Verder nadenken over de CO2-heffing

Klimaatakkoord De impact van de nationale CO2-heffing is nog zeer ongewis. Er worden daarom extra experts ingezet om de gevolgen te onderzoeken.

De hoogovens van Tata Steel in IJmuiden. Het kabinet heeft het besluit over een CO2-heffing doorgeschoven naar juni.
De hoogovens van Tata Steel in IJmuiden. Het kabinet heeft het besluit over een CO2-heffing doorgeschoven naar juni. foto Olaf Kraak/ANP

De gevolgen van een CO2-heffing zijn zo moeilijk in te schatten dat een groep experts afkomstig van vijf instellingen en bedrijven zich er nu over buigt. Hun oordeel moet het kabinet enige zekerheid geven over de impact van zo’n heffing die nog bijna nergens is ingevoerd.

Het kabinet wil een „verstandige heffing die bedrijven niet wegjaagt”. Maar in welke mate internationale industrieconcerns in reactie op de heffing investeringen en productie naar andere landen verplaatsen, is lastig met zekerheid vast te stellen.

Kenners van De Nederlandsche Bank en van adviesbureaus CE Delft en PriceWaterhouseCoopers helpen, aldus diverse betrokkenen, sinds afgelopen maandag de experts van het Centraal Planbureau en het PBL.

Eind april bleek al hoeveel moeite het Planbureau voor de Leefomgeving heeft met het doorrekenen van de CO2-heffingen die oppositiepartijen GroenLinks en PvdA indienden. Toen lekten de concept-doorrekeningen van die heffingen uit. PBL benadrukte direct dat de rapporten niet af waren. Cruciale inschattingen over het risico dat bedrijven bij een nationale heffing vertrekken, of stoppen met investeren, waren nog niet gemaakt.

Het kabinet heeft een aantal eigen varianten op tafel gelegd. Betrokkenen verwachten dat de deskundigen nog deze maand hun oordeel over die varianten vellen. Het kabinet moet dan in juni tot een besluit over de nationale CO2-heffing komen.

Lees ook: De voor- en nadelen van een CO2-heffing

Voorzichtige aanpak

Het ongeduld over de uitblijvende besluiten neemt met name bij de oppositie toe, bleek donderdag tijdens een Kamerdebat over het klimaatbeleid. Vorig jaar zomer hadden de zogeheten klimaattafels een eerste conceptakkoord van het klimaatakkoord klaar, en, bijna een jaar later, wordt er nog steeds gestudeerd en overlegd.

Intussen weten burgers niet of ze hun cv-ketel moeten vervangen en gemeenten kunnen niet besluiten of ze wijken aansluiten op een warmtenet. „Ik kan deze vier uur van het debat gemakkelijk vullen met alle vragen die ik krijg over wat er nu gaat gebeuren”, zei GroenLinks-Kamerlid Tom van der Lee. „Nederland wil weten waar het aan toe is.”

Ook de deelnemers aan de zogeheten industrietafel wachten op duidelijkheid nadat een eigen voorstel van de industrie om de uitstoot te verminderen in maart door het kabinet werd verworpen. De milieuorganisaties, die inmiddels weer zijn aangeschoven, zijn kritisch. In een brief van vorige week aan de Kamerleden twijfelen zij over de vraag of er nog een „eerlijk en effectief” akkoord komt.

Minister Eric Wiebes (Economische Zaken en Klimaat, VVD) laat zich niet opjagen. „Het is helemaal niet raar om nu de tijd te nemen. Het gaat om de agenda tot 2050 en iedereen moet erachter staan.” Volgens de bewindsman noopt het ontbreken van een internationale heffing tot een voorzichtige aanpak. „U staat straks allemaal bij de interruptiemicrofoon, en terecht, als door de heffing bedrijven uit Nederland vertrekken.”

Naast de CO2-heffing moet komende maand ook duidelijk worden hoe hoog de rekening voor de burger wordt. Eerder gaf het kabinet toe dat de lasten eerlijker verdeeld moeten worden tussen burgers en bedrijven.

Wordt het inderdaad juni zoals het kabinet toezegde? Wiebes leek donderdag een slag om de arm te houden. „Juni is de inzet.”