In de volgauto achter Tom Dumoulin

Reportage Hendrik Werner is de trainer van de man die op zijn tweede Giro-zege aast. Hij polijst vooral diens psyche.

Tom Dumoulin doet een training voor niemand anders dan zichzelf: „Met een doel, zich bewust van het waarom”.
Tom Dumoulin doet een training voor niemand anders dan zichzelf: „Met een doel, zich bewust van het waarom”. Foto Vincent Riemersma

Hendrik Werner vergelijkt Tom Dumoulin graag met een zeeschildpad, die uit het boek The Why Café van de Amerikaanse schrijver John P. Strelecky. Het verhaal speelt zich af aan de Hawaiiaanse kust, waar hoofdpersoon John het beest tergend langzaam voorbij ziet zwemmen en hem tevergeefs probeert te achterhalen. Wat hij ook probeert, het lukt niet. John snapt er niks van. „Het antwoord is”, parafraseert Werner met een Duits accent, „dat een schildpad de zee léést. Hij weet precies wanneer hij tegen de stroming in energie moet sparen, en wanneer hij met de stroming mee zijn krachten in moet zetten. Zo is het ook met Tom. Hij voelt wanneer hij moet toeslaan. Soms lijkt het alsof hij als een helikopter boven alles zweeft en ziet waar en wanneer hij welke keuze moet maken. Dat is niet te trainen. Dat is intelligentie.”

We zijn nog geen kwartier onderweg voor een trainingsrit op het Canarische eiland Tenerife of de trainer van Nederlands beste ronderenner is er achter het stuur van een gehuurd bestelbusje al hevig op los aan het filosoferen. Het is de derde dag van een tweeweekse trainingsstage op ruim 2.000 meter hoogte en voor Werner – rossig haar, paarwekenbaardje, surfbril met spiegelglazen op de neus – is het de eerste keer dat hij door het Marslandschap van de El Teide-vulkaan rijdt. Hij kan zijn geluk niet op. Als hij nu en dan wordt getrakteerd op feeërieke vergezichten over de Atlantische Oceaan, met in een diep dal een wolkendek dat roerloos tegen de hellingen hangt, roept hij het uit. „Wat een geluk dat we dit mogen meemaken.”

Hendrik Werner, trainer van Tom Dumoulin Foto Oscar Timmers

Het belang van een hoogtestage voorafgaand aan een grote ronde overstijgt voor Hendrik Werner het fysieke. Natuurlijk, het lichaam van zijn renners wordt daar waar de lucht ijl is geprikkeld om meer rode bloedlichaampjes aan te maken, en dat moet later op zeeniveau resulteren in een efficiënter zuurstoftransport. En ja, op Tenerife valt geen platte weg te bekennen, dus klimmen zal je. Maar voor de 36-jarige oud-wielrenner, sinds drie seizoenen Dumoulins trainer, is het geheim van een hoogtekamp de „superfocus” die zou moeten ontstaan. Er is simpelweg niets anders te doen op de hoogvlakte van Las Cañadas dan trainen, eten en slapen. „Onze renners kunnen zich hier volledig toewijden op hun training en herstel, ze zijn mindful bezig. Dan heb je nog de monotonie van het landschap hier. Je gaat er veel en intens van dromen. Erg inspirerend.”

Een spiegel voorhouden

In een vier uur durend gesprek tijdens een duurtraining waarin we Dumoulin van een afstandje volgen en hem vooral zien genieten van het natuurschoon om hem heen, de steile hellingen, maar uiteindelijk ook volledig in zijn eigen wereld zien opgaan bij een tempoblok, komt een beeld naar voren van een trainer die weliswaar schema’s uitschrijft voor fysieke progressie, maar nog veel meer bezig is de psyche van zijn 28-jarige pupil te polijsten, waar nodig bij te sturen, patronen in te bouwen waarmee moeilijke situaties tijdens of buiten wielerwedstrijden efficiënt kunnen worden opgelost. In de dagelijkse praktijk gaat het overleg tussen trainer en pupil vaak middels telefoongesprekken en spraakberichten.

Lees ook: De ideale plek om te trainen voor de Giro is een instabiele vulkaan

Hier op Tenerife bevindt de trainer zich in een luxepositie. Hij heeft Dumoulin dagelijks één op één. Waar de gesprekken precies over gaan houdt Werner liever voor zich. Kan over van alles zijn. „Tom stoorde zich een tijdje terug aan iemand. Ik probeerde hem toen een spiegel voor te houden. Zo van: als ik die persoon was zou ik door jou in de verdediging schieten. Ik probeer hem dan te laten zien dat je iemand niet kunt veranderen, maar wel de manier waarop je zelf reageert. Het enige waar je controle over hebt zijn je gedachten, en welke keuzes je op basis daarvan maakt. Daar kan ik Tom in coachen. Mijn aanpak werkt lang niet bij alle renners, maar wel bij Tom. Uiteindelijk zijn het hele simpele gesprekken die ik met hem voer. Want het meeste heeft hij al over zichzelf geleerd.”

Half april willen de meeste journalisten die naar Tenerife zijn gekomen graag van Dumoulin en zijn ploeg weten hoe ze omgaan met het uitvallen van Wilco Kelderman en Martijn Tusveld, twee renners die al in de winter waren aangewezen als knecht in de Giro maar in aanloop geblesseerd raakten. Plannen moesten in extremis om. Vlak na de mediadag wordt besloten dat Sam Oomen, de jonge Tilburger die vorig jaar negende werd in de Giro, als meesterknecht mee naar Italië gaat. Een optie die ook Dumoulin voor de hand vond liggen, maar waar hij naar eigen zeggen geen controle over had. Hij hoopte dat Oomen mee zou gaan vanuit „een intrinsieke motivatie”. Alleen dan heeft hij wat aan hem. Werner: „Want Tom weet: het is aan mij hoe vervelend ik dit vind. Maar ik kan er ook het beste van maken. Uiteindelijk is controle een illusie. Wat heb je eraan om negatieve energie toe te laten? Dat heeft hij denk ik vorig jaar geleerd toen hij zo met zichzelf in de knoop zat na de Tirreno [Italiaanse rittenkoers]. Hij moest even de bodem raken. Maar van een crisis word je altijd sterker, als je achteraf de puntjes met elkaar verbindt. Daar had ik onlangs een lang gesprek over met Tom”.

Dumoulin had het echt niet meer, ruim een jaar geleden. Hij ging onderdoor aan het verwachtingspatroon dat hij na zijn Giro-zege van 2017 vooral zichzelf oplegde. Hij staarde zich blind op de behoefte zijn status te bevestigen, en dat verkrampte. Hij had geen lol meer in fietsen. Tijdens een training in de Ardennen met zijn maten herpakte hij zich. „Elke keer als ik aan mezelf ga twijfelen, probeer ik terug te gaan naar de basis. Waarom vind ik fietsen leuk, waarom wil ik de Giro winnen? Dan kom ik uit op antwoorden als: ik vind fietsen mooi om te doen, de uitdaging met mezelf aangaan vind ik superinteressant. Daar haal ik energie uit. Ook als het effe tegen zit, blijft die basis.”

Foto Alessandro Di Meo/EPA

Hij weet heel goed wie hij is

Dumoulin is inmiddels de eerste beklimming van de dag over en duikt de perfect geasfalteerde weg richting de kust in, met snelheden die oplopen tot 90 kilometer per uur. Werner kan het in de volgwagen niet bijhouden, zijn pupil verdwijnt aan de horizon, en dat brengt hem op het volgende punt: „Tom weet heel goed wie hij is en wat hij wil. Dat vind ik zo bijzonder aan hem. Kijk, je kunt hier de afdaling lekker cruisend naar beneden rijden, of je kunt de weg die voor je ligt gebruiken om aan je stuurvaardigheid te werken. Tom voelt het materiaal aan, is continu bezig de dingen voor zichzelf in te zetten. Hij doet een training voor niemand anders dan voor zichzelf, met een doel, zich bewust van het waarom.”

Na drie uur fietsen, één lekke band en vier plaspauzes wisselt Dumoulin naar zijn vertrouwde tijdritfiets. Ploegmaten Jan Bakelants en Robert Power wachten niet en rijden in hun eigen tempo omhoog. Even staat de kopman aan de materiaalwagen te mopperen, ook kenmerkend voor de perfectionist Dumoulin, die volgens zijn collega’s alleen het allerbeste van zichzelf en de mensen om hem heen goed genoeg vindt. De batterijen van zijn wattagemeter zijn niet volledig opgeladen. „Dat moet toch al veel eerder…” Ook dat is Tom Dumoulin, een botterik soms, het hart op de tong. Werner: „Maar soms moeten die emoties er ook uit”. Uiteindelijk springt de nummer twee van de laatste Giro en Tour op zijn zadel en maalt hij omhoog, zonder zich te storen aan de camerateams die om hem heen cirkelen. Stuk voor stuk willen ze de beste shots maken, voor promo’s op tv-zenders, vooruitblikken die later in april worden uitgezonden. Hoog boven zijn hoofd cirkelen twee drones.

Foto Vincent Riemersma

Een grote ronde als een puzzel

Dumoulin is op het blote oog nog niet aan zijn beste seizoen bezig. Met een zesde en een vierde plaats in voorbereidende etappekoersen moest hij steeds zijn meerdere erkennen in met name Primoz Roglic en Simon Yates, ook zijn belangrijkste concurrenten in de Giro. Volgens zijn trainer was hij in de Tirreno in maart verkouden. Nadien heeft hij extra rust gepakt om fris aan het hoogtekamp te kunnen beginnen. „Dat voelde in het begin klote, extra rusten, maar Tom weet inmiddels dat ook dat soms goed is.”

Om de concurrentie eind mei in de Dolomieten bij te kunnen houden geeft hij zelf aan dat het „nog wel een stukje beter” zal moeten. „Het gaat sowieso heel moeilijk worden om de Giro te winnen.” Hijzelf noch zijn trainer weet of er in zijn lichaam nog rek zit, of hij nóg beter kan gaan klimmen, nóg beter zal tijdrijden. De waarden die hij nu trapt zijn ongeveer gelijk aan die van twee jaar geleden. Maar een grote ronde win je niet door alleen hard te trappen. Veel belangrijker is wannéér je het hardst trapt. „Presteren is niet alleen maar een cijfer”, zegt Werner. „Het gaat erom hoe je reageert op situaties. Vorig jaar was hij als titelverdediger de koning van het kasteel. Iedereen was tegen hem. Daar moet je niet steeds op reageren. Je ziet ook: ze reden van hem weg, maar kregen hem er nooit echt af. Als ik zijn tegenstander zou zijn, zou ik daar redelijk depressief van worden.”

Lees ook: De Giro biedt op voorhand meer spektakel dan de Tour

Uiteindelijk was alleen de versnelling van Chris Froome op de Colle delle Finestre hem te machtig. Of maakte hij een fout door te wachten op medestanders in de afdaling? „Met de kennis die ik toen had, maakte ik de beste beslissing. Achteraf kan je zeggen dat het een fout was, maar toen niet. Maak ik een fout, dan leer ik daarvan, en maak ik ’m nooit meer. Zo ben ik opgevoed, zo ga ik door het leven”.

Dumoulin vergelijkt het winnen van een grote ronde met een puzzel. „Het is een combinatie van training, rust, voeding. Fysiologisch ben ik misschien niet eens zoveel beter dan anderen, maar ik ben verdorie wel heel goed in het oplossen van die puzzel.”