Ze ontdekte een komeet en weigerde slavenkatoen

Ongekend Ze waren belangrijk voor de wetenschap, maar deze vrouwen stonden in de schaduw.

De Amerikaanse Maria Mitchell was in 1847 niet de eerste vrouw die een komeet ontdekte. In Duitsland had Maria Winckelmann-Kirch al in 1702 zo’n dwaallicht aan het firmament opgemerkt. Haar man Gottfried Kirch was daarvan zo ondersteboven dat hij de eer opstreek, terwijl ook andere collega-astronomen Winckelmann-Kirch naar de achtergrond schoven en als assistent wegzetten. Net zo werd Caroline Herschel, die tussen 1786 en 1797 vijf nieuwe kometen ontdekte, steevast een beetje kleiner gemaakt dan ze was. Pas aan het einde van haar leven bevrijdde ze zich van het vooroordeel dat ze enkel de assistente was van haar beroemde broer, astronoom William Herschel, en kreeg ze veel erkenning.

Met het blote oog

Dan verging het Maria Mitchell beter. Haar geluk was dat koning Frederik VI van Denemarken aan het begin van de negentiende eeuw een gouden medaille had uitgeloofd voor elke nieuwe ontdekking van een ‘telescopische komeet’, ofwel een komeet die met het blote oog niet te zien is. En Mitchell was dan wel niet de eerste vrouwelijke ontdekker van een komeet, maar zij was wél de eerste Amerikaanse astronoom die zo’n ijsklomp in de ruimte ontdekte. Toen zij in 1848 haar medaille mocht ophalen, konden de Amerikanen dus laten zien dat zij meetelden op sterrenkundig gebied. Nog datzelfde jaar trad Mitchell als eerste vrouw toe tot de Amerikaanse Academie van Wetenschappen en Kunst, en twee jaar later ook tot de American Association for the Advancement of Science.

Dat juist Mitchell zo ver kon komen, hing samen met haar jeugd als quakersdochter op het eilandje Nantucket voor de kust van Massachusetts. De christelijke quakers zagen man en vrouw als grotendeels gelijkwaardig, en bovendien leefden veel mensen op Nantucket van de walvisvaart. De mannen waren daardoor vaak maanden op zee, terwijl de vrouwen de zaken op het land bestierden. In deze gemeenschap was het haast vanzelfsprekend dat Mitchells ouders al hun tien zonen en dochters verder lieten leren. Maria was daarbij ook een tijdje onderwijsassistent op de school van haar vader, William Mitchell, en leerde thuis van hem hoe ze met zijn telescoop moest werken. Al op haar twaalfde zou ze het exacte tijdstip van een gedeeltelijke zonsverduistering hebben berekend.

Baas van de sterrenkoepel

Maar een loopbaan als sterrenkundige was niet aan de orde en Mitchell ging, net als haar vader, het onderwijs in. In 1835 richtte ze zelfs haar eigen school op, die ze tegen de tijdgeest in openstelde voor niet-blanke kinderen. Twee jaar later vond Mitchell een baan die ze beter kon combineren met haar geliefde astronomische waarnemingen: ze werd hoofd-bibliothecaris van de grote openbare bibliotheek van Nantucket. Haar ontdekking van de komeet opende daarna nieuwe deuren en in 1865 werd ze de eerste sterrenkundehoogleraar, en baas van de sterrenkoepel, bij het Vassar College, een pas opgericht ‘liberal arts college’ in de staat New York.

Daar was Mitchell een niet makkelijk uit te vlakken persoonlijkheid. Uit protest tegen de slavernij droeg ze geen katoen uit het zuiden, en toen ze hoorde dat mannelijke collega’s meer verdienden dan zij, tekende ze onmiddellijk protest aan – met salarisverhoging tot gevolg. Dat ruim 140 jaar later de gelijke beloning voor mannen en vrouwen toch nog niet op orde is, is verbazingwekkend. Maar het is mooi dat Debra Elmegreen, de huidige hoogleraar sterrenkunde bij het Vassar College, vorige maand toetrad tot de Amerikaanse Academie voor Wetenschappen en Kunst, en dat zij in 2021 ‘onze’ Ewine van Dishoeck zal opvolgen als president van de befaamde Internationale Astronomische Unie. Mitchell zou tevreden zijn geweest.