Nog vier arrestaties in onderzoek naar dood journalist N-Ierland

Het gaat om mannen van 15, 18, 38 en 51 jaar oud die betrokken zouden zijn geweest bij rellen waarbij de 29-jarige McKee werd doodgeschoten.

Een muurschildering van de doodgeschoten journalist Lyra McKee in de Noord-Ierse stad Belfast.
Een muurschildering van de doodgeschoten journalist Lyra McKee in de Noord-Ierse stad Belfast. Foto Paul Faith/AFP

De Noord-Ierse politie heeft donderdagochtend nog eens vier personen aangehouden in het onderzoek naar de dood van de 29-jarige journaliste Lyra McKee in de stad Londonderry. Het gaat om mannen van 15, 18, 38 en 51 jaar oud die zijn opgepakt „in verband met het geweld” op de avond dat de vrouw per ongeluk werd getroffen door een kogel, is te lezen in een politieverklaring.

Lees wat onze correspondent schreef over de begrafenis van de journalist: McKee’s dood is meer dan een particuliere tragedie

Ook werden in Londonderry, ook wel Derry genoemd, op vier plekken huiszoekingen gedaan. De verdachten worden momenteel in Belfast ondervraagd. Het is niet duidelijk of het ook gaat om de mogelijke schutter.

Eerder werden al meerdere personen aangehouden en weer vrijgelaten. Volgens de politie hebben meer dan 140 personen bewijsmateriaal zoals beelden gedeeld over het incident, dat behandeld wordt als een terreurdaad.

New IRA verantwoordelijk

De verdachten zouden betrokken zijn geweest bij de gewelddadige rellen op 18 april in de wijk Creggan na een politie-inval in een woning. McKee, die als journalist veel schreef over het geweld in Noord-Ierland, stond in de buurt van een politie-auto toen ze werd beschoten. Ze werd in haar hoofd getroffen.

De New IRA, een afsplitsing van de Ierse afscheidingsbeweging IRA, heeft toegegeven verantwoordelijk te zijn voor de dood van McKee en excuses aangeboden. Wel zei de splintergroep dat de politie de rellen had uitgelokt.

De New IRA is tegen de huidige vredesovereenkomst in Noord-Ierland van 1998 en wil een herenigd Ierland. De splintergroep zegt in de toekomst voorzichtiger te werk te gaan bij het „benaderen van de vijand”.