Jan Lammers is sportief directeur van de Grote Prijs van Nederland: „Je hoeft niet twee minuten in de duinen te wachten voordat je de auto’s weer ziet.”

Foto Merlijn Doomernik

Jan Lammers: ‘Soms moet je gewoon gas geven in het leven’

Sportief directeur ‘Dutch Grand Prix’ Jan Lammers (62) beleeft in de nadagen van zijn lange carrière de climax van een avontuur: de terugkeer van de Formule 1 in Zandvoort. Wat hij als sportief directeur gaat doen? „Goeie vraag.”

Spinnen en driften, jongleren op een spekglad baantje. Sierlijke pirouettes, geëtst met een stadsautootje, hoekig en licht. Een Simca, merk van eenvoud. Daarmee maakte Jan Lammers zelf de choreografie van zijn jeugd. In Zandvoort, in de school van zijn grote leermeester Rob Slotemaker, de goeroe van de antislip en liefhebber van snelheid: van races, rally’s tot straaljagers.

Volgens Slotemaker zou de jonge baanspuiter en autowasser uit Zandvoort ooit wereldkampioen worden. Een vechter op het asfalt, maar ook een talent in de publiciteit. Blonde krullen, open blik, netjes opgevoed. Een ‘nestdotje’, noemde zijn moeder hem in de beknopte biografie Jantje. Jongste in een gezin met zeven kinderen. Kind van Zandvoort. Opgegroeid tussen de auto’s en de duinen. Klein van stuk, hij kon amper boven het stuur uitkomen.

Wereldkampioen in de Formule 1 is Jan Lammers niet geworden, zoals Slotemaker had voorspeld. Wel winnaar van de 24-uur van Le Mans. „Feitelijk had Rob het mis, maar hij zat er niet ver naast”, zegt hij in een strandpaviljoen in Zandvoort – boven een uitsmijter.

In de nadagen van zijn racecarrière beleeft Lammers de climax van een avontuur dat in 2016 begon met de overname van het circuit door Bernard van Oranje: de terugkeer van de Formule 1 in Zandvoort. Een ambitie die alles te maken heeft met het succes van Max Verstappen.

Na maanden van discreet overleg maakten Formula One Management (FOM) en Circuit Zandvoort de komst van de grand prix dinsdag bekend. Over een jaar, ergens in mei, wordt de race gehouden. Lammers (62) is aangesteld als sportief directeur van de Grote Prijs van Nederland. Bijna vijftig jaar na de eerste grand prix van zijn herinnering – met de Lotus van Jim Clark in de garage om de hoek.

De technische kant is straks het domein van de race-autoriteiten en de teams. Wat hij gaat doen? „Goeie vraag.” Geen functieomschrijving, wel een missie. Zoveel mogelijk mensen plezier laten beleven. Verklaren, uitleggen en informeren. Eigenlijk de rol die hij het afgelopen jaar heeft gekregen. Bliksemafleider bij geruchten, pedagoog voor leken, debater in de maatschappelijke discussie over Formule 1, commentator op tv.

Hij heeft altijd zijn woordje paraat, dat was al in de tijd van Slotemaker, die hem ook graag voor de reclame inschakelde. Hij bleef lang tien, ook toen hij in werkelijkheid een paar jaar ouder was. Dat lag beter in de publiciteit, wist Slotemaker. Bijnaam ‘Jantje’, hij is er mee verklonken.

Dierbare vriend

Lammers praat graag over zijn sport en omstreken. Schildert filosofietjes met losse penseelstreken, heeft altijd ontwapenende uitdrukkingen in voorraad. Hij noemt Nico Rosberg, wereldkampioen Formule 1 in 2016 „de cafeïnevrije-uitvoering” van diens rivaal Lewis Hamilton. Gebrek aan persoonlijkheid dus, typisch zijn manier van praten.

Zandvoort is een aanwinst voor de grand prix-agenda, zegt hij. Door zijn unieke ligging aan zee, hoogteverschillen in de duinen, verkanting van de bochten. „Ik weet zeker dat Max en Hamilton, met de party-mode en hun zachte bandjes, in de kwalificatie zullen flippen van enthousiasme.” Voor het publiek is het korte circuit aantrekkelijk: „Je hoeft niet twee minuten in de duinen te wachten voordat je de auto’s weer ziet.”

Bernhard van Oranje schakelde Lammers in als informele ambassadeur van het circuit. Ze kennen elkaar uit de racerij. „Een dierbare vriend”, noemt Lammers hem. De prins kreeg negatieve publiciteit met het vastgoedimperium dat hij met zakenpartners heeft opgebouwd: honderden huizen, winkels en kantoren, vooral in Amsterdam. ‘Pandjesbaas’, ‘Prinsje Nooitgenoeg’ – in de publiciteit was de gunfactor ver te zoeken. „Die mensen moeten altijd terughoudend zijn, want niet iedereen heeft het beste met ze voor.” Fel: „Bernhard heeft het voor elkaar gekregen dat we een wereldevenement krijgen. We hebben in Nederland geen EK, geen WK, geen Olympische Spelen. Wat mankeert er aan die man? Zijn imago is nog geen twee procent van hoe hij in werkelijkheid is. Hij is een harde werker, een family man die gek is op zijn kinderen.” Geamuseerd: „Die bril is echt Bernhard. Trekt zich niets aan van wat anderen vinden.”

Hij heeft zich ook geërgerd aan de door Assen verspreide mare dat het ook kans maakte op een grand prix, terwijl Zandvoort de enige kandidaat was. „Dit heeft voor verwarring en tweestrijd gezorgd. Je mag racefans niet beledigen met sales talk. De aandacht van de fans bepaalt de waarde van je sport. Je moet eerlijk met hen communiceren. Kwestie van zorgplicht.”

Hij maakt zich geen zorgen over de massale toestroom in de slecht ontsloten badplaats waar hij altijd is blijven wonen, dichtbij het circuit. „We hebben een trein die bijna bij de pitstraat stopt. Elektrische fietsen, een app voor slim vervoer, Google Maps – de wereld is veranderd.” De kritiek op de grand prix vindt hij soms hypocriet. „In de buurt is er een nieuw voetgangerslicht op het trottoir. Wat iedereen daar doet: stoplicht indrukken en uit ongeduld toch maar oversteken. Elke keer staan er vier, vijf auto’s te wachten zonder dat er een voetganger te bekennen is. Met een slimmigheidje kun je daar twintig jaar luchtvervuiling van de hele Formule 1 besparen. Maar ja, als het veiliger is en levens spaart moet het natuurlijk. En dan die mensen die met een plezierjacht zorgen dat er met draaiende motor kilometers files staan. Laten ze op een ander moment onder de brug varen. Ze varen in hun vrije tijd, dus ze hebben tijd zat.”

Terwijl de fabrikanten in de Formule 1 elkaar „afslachten” in de strijd om zuiniger auto’s. „Formule 1 is een race van efficiency”, zegt Lammers.

Lees ook: Wie kritiek heeft op het circuit geldt als een outcast

Met verdriet omgaan

Veertig jaar geleden had hij een leven van uitersten. Zijn mentor Slotemaker verongelukte in Zandvoort. Hij kwam in een slip en knalde tegen een reddingsauto die daar nooit had mogen staan. In datzelfde jaar, 1979, debuteert Lammers op 22-jarige leeftijd in de Formule 1. Geen tijd voor verdriet? „Ik zat in de bloei van mijn leven. Als ik had zitten huilen had hij gezegd: flikker op, het is niet anders. Ik mis hem op de mooie momenten. Als hij die kleine van mij had zien karten, had hij hem opgevreten. Hij heeft vijftig jaar mogen leven en veel voor mensen als ik kunnen betekenen. Heb mijn hele raceleven aan hem te danken. Hij is in mij doorgeleefd, ik heb op mijn manier anderen in hun carrière geholpen. Hoe je met verdriet omgaat, is afhankelijk van waar de degene door overlijdt. Rob was heel consequent. Kende het risico dat het fout zou kunnen gaan. Een hele leuke, gekke kerel die nooit volwassen werd. Een ongeluk als van Rob leer je te accepteren.”

Het leven is net een film, zegt hij. „Het hoeft niet altijd goed af te lopen. Een mooie film heeft soms een triest einde. De dood kan voor de achterblijvers iets mooi betekenen. Senna [drievoudig wereldkampioen] is door zijn dood veel iconischer geworden dan hij in zijn leven had kunnen worden. Heel veel mensen willen in de hemel, maar ze willen niet sterven. Misschien is dit wel de hemel.”

Leven in het hier en nu. Hoogtepunten? „Het moment op zich”, zegt hij filosofisch. „Je moet het leven niet te serieus nemen. Het is één groot studentenhuis. Maar geluk is een serieuze zaak. De beste IQ-test is aan mensen vragen of ze gelukkig zijn. Als ze volmondig ‘ja’ zeggen, zijn het slimme mensen.”

Zelf scoort hij in die test een voldoende. Noemt zichzelf een bevoorrecht mens, met zijn netwerk, zijn vriendin en zijn kinderen. „Ik ben iemand die heel intuïtief en spontaan leeft. Doe de dingen waarbij ik me goed voel en zoveel mogelijk in harmonie met mijn omgeving. Van nature ben ik niet bijster slim met mijn keuzes.” In zaken bijvoorbeeld. Veel geld verdiend, maar zichzelf ook in de nesten gewerkt. Als eigenaar van raceteam Racing for Holland bijvoorbeeld. „Racen is een prachtig leven, maar als je ambities hebt, kun je je geld er ook in kwijt.”

Lees ook: ‘Circuit Zandvoort is voor coureurs met ballen’

Instructieboekjes

In zijn Formule 1-jaren maakte hij kennis met spiritualiteit. Las boeken als The Silva Mind Control Method en Three Magic Words. Visualiseren, mediteren. De essentie vinden in de gekte van alledag. Mediteren doet hij niet meer. „Je kunt de hele dag instructieboekjes lezen, maar op een gegeven moment moet je gewoon gaan rijden in het leven. Ik probeer heel erg in het gebed te leven.” Hij proefde aan de islam, in de tijd dat hij was getrouwd was met een Jemenitische vrouw. Fardous woont met hun twee kinderen in Florida. Regelmatig gaat hij er een week naartoe.

Hij leeft alweer twintig jaar met Mariska en hun zoontje René van tien. Talentje in karting. Vanaf januari heeft hij maar één weekeinde niet gereden. „René is heel goed, hij is slimmer en beter dan ik.” Lammers sleutelt zelf aan de kart, bouwt ook zelf het motortje op. „Ik zit er bovenop. Ik wil een topcoureur van hem maken. Dat gaat lukken. Ik zeg hem altijd: alles goed, maar het gaat alleen maar om het winnen.”

Zelf won hij vaak, maar niet in de Formule 1. Racete in allerlei klassen tegen Damon Hill, Alain Prost, Nigel Mansell en Eddie Irvine. Met topmateriaal had hij veel meer bereikt, zegt hij. Met zijn Britse collega’s Andy Wallace en Johnny Dumfries won hij in 1988 de 24 Uren van Le Mans, nog steeds een hoogtepunt in zijn lange loopbaan. Hij deed 24 keer aan de wedstrijd mee, vorig jaar hield hij ermee op.

De Formule 1 is nog steeds „dolende” door gebrek aan spanning, weinig ruimte voor inhalen. De achtervleugel openen om in te halen – met de ‘DRS’ – het is Lammers een gruwel. „Het is een democratische oplossing.” Zo kan iedereen inhalen, ook met minder geld en talent. „Dat is toch niet racen! Het is net als dat Ajax in de eerste helft met 4-0 voorstaat en in de rust de shirtjes van de tegenstander krijgt. Presteren wordt gestraft, de zwakkere rijders worden beloond.” Begin van de oplossing: eenvoudiger motoren, aërodynamica die inhalen mogelijk maakt.

De Formule 1 is verworden tot een academische sport. De hybride motoren van nu zijn volgens Lammers „moreel prima, maar heel gecompliceerd”. Daardoor winnen de teams met de hoogste budgetten. Weg met de pitstops, die zorgen voor een rustpunt, terwijl de coureurs zouden moeten „gassen”. Twee uur lang met twee ronden toegift. „Van de gezichten kun je niet zien of ze een grand prix hebben gereden of in de bibliotheek zijn geweest. Ik zie nooit rijders die na afloop helemaal verrot zijn. Senna viel soms neer. Het moet weer een grand prix worden.”

Luister ook naar NRC’s dagelijkse podcast Vandaag over de terugkeer van de Formule 1 in Zandvoort: