer dat beide landen een evenwicht moeten vinden, Nederland met 17 miljoen inwoners en China met 1,4 miljard. Zegt de tulp tegen de tempel: wat stampen we lekker!

Gelukkig blijkt snel dat de ‘nieuwe balans’ thuis nodig is. Nederland moet zelf bedenken wat China’s opkomst voor ons betekent. In de kern gaat het om de verhouding tussen onze economische en culturele openheid en de noodzaak deze te beschermen. Een welkom begin van strategische reflectie.

Een enorme mentale omslag ook. Vanouds zet Nederland de deuren open voor de globalisering, alles is kansen en economie. Onze havens mag je kopen, onze taal hoef je op de universiteit niet te spreken. De kentering begon al eerder. Toen Parijs, Berlijn en Rome in 2017 een strengere Europese toetsing wilden van buitenlandse investeringen in strategische sectoren – transport of telecom – trapte Den Haag eerst op de rem. Bescherming oké, maar vooral geen „protectionisme”. Nu doen we mee, al is het lauwtjes. Zo ook werden Chinese promovendi en onderzoekers tot voor kort met open armen ontvangen, van Groningen tot Delft; inmiddels daagt het besef dat ze wel erg veel kennis mee naar huis nemen, als je ziet hoe Beijing geduldig en vastbesloten een technologische wereldmacht probeert te worden. Goed dat de regering deze dilemma’s onderkent en tracht te beslechten.

Het kabinet bepleit realisme: we zullen „de gevolgen van mondiale machtsverschuivingen grotendeels moeten accepteren en ons eraan [...] aanpassen.” Oftewel, we gaan China niet stoppen. Het land eist zijn legitieme plek op en daar hebben we mee te dealen. Nog een mentale omslag. Lang dachten we dat op de economische opening van Deng ooit politieke liberalisering zou volgen. Maar onder Xi kiest China ferm een eigen pad. En het land is zo groot dat dit ook ons zal raken. Daarom zegt minister Blok terecht in NRC: „Zonder de EU kunnen we China niet aan.”

Het verhaal blijft dunnetjes over de geostrategische spanningen tussen Washington en Beijing. Europa raakt klem tussen Amerika als beschermer en China als handelsmacht. Hoewel de eerste critici al betogen dat Den Haag te omzichtig is jegens China, treft de voorzichtige toon jegens Washington net zozeer. Trumps ontwrichtende presidentschap wordt afgedaan met het understatement: „Traditioneel Amerikaans leiderschap verandert.” Indeed. En om welke Europese positionering vraagt dit, als we dan niet zonder de EU kunnen?

Terwijl de Tweede Kamer vorig jaar vroeg om een „Chinastrategie”, is het een „Chinanotitie” geworden: een onthullend stapje terug. Tekenend is dat het kabinet de hete aardappel Huawei niet behandelt, terwijl het dé grote testcase is voor het dilemma economie-veiligheid. Te gevoelig.

In het huidige krachtenveld lukt strategie wegmoffelen niet. Amerikanen en Chinezen kijken eerst door die bril. De VS doen alles om ons te weerhouden met Huawei in zee te gaan. Dat onze Britse en Duitse buren het bedrijf recent niet uitsloten, was een klap. Zulke brutaliteit valt Nederland moeilijk. Deze week zette Trump producten van Huawei op een verboden lijst.

Is het toeval dat de Volkskrant uitgerekend gisteren „inlichtingenbronnen” citeert dat de AIVD bezig is met een spionageonderzoek tegen Huawei? Dat heet ‘strategisch’ lekken.

Luuk van Middelaar is politiek filosoof, historicus en hoogleraar Europees recht (Leiden). Deze week verschijnt de geactualiseerde editie van zijn boek Improvisatie en oppositie: de nieuwe politiek van Europa (Historische Uitgeverij).