Commissie van Rijn: ‘Hoger onderwijs moet duidelijke keuzes maken’

Advies Commissie-Van Rijn Universiteiten en hogescholen moeten minder concurreren, luidt een advies. Instellingen vrezen herverdeling van het budget.

Studenten van de VU en TU Delft testen een hightech fiets op een landingsbaan.
Studenten van de VU en TU Delft testen een hightech fiets op een landingsbaan. Foto Remko de Waal/ANP

„Je kunt niet alles overeind houden in het hoger onderwijs’’, is de boodschap van Martin van Rijn, voorzitter van de Adviescommissie Bekostiging Hoger Onderwijs en Onderzoek, die woensdag zijn rapport uitbracht.

Hij spoort aan om binnen het overheidsbudget voor hoger onderwijs van ruim 7 miljard per jaar duidelijke keuzes te maken. Die keuzes moeten minder afhangen van wat 18-jarigen willen studeren, en meer van welke studies de overheid en instellingen belangrijk vinden. Het Rijk moet minder op studentenaantallen subsidiëren.

Dit betekent dat universiteiten en hogescholen minder met elkaar moeten concurreren door middel van marketing en het starten van nieuwe opleidingen om zoveel mogelijk studenten te trekken.

Lees ook het interview met Martin van Rijn: ‘Je kunt niet alles overeind houden in hoger onderwijs’

Tot nu toe staan alle sluizen open voor groei: scholieren worden gestimuleerd om door te stromen naar het hoger onderwijs en instellingen kunnen vrij studenten werven in het buitenland. De overheid betaalt de instellingen grotendeels per student. Toch groeide tussen 2011 en 2017 het aantal studenten drie keer zo hard als de Rijksbijdrage. Hogescholen groeien minder snel. Wat blijkt? Er ontstaat een gapend tekort aan afgestudeerden in bèta- en techniekvakken. Ruim twintig bèta- en techniekstudies stelden een numerus fixus in, terwijl werkgevers zich aan de uitgang verdringen om afgestudeerden. Er is daarentegen een ruim overschot aan afgestudeerden in economie en recht.

Om alle partijen ter wille te zijn, moet het Rijksbudget omhoog. Als dat niet gebeurt, moet het geld worden herverdeeld. Het was de opdracht van de commissie-Van Rijn zo’n herverdeling op korte termijn binnen het huidige budget te onderzoeken.

Minister Ingrid van Engelshoven (Hoger Onderwijs, D66) vindt nu eveneens dat er grenzen moeten worden gesteld, ook aan de internationalisering: „De concurrentie om de student is doorgeschoten. Die heeft een opdrijvend effect gehad op de internationalisering”, zegt ze. Ze bevestigt dat de financiering „aan herijking” toe is. „We hebben jarenlang jongeren richting bèta en techniek gestuurd. We zien dat ze er nu in groten getale voor kiezen en dan kunnen universiteiten en hogescholen het niet aan. Vandaar die verschuiving van middelen.”

Ze heeft goede hoop, zegt ze, dat straks in de Voorjaarsnota de effecten van een herverdeling kunnen worden „verzacht”. Volgens bronnen is er 40 miljoen euro extra beschikbaar.

Nieuwe instellingen leveren in

In een doorrekening van het advies krijgt de TU Delft 8,5 procent meer geld, Eindhoven 7,5 procent. Algemene universiteiten moeten flink inleveren, in het bijzonder de nieuwere. De Open Universiteit levert 6 procent in, Maastricht University 5,5 procent en de Erasmus Rotterdam 5 procent.

De instellingen en de studentenvakbond LSVB willen en-en: meer geld om te groeien, niet herverdelen. „We lossen de problemen van studenten in Rotterdam niet op door het geld weg te halen bij studenten uit Enschede of Vlissingen”, meldt Maurice Limmen, voorzitter van de Vereniging Hogescholen in een persbericht.

Pieter Duisenberg, voorzitter van de Vereniging van Universiteiten (VSNU) waarschuwt voor „grote negatieve gevolgen” bij de alfa-, gamma- en medische wetenschappen. „Dit zijn disciplines van groot maatschappelijk belang waar nu al hoge werkdruk en andere knelpunten heersen”, aldus VSNU. „Niet voor niets vreest ook de commissie-Van Rijn dat ‘de hoge kwaliteit niet lang meer vol te houden is’.”

De commissie wijst nog op de 600 miljoen per jaar die beschikbaar komen dankzij de opheffing van de basisbeurs. Maar de steun voor het sociale leenstelsel brokkelt af. Deze week trok de mede-architect van het stelsel GroenLinks zijn steun in. Waar moet het geld dan worden gevonden? Politiek is verhoging van het budget voor hoger onderwijs niet vanzelfsprekend. Ook het basis- en middelbaar onderwijs willen meer geld.

De budgetten zullen „altijd beperkt” blijven, zegt voorzitter Van Rijn. „Dat betekent dat je consequenties aan je keuzes moet verbinden. Als je dat niet doet, gaat dat ten koste van studenten.”