Opinie

    • Bob Hoogenboom

Crisis bij de Politieacademie is resultaat van verwaarlozing

Veiligheidscolumn Het gedwongen vertrek van de leiding van de Politieacademie door gebrek aan ‘chemie’, is in werkelijkheid ook door gebrek aan kennis, ambitie en betrokkenheid van justitie en politie, schrijft Bob Hoogenboom in de Veiligheidscolumn.

Koning Willem-Alexander op bezoek bij de Politieacademie in Apeldoorn.
Koning Willem-Alexander op bezoek bij de Politieacademie in Apeldoorn. Foto Patrick van Katwijk/ANP

Er is geen chemie tussen de directie van de Politieacademie en de eigen organisatie, noch met de politietop. Dus moeten de directeur Leon Kuijs en het hoofd HRM Dineke Oldenhof het veld ruimen.

In de berichtgeving lopen hoofd- en bijzaken door elkaar. Hoofdzaak is dat de politie voor een enorme opgave staat: de komende jaren gaan 16.000 politiemensen met pensioen, van de (operationeel) ruim 50.000. Dat is een kans en een bedreiging.

De kans ligt in de unieke mogelijkheid om een nieuwe generatie te werven, op te leiden en te vormen in de geest van de missie van de nationale politie: ‘waakzaam en dienstbaar aan de waarden van de rechtsstaat’. Dat lijkt mij in deze tijd van polarisatie en instabiliteit een redelijk streven - om de rechtsstaat te stutten.

De hoofdzaak is echter niet nieuw. Al tien jaar worden intern presentaties gegeven over in-, uit-, en doorstroom en de uitdagingen daarvan. Het is lange tijd aan dovemansoren gericht. Het ontbreekt binnen de politietop en het departement van Justitie al een decennium aan urgentie. Er is jarenlang sprake geweest van een onverantwoorde terughoudendheid om knopen door te hakken.

Hefboom

Wel is er de ene na de andere rapportage van de Inspectie van het departement van Justitie die vraagtekens zet bij de kwaliteit van het onderwijs en de opsporing. Tjeenk Willink revisited: ‘Verwaarlozing van de uitvoering’. En weer over tot de orde van de dag. Stuifzand leiderschap en laissez faire in de uitvoering: het zal mijn tijd wel duren? Het besef dat het politieonderwijs een hefboom voor sociale innovatie kan zijn stond niet op het netvlies van de ‘strategische’ top. Het loopt wel, toch?

In 2015 zit de top van de politie bijeen in een sessie met Leon Kuijs, directeur van de Politieacademie, en met leden van een werkgroep onder leiding van politiechef Oscar Dros. Onderwerp: de toekomst van het leiderschapsonderwijs. Nieuwe initiatieven worden enthousiast toegelicht. In de discussie blijkt dat politiechefs niet echt wetenschap hebben van onderwijsinnovaties. Ze zijn niet betrokken. Laat staan dat zij besef hebben van de kracht van het onderwijs als motor van verandering.

Haat-liefde

De politietop en het politieonderwijs hebben al honderd jaar een haat-liefde-verhouding. Het zijn de politiebonden die vanaf het begin van de 20ste eeuw het initiatief nemen om dienders op te leiden. De top van de politie noch departementen hebben echt richting gegeven. Leon Kuijs zat tussen hamer en aambeeld van overijverig producerende Justitie-beleidsambtenaren, voor wie papier de maat der dingen is en een politie die nog niet in staat was of is om de Politieacademie echt in haar DNA op te nemen. Dat onderwijs loopt wel.

De politie heeft - aan de top en in de uitvoering - een noodhulpcultuur. Dat is de kracht van de politie. Maar het maken van strategische keuzes over - in dit geval onderwijs - wordt lange tijd uit de weg gegaan. Leon Kuijs en Dineke Oldenhof krijgen de zwarte piet. Maar eigenlijk zijn het bijzaken.

Slachtofferen

Het is te gemakkelijk om weer mensen te slachtofferen. Waardoor naar de achtergrond verdwijnt dat de Justitie- en politietop hen hebben benoemd. Waardoor de vraag naar de achtergrond verdwijnt of de Justitie- en politietop ook maar een begin van betrokkenheid en actieve sturing hebben betracht. Waardoor naar de achtergrond verdwijnt dat de politie zelf in de afgelopen jaren liet afweten tijdig aan te geven waaraan zij behoefte heeft. De Inspectie wijst daar terecht op. Waardoor naar de achtergrond verdwijnt wat de rol van het ministerie van Justitie is geweest al die jaren.

De Inspectie Openbare orde en veiligheid publiceerde een aantal zeer kritische rapporten sinds 2011. In 2015 worden vraagtekens gezet bij de parate (juridische) kennis en de rol van het onderwijs daarin. Er zijn meer van dit soort kritische rapporten. Waarom zijn daar zo weinig en zo laat pas consequenties aan verbonden? Waardoor de vraag naar de achtergrond verdwijnt of er een begin van een idee is bij de Justitie- en politietop dat onderwijskeuzes nu het gezicht en de legitimiteit van de politie voor de komende decennia zullen bepalen.

De Veiligheidscolumn wordt geschreven door deskundigen uit de politiewereld.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.