Opinie

    • Willem Pekelder

Atoombunker

Niemand wist dat-ie er nog was: de atoombunker in het talud van de Westzeedijk. Totdat medewerkers van de nabij gelegen Kunsthal zo’n vijf geleden een gat in de dijk aantroffen, aan het graven gingen en stuitten op het relict uit de Koude Oorlog. Het verhaal is symptomatisch voor de snelheid waarmee de Koude Oorlog tot het verleden is gaan behoren. Van de zeventien schuilkelders die Rotterdam ooit telde zijn er nog maar vier over. Vele werden in de jaren negentig vernietigd nadat het Rijk een slooppremie had verordineerd.

De Stichting Cultureel Erfgoed Koude Oorlog maakt zich hier zorgen over. Ze wil dat de nalatenschap van deze recente geschiedenis intact blijft en toegankelijk. Daartoe stelde de stichting begin deze maand de bunker aan de Westzeedijk open voor publiek. Dat deze kelder nog niet te gronde is gericht komt louter doordat hij deel uitmaakt van een dijk. Het Hoogheemraadschap stak er een stokje voor.

Halverwege de middag stond er een behoorlijke rij voor de deur. Via een trapje ging het groepsgewijs naar de kelder, een ruimte van naar schatting zeven bij drie meter, waar in tijden van nood zo’n vijftig getroffenen uit de directe omgeving konden verblijven. Een interieur bestaande uit eenvoudige houten bankjes en tafeltjes, met daarboven canvas matrassen om beurtelings op te slapen. In de hoek, achter een gordijn, een zinken emmer voor de dagelijkse behoeften. Zandfilters zorgden bij een bombardement voor toevoer van verse zuurstof, en koolstoffilters voor luchtzuivering.

Een stichtingsgids vertelde dat gedurende de Koude Oorlog proviand voor twee dagen voorradig was: droge crackers en jerrycans met water. Daarna moesten de mensen weer naar buiten, waar de fall-out inmiddels tot een aanvaardbaar niveau was gedaald. De gids wees op het noodluik achterin, waarlangs een zwerver zich midden jaren negentig toegang had verschaft. Zwarte plekken op de muur herinnerden aan de vele peuken die hij uitdrukte.

De zwerver is de enige geweest die ooit in de atoombunker heeft gebivakkeerd. Voor de rest is de plek alleen gebruikt voor oefeningen. En nu dus voor bezichtiging. Zo’n kleine 250 belangstellenden hielden deze meimiddag het erfgoed van de Koude Oorlog levend.