Honderden wethouders boos op kabinet om jeugdzorg

Jeugdzorg Te krappe budgetten voor de hulp aan kwetsbare jeugd brengen wethouders in de problemen. Ze zetten hun eigen partijen nu onder druk.

Jeugdzorgmedewerkers voerden eerder al actie in Den Haag voor meer geld.
Jeugdzorgmedewerkers voerden eerder al actie in Den Haag voor meer geld. Foto Robin van Lonkhuijsen/ANP

Het is „onverantwoord” om te verwachten dat gemeenten kwetsbare kinderen goed kunnen helpen als daarvoor geen extra geld komt van het Rijk. Dit schrijven 270 wethouders van gemeenten uit het hele land die lid zijn van VVD, CDA, D66 of ChristenUnie in een brief aan hun eigen partijen, die samen het kabinet vormen. „Als het budget voor jeugdzorg niet voldoende en structureel wordt aangevuld vanuit het Rijk, plaatst u ons voor het onmogelijke”, schrijven de wethouders.

Het is zeer ongebruikelijk dat zoveel lokale bestuurders samenwerken om een kabinet van hun eigen partijen onder druk te zetten. Bovendien is het de tweede keer in korte tijd dat gemeentebestuurders alarm slaan over de jeugdzorg. Vorige week schreef de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in een open brief dat de tekorten in de jeugdzorg en geestelijke gezondheidszorg te hoog zijn opgelopen. Er zouden onder meer lange wachtlijsten dreigen voor kwetsbare kinderen die (acuut) hulp nodig hebben.

‘Ongekend signaal’

De wethouders noemen die VNG-brief een „ongekend signaal” en scharen zich daar „volledig achter”. In hun eigen brief schrijven ze: „Hoewel we ons tot het uiterste willen inzetten voor de ondersteuning van kwetsbare kinderen en jongeren in onze steden en dorpen naderen wij de grens van het mogelijke.” De wethouders stellen dat ze worden „gedwongen” te bezuinigen op voorzieningen die juist nodig zijn om zorg te voorkomen zoals armoedebestrijding, de brandweer, en het veiligheidsbeleid – „niets blijft ongemoeid”.

In Rotterdam ging het mis met de jeugdzorg nadat de gemeente verantwoordelijk werd.

In 2015 namen gemeenten de verantwoordelijkheid voor onder meer jeugdzorg over van het Rijk. Dat ging gepaard met een flinke bezuiniging: 15 procent in drie jaar tijd. Het idee was dat gemeenten sneller zouden zien dat kinderen of jongeren in de problemen kwamen, eerder konden ingrijpen, waardoor specialistische (en duurdere) zorg onnodig zou zijn.

Dat bleek, voorlopig, een illusie: het aantal jongeren dat hulp krijgt, is juist met 12 procent gestegen. Eind april bracht het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) rapporten naar buiten waaruit bleek dat driekwart van de Nederlandse gemeenten meer geld aan jeugdzorg uitgeeft dan begroot.

Honderden miljoenen extra

Het kabinet heeft vorige week al honderden miljoenen extra toegezegd voor jeugdzorg. Het gaat om 350 miljoen euro dit jaar en steeds 190 miljoen euro in de drie jaren erop. Maar dat is onvoldoende, vinden de wethouders. Leon Meijer (ChristenUnie), wethouder jeugdzorg in Ede, besloot daarom dat juist wethouders van coalitiepartijen nog eens druk moesten zetten. „We vragen ons af of het probleem in Den Haag niet wordt gebagatelliseerd. Zo van: de VNG doet wel vaker lastig. Daarom zeggen we nu tegen onze partijgenoten: help ons, want wij zitten met een enorm probleem”, vertelt Meijer.

In Ede heeft Meijer een tekort van negen miljoen euro op de jeugdzorg. De gemeente haalt dat geld weg uit andere potjes. Zo wordt bezuinigd op programma’s voor kinderen met een onderwijsachterstand. Meijer: „Dweilen met de kraan open natuurlijk, want als je daarop bezuinigd, zie je die kinderen later terug in de jeugdzorg.”

De wethouders willen, net als de VNG, structureel minimaal 490 miljoen euro van het Rijk. Meijer: „Dat zou ons wat lucht geven.”