Opinie

    • Hugo Camps

Museumplein

Vakbonden en politieke partijen krijgen ze niet meer bij elkaar, een menigte van 100.000 man op het Museumplein in Amsterdam. Koningsdag legt het ook af tegen zo’n invasie in de hoofdstad. Ajax is de hoogdagen van het verenigingsleven ontstegen. Het is een subnatie geworden. Elke vorm van polarisatie is weggevallen uit de volksvreugde om de landstitel. Boeren polderjongens en verstedelijkte Marokkanen of Serviërs voetballen en feesten in elkaars huid.

De integratie is helemáál niet mislukt. Ajax completeert juist het deficit dat anderen in het leven hebben geroepen. Daar, op het Museumplein, was Amsterdam één stad, één volk, één roes. Rijk en arm dansend door elkaar heen, blank en zwart uit dezelfde rib gesneden. Ajax is meer dan een cultuurverschijnsel, het is een stamboom voor juichend Nederland.

Geen mooiere plek dan het Museumplein als er iets te vieren valt. Extreme talenten die garant staan voor schoonheid, als Hakim Ziyech en Dusan Tadic, horen in het hart van de stad gevierd te worden, niet in de onpersoonlijke rand. Op het Museumplein ontmoeten de grootsheid van Ajax en van de stad elkaar, in historische verwantschap. Voetballers worden vanzelf voorbeeldige teamspelers in de ondeelbare grandezza van beide. Nieuwkomers blijven niet ongevoelig voor deze microbe.

Het was aandoenlijk om te zien hoe Tadic en Ziyech voorgangers werden van het feestgedruis. Ze hosten zichzelf op het podium tot springveren van laveloos geluk. Zelfs de stugge coach Erik ten Hag gooide voorzichtig de heupen los tot een vertraagde swing. Dat lag ook aan het Museumplein met zijn gewijde ambiance.

Er was een tijd dat de fans en Ziyech elkaar vervloekten, zo niet toch in grimmige stuiptrekkingen van allergie afstand creëerden. Dat de spelmaker voor het Marokkaanse nationale elftal koos en niet voor Oranje, bevestigde de verwijdering. Nauwelijks een jaar later is Ziyech niet alleen de beste voetballer van de eredivisie, maar ook nog eens de extreem voorbeeldige teamspeler die anderen laat schitteren. Hij schuwt het duel niet, excelleert met gemillimeterde passes, weet in alle omstandigheden het doel te staan. De nukkige dissident werd de motor van een subliem Ajax. Je zou het bijna een academische bekering kunnen noemen.

De gretigheid waarmee hij rollebolde na de winst in Doetinchem was van een uitbundigheid die we niet eerder bij de Marokkaans-Nederlandse architect van Ajax hadden gezien. Vrij en onbegrensd gelukkig zag je hem buikschuiven in het Achterhoekse gras. Ineens meer polderjongen dan zijn teamgenoten, bijna orkestmeester van het witte gezelschap. Integratie à la lettre.

Voor de allochtone hangjongeren van zijn generatie is Ziyech een godsgeschenk. Rolmodel in de magie van bal en man. Met een wervende kracht die Fré Meis nooit heeft gekend. Alleen al voor zijn brugfunctie verdient Hakim Ziyech een levenslang contract bij Ajax. Het zal er natuurlijk niet van komen – de consequentie van succes is leegloop. Edwin van der Sar en Marc Overmars zullen hard hun best moeten doen om Ajax niet als een gepluimd kieken aan de aftrap van het komende seizoen te laten verschijnen. Een terugval zou ook Europa pijn doen, want Ajax was de libidofactor van het aflopende seizoen op Europese velden. Voetbal als vrijage. Jawel, amourettes horen ook wezenlijk bij het Museumplein. Of dacht u dat Van Gogh en Rembrandt celibataire zuurpruimen waren? Hun torment leert anders.

Hugo Camps is journalist, columnist en schrijver.
Bekijk ook deze fotoserie van de huldiging van Ajax