Waar maakt een Roemeense kiezer zich druk om? En een Spaanse?

Kiezersonderzoek EU Bij de Europese verkiezingen, in Nederland donderdag, spelen zeer uiteenlopende thema’s. De zorgen van een Deen zijn niet die van een Roemeen.

Posters op een verkiezingsbord in Villenouvelle, Frankrijk, in aanloop naar de verkiezingen.
Posters op een verkiezingsbord in Villenouvelle, Frankrijk, in aanloop naar de verkiezingen. Foto Eric Cabanis/AFP

Immigratie zou hét thema worden bij de aankomende Europese verkiezingen. Europa zou verscheurd raken tussen aanhangers van een ‘open Europa’ en voorstanders van ‘gesloten’ natiestaten, zo was de verwachting. Dat blijkt anders te liggen, zo toont onderzoek aan van denktank European Council on Foreign Relations (ECFR). De steun voor de EU met zijn open grenzen is door de Brexit-chaos groter dan ooit. Migratie blijft een belangrijk thema, maar de toestroom van vluchtelingen is flink afgenomen en in de meeste landen is dit niet het belangrijkste verkiezingsonderwerp meer. Anti-migratiepartijen zagen dit ook en herpositioneerden zichzelf. In Frankrijk praat Marine le Pen niet langer over een ‘Frexit’, een Franse uittreding uit de EU. In Nederland bepleit Thierry Baudet niet langer een ‘Nexit’, maar hooguit een referendum daarover. Dit soort partijen werkt in Europa juist steeds nauwer samen om gezamenlijk de immigratie te beperken.

Als de komende verkiezingen niet worden gedomineerd door migratie, waar gaan ze dan wel over? Dat hangt ervan af waar de vraag wordt gesteld. Honderden miljoenen Europeanen kiezen volgende week één Europees Parlement, maar laten zich leiden door sterk uiteenlopende thema’s. De zorgen van iemand in Roemenië zijn anders dan die van een Nederlander. Als een Roemeen zich al zorgen maakt over migratie, dan is het eerder vanwege mensen die het land verlaten, dan over mensen die binnenkomen. Dat thema leeft in sommige regio’s zo sterk dat meerderheden in Griekenland, Italië, Spanje, Hongarije, Polen en Roemenië willen dat hun regering het burgers verbiedt voor langere periodes te vertrekken.

Islamitisch radicalisme

Het ECFR-onderzoek, begin dit jaar verricht onder 46.000 EU-burgers in veertien landen, laat zien dat islamitisch radicalisme in de meeste lidstaten als grootste bedreiging voor Europa wordt gezien. Nederland is de absolute uitschieter: meer dan 30 procent van de ondervraagden beschouwt de radicale islam als het grootste gevaar. Dat lijkt goed nieuws voor anti-migratiepolitici. Maar het blijken vooral de stemmers op centrum- en centrum-rechtse partijen te zijn die het islamitisch radicalisme vrezen.

In een recent onderzoek van peilingbureau Yougov in acht EU-landen kwam migratie gemiddeld overigens wel als belangrijkste thema naar voren. Mogelijk komt dat doordat in deze peiling niet apart naar de dreiging van islamitisch radicalisme werd gevraagd.

In Italië, Roemenië en Griekenland baren vooral economische problemen de kiezers zorgen. Italië kampt met een snel vergrijzende bevolking, amper economische groei en torenhoge jeugdwerkloosheid. In Roemenië draait de economie een stuk beter, maar nemen de verschillen tussen succesvolle steden en het ontvolkte, armoedige platteland steeds verder toe. En Griekenland is nog lang niet hersteld van de economische crisis die het land in voorbije jaren trof. Alleen in Duitsland en Denemarken is een meerderheid van mening dat de economie goed presteert.

De grootste bedreigingen voor Europa volgens verschillende lidstaten.

Klimaatverandering werd alleen door de Denen tot de twee grootste bedreigingen gerekend. Als naar dit thema alleen werd gevraagd, bleken grote meerderheden in alle onderzochte landen er bezorgd over te zijn.

Op de vraag of de Europese Unie burgers beschermt tegen de excessen van hun regering, of die regering juist belemmert, opteerden meerderheden in vier landen voor beschermen. Behalve om Spanje, ging het om Roemenië, Polen en Hongarije, landen met regeringen die de Brusselse invloed juist sterk willen terugdringen.

Lees ook over de invloed van de EU op het dagelijks leven: Elke dag een Europees goedgekeurd ei

Corruptie is een grote zorg in het zuiden, midden en oosten van Europa. In Frankrijk en Denemarken wordt vooral de blokvorming tegen supermachten als de VS en China gewaardeerd. En mocht de EU verdwijnen, dan zal in bijna alle EU-landen vooral het vrije reizen worden gemist.

De ECFR concludeert dat politieke partijen die komende week succesvol willen zijn, zich moeten presenteren als veranderingsgezind. Ook onder aanhangers van de EU leeft het idee dat er veel mis gaat in Europa. Zo behoren stemmers op de Franse president Emmanuel Macron, een fervent voorstander van de Unie, tot de mensen die er het sterkst van overtuigd zijn dat de EU ‘kapot’ is.

Bij de Europese verkiezingen stem je op een Nederlandse partij. Maar die voegt zich daarna bij een fractie met partijen uit allerlei andere lidstaten. Welke gevolgen heeft dat? We leggen het uit in deze video:

Italië: Werkloosheid en armoede

De zorgen van de Italiaan betreffen vooral de slechte economie

Door onze correspondent: Marc Leijendekker

De Corriere della Sera vatte eerder deze maand de stemming in Italië bondig samen in een recensie van het zoveelste boek over de crisis die het land doormaakt: „We zijn depressief, pessimistisch […] want we hebben ieder vertrouwen in de toekomst verloren, iedere hoop om onze omstandigheden te verbeteren.” Het gaat slecht, al jaren. Het Internationaal Monetair Fonds rekende dat onlangs nog eens voor. In de eerste twee decennia van deze eeuw zijn de Fransen er, netto, 13,6 procent op vooruit gegaan, de Nederlanders 21,2 procent en de Duitsers 24,9 procent. Over deze hele periode komen zelfs de Grieken op +2 procent uit, aldus het IMF. Alleen de Italianen staan in de min. Netto -2,7 procent vergeleken met 2001.

Geen wonder dat economische problemen als werkloosheid en armoede bovenaan het zorgenlijstje van de Italiaanse kiezer staan. Daarachter schuilt een reeks onopgeloste problemen: corruptie, de enorme staatsschuld, slecht functionerende justitie, trage bureaucratie, enorme verschillen tussen noord en zuid, de maffia, de hoge belastingdruk en de enorme belastingontduiking.

Voor veel kiezers is de korte samenvatting: het land is chronisch ziek, met als zondebokken de Europese Unie (die verbiedt meer geld uit te geven) en buitenlandse immigranten (die geld kosten). Vandaar dat 50 procent van de ondervraagden in onderzoek van denktank European Council on Foreign Relations (ECFR) zegt dat de EU Italië afremt; vandaar dat na Griekenland Italië het land met de meeste steun is voor radicale partijen. Vandaar ook dat veel Italianen zich grote zorgen maken over de toekomst voor hun kinderen. Veel jongeren gaan weg omdat ze geen kansen zien in Italië. Op de vraag in het ECFR-onderzoek waar ze het meest bang voor zijn, mensen die komen of mensen die gaan, koos 32 procent voor de vertrekkers, tegen 24 procent voor immigranten. 35 procent zei zich over beide evenveel zorgen te maken.

De grootste bedreigingen voor Europa volgens kiezers in Italië.

Spanje: Eensgezind over Europa

De Europese verkiezingen leven nauwelijks in Spanje, geen partij is anti-EU.

Door onze correspondent: Koen Greven

Vrijwel niemand had verwacht dat de Spaanse premier in juni 2018 zou worden weggestuurd vanwege een corruptiezaak waarbij de Volkspartij (PP) betrokken was. De conservatieve leider Mariano Rajoy zelf nog het minst. En toch viel zijn kabinet over een motie van wantrouwen van de sociaal-democraat Pedro Sánchez (PSOE), die vervolgens zelf premier werd. Zo verschoot de Spaanse regering van de ene op de andere dag van kleur.

Bij de zogenoemde Gürtel-affaire werden leden van de conservatieve PP veroordeeld voor systematische fraude rond de verstrekking van overheids-opdrachten. Het vertrek van Rajoy luidde het begin in van een nieuw tijdperk in de Spaanse politiek. Het betekende niet alleen het einde van het aloude tweepartijenstelsel, waarbij de PP en de PSOE elkaar decennialang afwisselden, maar was ook een krachtig signaal naar de samenleving dat corruptie wel degelijk bestraft kon worden. Nieuwe, radicale partijen als het linkse Podemos en het rechtse Vox mengden zich samen met het liberale Ciudadanos in de strijd om de macht.

Corruptie en werkloosheid zijn de belangrijkste onderwerpen voor de Spanjaarden, die net landelijke verkiezingen (eind april) achter de rug hebben. De Volkspartij was de grote verliezer. Op 26 mei staan weliswaar de Europese verkiezingen op het programma, maar die zijn in grote delen van het land ondergeschikt aan regionale en lokale verkiezingen. Een Europese campagne wordt nauwelijks gevoerd. Er is ook niet heel veel te kiezen voor Spanjaarden in Europa. Het land mag dan in nationaal opzicht sterk verdeeld zijn in een links en een rechts blok, maar als het om Europa gaat is de eensgezindheid opvallend groot. Geen partij profileert zich als eurosceptisch. Sterker nog; het grootste deel van de Spanjaarden vertrouwt meer op de Europese politici in Brussel als beschermers van democratische waarden en bestrijders van corruptie dan op hun eigen leiders.

De grootste bedreigingen voor Europa volgens Spaanse kiezers.

Frankrijk: Opnieuw tweestrijd rond EU

De partijen van Le Pen en Macron cultiveren weer de strijd tussen ‘progressieven’ en ‘nationalisten’.

Door onze correspondent: Peter Vermaas

Ja, ‘Europa’ is in Frankrijk hét thema in de campagne voor de verkiezingen voor het Europees Parlement. Maar in de meest basale vorm: vóór of tegen de huidige Europese Unie. De strategische tweestrijd tussen La République en Marche (LREM) van president Emmanuel Macron en de Rassemblement National (RN) van Marine Le Pen is zo een soort voortzetting van de Franse presidentsverkiezingen van 2017.

Over één ding waren kiezers van Macron en Le Pen het destijds eens: de EU functioneert niet naar behoren. In geen EU-land, bleek onlangs opnieuw uit onderzoek van de European Council on Foreign Relations, vinden meer kiezers dat zowel het nationale als het Europese politieke systeem „kapot” is en een revolutie behoeft. In 2017 stemde ongeveer de helft van de Fransen op anti-systeempartijen.

Terwijl Macron in 2017 met zijn pro-Europese campagne beloofde de Unie met hervormingen te repareren, zei Le Pen dat het tijd was voor ‘Frexit’. Toen bleek dat Fransen – vooral door hun spaargeld in euro’s – meer gehecht waren aan de euro dan zij had gedacht, zwakte ze dat wat af in kiesronde twee: er moest een referendum over het EU-lidmaatschap komen.

Le Pens huidige Europese lijsttrekker Jordan Bardella (23) is nog wat opgeschoven: Frankrijk moet lid blijven, maar wel het Schengenverdrag en alle vrijhandelsakkoorden opzeggen en een eigen landbouwpolitiek voeren. „Dat wil dus zeggen dat jullie uit de EU willen”, sneerde Macrons lijsttrekker Nathalie Loiseau deze week in een tv-debat tegenover Bardella.

In de peilingen gaan Loiseau en Bardella met elk zo’n 23 procent van de stemmen nek-aan-nek. Ze cultiveren de tweestrijd tussen wat Macron ‘progressieven’ en ‘nationalisten’ noemt, en benadrukken tot ongenoegen van de oppositie dat er, anders dan bij normale Franse verkiezingen, „maar één ronde” is. Met andere woorden: nuances tellen niet, strategisch stemmen is het devies.

De grootste bedreigingen voor Europa volgens Franse kiezers.

Hongarije: De veiligheid wordt bedreigd

Het idee van immigratie jaagt Hongaren schrik aan, net als de daadwerkelijke emigratie.

Door onze correspondent: Emilie van Outeren

Immigratie, immigratie, immigratie. In de Hongaarse verkiezingscampagne lijkt het alsof het nog steeds 2015 is en de Europese Unie in een aanhoudende migratiecrisis verkeert, waarbij miljoenen migranten uit Afrika en het Midden-Oosten dreigen het Hongaarse grenshek omver te lopen. Vier jaar geleden wist premier Viktor Orbán dankzij dat onderwerp zijn binnenlandse machtspositie te versterken en zichzelf internationaal te profileren als de verdediger van gesloten grenzen en een dominant christelijk Europa. Om die positie te behouden heeft hij permanente vijanden nodig: migranten en vluchtelingen én de zittende macht in Brussel.

Begin dit jaar liet Orbán – van belastinggeld – posters drukken met daarop een grijnzende Commissievoorzitter Jean-Claude Juncker en miljardair George Soros. De boodschap: deze mannen proberen ons migratiequota door de strot te duwen en zijn „een fundamentele bedreiging voor de veiligheid van Hongarije”.

De campagneboodschap beklijft, ook bij gebrek aan werkelijke vluchtelingenstromen: Hongarije is het enige land waar kiezers immigratie als belangrijkste zorg noemen in aanloop naar de Europese verkiezingen. Niet omdat zij er zelf de gevolgen van ervaren, maar omdat Orbáns propaganda vaak de enige informatie is die hen bereikt. Vrijwel alle media in Hongarije zijn in handen van de Fidesz-partij of verwante oligarchen. Geloofwaardige oppositie die erin slaagt andere thema’s te agenderen, bestaat nauwelijks.

Maar Hongaren maken zich niet alleen zorgen over mensen die hun land binnenkomen, ze vrezen ook de gevolgen van de grote aantallen die vertrekken. Ondanks sterke groei van de Hongaarse economie kiezen veel jonge Hongaren ervoor om elders in de EU te werken, voor hogere salarissen, maar ook vanwege het beklemmende politieke klimaat in het land.

De grootste bedreigingen voor Europa volgens kiezers in Hongarije.

Oost-Europa: EU, hoeder van het recht

Polen, Hongaren en Roemenen zien de EU als buffer voor democratie, mensenrechten en de rechtsstaat.

Door onze correspondent: Emilie van Outeren

Het Europees Parlement spande een strafprocedure aan tegen Hongarije vanwege grove inbreuken op de democratie. De Europese Commissie en het Hof tikten Polen op de vingers over het ondermijnen van de rechtsstaat, onder andere door rechters met vervroegd pensioen te sturen. En eurocommissaris Frans Timmermans voert de druk op om hetzelfde te doen bij Roemenië, waar de heersende coalitie de ene na de andere noodwet invoert om eigen politici te beschermen tegen vervolging wegens corruptie.

Hét ‘issue’ in Duitsland volgens het ECFR: Duitsers maken zich veel meer zorgen over betaalbare huisvesting dan de gemiddelde Europeaan

Deze confrontaties – en die over immigratie – tekenen de verhoudingen tussen West-Europa en de relatief jonge democratieën in Oost-Europa de afgelopen jaren. Maar hoewel de regeringen in Polen, Hongarije en Roemenië op ramkoers lijken te liggen met Brussel, is dat niet het dominante sentiment onder burgers.

In alle drie de landen vinden meer mensen dat de EU hen beschermt tegen excessen van hun eigen regering dan dat de Unie hun bestuurders ervan weerhoudt het goede voor hun land te doen. Als de EU morgen uit elkaar zou vallen, zou volgens Polen, Roemenen en Hongaren het verdwijnen van de internationale buffer ter bescherming van mensenrechten, rechtsstaat en democratie het grootste gemis zijn. De nieuwere lidstaten zien Brussel minder als een hindermacht dan de staten die de Unie oprichtten. Ze zien de EU juist als beste garantie voor hun rule of law.

In Slowakije, waar ook zorgen zijn over de rechtsstaat, mensenrechten en persvrijheid, is het vertrouwen in het Europees Parlement zelfs groter dan in de nationale parlementariërs. Terwijl in 2014 maar 13 procent van de kiesgerechtigden kwam opdagen voor de Europese verkiezingen – de grootste desinteresse binnen de EU. De vraag is of het sterke vertrouwen in de instituties van de EU en de impopulariteit van de regering in eigen land dit keer leiden tot een groter aantal kiezers.

De grootste bedreigingen voor Europa volgens Roemeense kiezers.

De grootste bedreigingen voor Europa volgens Poolse kiezers.