Omroepen onder ‘toenemende druk’

Jaarverslagen publieke omroep Wie de jaarverslagen van de omroepen leest, krijgt een somber beeld van Hilversum. De omroepen staan onder druk – financieel vooral, maar ook van het centrale orgaan NPO.

Politici en de roze plopkap van omroep PowNed: vanaf links Baudet (FVD), Buma (CDA) en Wilders (PVV).
Politici en de roze plopkap van omroep PowNed: vanaf links Baudet (FVD), Buma (CDA) en Wilders (PVV). Foto’s Dijkstra/ANP, Roger Cremers, Peter Hilz/Hollandse Hoogte

Is het volgend jaar „einde oefening” voor Powned? Gaat in 2020 „het licht uit” bij WNL? En ook voor Human wordt 2019 „cruciaal”.

Vorige week publiceerden de publieke omroepen hun jaarverslagen. Nu was de toon al eerder kritisch en bezorgd, dit jaar lijkt de stemming vaker somber.

Powned bijvoorbeeld heeft „budgettaire zorgen”. De omroep verliest talent aan andere omroepen, al zijn sommige personeelscontracten niet verlengd vanwege een „begrotingsgat”. De omroep is bovendien al „geruime tijd terug” door de ondergrens van 50.000 leden gezakt. Over nog geen acht maanden wordt de balans opgemaakt. Verandert er niets, dan moeten de drie aspirant-omroepen voor het eind van het jaar 150.000 betalende leden aan zich weten te binden om te kunnen voortbestaan na 2020. Maar zelfs als minister Arie Slob (Media, CU) de drempel fors verlaagt, is het maar de vraag of Powned die haalt. „Zelfs 50.000 lijkt een brug te ver”, aldus voorzitter Dominique Weesie in het jaarverslag.

En dan is er ook nog de visitatiecommissie, die binnenkort met een beoordeling komt óf de aspiranten de afgelopen vijf jaar hun taak wel goed hebben uitgevoerd.

Powned gooit het dit jaarverslag niet voor niets over een andere, toegankelijkere boeg: „Het mocht wel een beetje vriendelijker”, schrijft Weesie, „wat opgewekter ook”. Waar Powned eerder koers zette naar een online omroep, keerde de omroep afgelopen jaar terug op tv. Dat moet ook wel: de Mediawet schrijft voor dat omroepen radio en tv maken. Daarnaast heeft Powned de topsalarissen geschrapt. Verdienden twee omroepmedewerkers (onder wie één Powned-presentator) in 2017 nog boven de balkenendenorm, in 2018 leverden zij beiden salaris in. „Wij willen voortaan alleen nog beoordeeld dan wel veroordeeld worden op onze programmering”, schrijft Weesie, al kan ook de financiële rek binnen de omroep een rol hebben gespeeld. Salarissen boven de norm moeten worden aangevuld uit eigen middelen, zoals BNNVARA doet voor Matthijs van Nieuwkerk. Een omroep met weinig leden en nauwelijks neveninkomsten als Powned heeft hiervoor weinig reserves.

Niet alleen de aspiranten staan onder druk. Druk is het terugkerende thema in veel omroepjaarverslagen. Dat geldt voor budgetten, ledenaantallen, journalistieke programma’s en het personeelsbestand. En er is nóg een factor: omroepen spreken zich in de nieuwe jaarverslagen (voor het eerst) uit over de „toenemende druk” vanuit de NPO. Omroepen vrezen hun onafhankelijkheid en identiteit te verliezen. KRO-NCRV schrijft over de „sturende rol van NPO”; de omroep merkt een toenemende invloed op formats en budgetten.

Hoe staan de omroepen er financieel voor? Verbinden leden zich nog? Lezen zij nog tv-gidsen? Vier opvallende ontwikkelingen en cijfers uit de jaarverslagen.

1 Budgetten lager – vooral door bezuinigingen en reorganisaties

De meeste omroepen sloten het jaar af met een negatief saldo of een lager saldo dan het jaar ervoor. Vooral bezuinigingen en reorganisaties spelen een rol. Zo kostte het einde van Brandpunt+ KRO-NCRV 1 miljoen euro. Omroepen investeerden ook: in panden en in duurzaamheid. De NTR noemt het ‘Albert project’ waarmee omroepen onder meer CO2-uitstoot proberen te verminderen. En in digitale beveiliging, van bijvoorbeeld de NTR-cloud en het omroep MAX-netwerk.

2 Personeel: aantal veelverdieners neemt langzaam af

In 2018 ontvingen veertien presentatoren en (hoofd-)redacteuren een salaris boven 189.000 euro. Door de invoering van de Wet normering topinkomens (WNT) mag een presentator niet meer verdienen dan een minister. Nieuwe contracten vallen onder die norm. Het aantal veelverdieners daalt wel (noodgedwongen): in 2016 ging het nog om zeker twintig personen die boven de norm uitkwamen. In 2017 waren dat er zeventien.

Behalve enkele reorganisaties en de klacht dat het voor kleine omroepen als Powned en WNL lastig is talent te behouden, signaleert BNNVARA „een onverklaarbare stijging van het aantal medewerkers met burn-outklachten”. Er is „een programma” voor het „herkennen en voorkomen” ervan. De EO biedt medewerkers sinds vorig jaar „een retraite” aan.

3 Ledenaantallen dalen bij alle omroepverenigingen

Ledenaantallen nemen bij alle omroepen af. Zelfs Omroep MAX, die eerder steevast groei meldde, raakte in 2018 bijna 2.000 leden kwijt. De omroep heeft nu ruim 350.000 leden. KRO-NCRV is de grootste, met ruim 480.000 leden. Om het aantal op peil te houden is door de omroep fors geïnvesteerd in ledenwerving en behoud: ruim 1,5 miljoen euro in 2018. Desondanks daalde het aantal leden ook hier, met achtduizend.

Voor de aspirant-omroepen, die aan het eind van dit jaar 150.000 leden moeten hebben om hun voortbestaan te garanderen, vormt die drempel een probleem. Met naar schatting (op basis van de post ‘ledencontributie’) een kleine 22.000 leden, is Powned de kleinste. De omroep onderneemt bovendien niets op het gebied van ledenwerving. Alle andere omroepen blijven dat wel doen, of voeren de wervingscampagne dit jaar zelfs op.

4 Nevenactiviteiten: omroeptijdschriften minder lucratief

Omroepen worden aangemoedigd voor extra inkomsten te zorgen. Via de traditionele weg wordt dat moeilijker: het aantal abonnees van programmabladen loopt over de hele linie terug. Omroepen als KRO-NCRV weten dat verlies op te vangen met lagere marketingkosten. De VPRO haalde in 2018 een hogere advertentieomzet.

Lees ook: De publieke omroep is verdeeld en komt met twee toekomstplannen