‘Circuit Zandvoort is voor coureurs met ballen’

Formule 1 Het historische circuit in Zandvoort is geliefd bij coureurs. Maar de vraag is of de Formule 1 op zo’n smalle baan spektakel oplevert.

Het circuit in de duinen bij Zandvoort.
Het circuit in de duinen bij Zandvoort. Frank Maters/ANP

Als coureurs één omschrijving graag gebruiken voor het circuit van Zandvoort, dan is het ‘old school’. Ouderwets. Ze bedoelen het positief. Zoals je ook de charme kunt zien in de afbladderende verf van de tribune en de beperkte faciliteiten voor een hedendaags Formule 1-circus. Old school. De tijd heeft er stilgestaan en de coureurs houden ervan.

Er zijn nog maar veertien bochten over van de negentien van de laatste Nederlandse grand prix in 1985, maar sinds 1999 ligt het asfalt in de duinen er al hetzelfde bij. Intussen is de Formule 1 een generatie of drie verder.

Uitdagend, noemen coureurs het glooiende rondje in Zandvoort. Meedogenloos, doordat elk foutje wordt afgestraft door de zeer beperkte ruimte. Bovendien zijn het 4.307 loeisnelle meters vol bochten waar je als coureur doorheen vliegt, weinig remzones, heel vloeiend. „Het heeft wel wat weg van Suzuka”, duidt Max Verstappen in een video op de Formule 1-site zijn nieuwe thuiscircuit. Best begrijpelijk, ook het circuit in Japan is ontworpen door Hans Hugenholtz, tevens naamgever van de derde bocht in Zandvoort.

„Een circuit voor coureurs met ballen”, zegt Jan Lammers, die in 1982 op Zandvoort de laatste Nederlander was met een echte thuisrace. Nu is hij de sportief directeur van de nieuwe ‘Dutch Grand Prix’. „De coureurs die het circuit nog niet kennen, kan ik beloven dat ze euforisch zullen zijn over het circuit. Je moet je voorstellen dat als je een circuit hebt dat heel vlak is, waar je weinig gevoel van diepte hebt, dat je ook weinig beleving van snelheid hebt. Vol gas links-rechts-links op een biljartlaken, dat beleef je niet. Hier is het net als in Monaco, zoals je daar dicht langs de vangrails gaat.”

De afgelopen weken en maanden werd huidige Formule 1-coureurs gevraagd naar hun mening over Zandvoort, toen bleek dat de race vrijwel zeker zou worden toegevoegd aan de kalender van volgend jaar. „Een cool circuit”, zei Nico Hülkenberg (Renault). „We hebben het gevoel dat we wat meer risico nemen op een dergelijk circuit, en dat is een fijn gevoel voor een coureur”, vond Valtteri Bottas (Mercedes). „Ongelofelijk om op te rijden”, aldus George Russell (Williams). Zij zijn coureurs die in de juniorklassen al op het circuit reden.

Aanpassingen

Een jaar van tevoren zijn er een hoop vragen over hoe een Formule 1-race eruit zal zien op het circuit. Allereerst hoe het precies wordt aangepast, om aan de eisen van de Formule 1 te voldoen. Feit blijft dat de enige keren dat er hier Formule 1-auto’s rondrijden de jaarlijkse Jumbo Racedagen zijn. Zelfs dan wordt niet met de huidige auto’s rondgereden. Verder is Zandvoort al jaren alleen gastheer voor DTM-races (toerwagens) en de Formule 3. Dan rijden er kleinere auto’s op het circuit, veel langzamer.

Lammers kan al wel zeggen waar sowieso wordt ingegrepen. De start-finishlijn wordt dichter naar de eerste bocht, de Tarzanbocht, verplaatst. Dit zodat de mensen op de hoofdtribune het hele startveld kunnen zien. De Gerlachbocht (bocht twee) wordt aan de buitenkant wijder, omwille van de veiligheid. De Hugenholtzbocht (bocht drie) wordt juist aan de binnenkant verbreed, zodat er „meer flow” komt en coureurs nóg harder het snelle Scheivlak in gaan. Hetzelfde wordt gedaan met de Hans Ernstbocht (bocht elf).

Interessant is het plan van de Arie Luyendijkbocht, de laatste bocht, nog meer een ‘kombocht’ te maken. Zoals in de Indy 500, die Luyendijk zelf tweemaal won. Volgens Lammers is de bedoeling dat coureurs dan vol gas door de bocht kunnen met DRS en dan richting start-finish kunnen inhalen.

Toch is de vrees groot dat toeschouwers en kijkers een saaie optocht te zien krijgen. Inhalen is zelfs in de kleine Formule 3 al niet mogelijk gebleken. Coureurs als Verstappen, Daniel Ricciardo (Renault) en Sebastian Vettel (Ferrari) benadrukten dit al. Het zou betekenen dat, net als in Monaco, de kwalificatie het spannendste moment van het weekend is.

Lees ook: Wie kritiek heeft op het circuit geldt als een outcast

Snelste pitstop

Lammers is er niet bang voor. Hij schermt met het gegeven dat in de huidige Formule 1 inhalen toch al niet natuurlijk gaat, maar het vaak een spel van banden en pitstops is.

Vooral met die pitstops hoopt Zandvoort een verschil te kunnen maken. Hij belooft de kortste pitstops van de Formule 1-kalender door de snelheid richting de pitstraat te verhogen. „Maximaal veertien of vijftien seconden”, zegt hij. Een groot verschil met de meeste circuits, waar coureurs vaak ruim twintig seconden aan hun bandenwissel kwijt zijn. Met minder tijdverlies loont het vaker te stoppen, Lammers mikt zelfs op drie pitstops.

Een jaar van tevoren is het vooral speculeren. Of de meedogenloze grindbakken in enkele bochten moeten worden geasfalteerd. Of er straks wel twee van die enorme Formule 1-bakken zich langs elkaar kunnen wurmen op dat smalle duinbaantje. ‘Old school’ levert mooie beelden op, de vraag is of het ook spannende beelden zijn.

Luister ook naar NRC’s dagelijkse podcast Vandaag over de terugkeer van de Formule 1 in Zandvoort: