Opinie

    • Marjan Olfers

Discriminatie in de sport is onvermijdelijk

Als we het non-discriminatiebeginsel ten volle toepassen sneuvelt álle onderscheid, schrijft .

Caster Semenya moet hormonen slikken omdat zij volgens de internationale atletiekfederatie IAAF teveel testosteron heeft.
Caster Semenya moet hormonen slikken omdat zij volgens de internationale atletiekfederatie IAAF teveel testosteron heeft. Foto Stringer / AFP

Caster Semenya liet in 2009 de wereld zien dat zij tot de allerbeste vrouwelijke atleten op de achthonderd meter behoort. Gelijktijdig buitelden internetgebruikers over elkaar heen in hun haast hatelijke en kwetsende opmerkingen te maken over haar, in hun ogen, te mannelijke uiterlijk. Haar gespierde armen, kaaklijn en zelfs haar ‘te zware’ stem werden onder de loep genomen.

Maar op basis van lichamelijke kenmerken kunnen en willen we het onderscheid tussen mannen en vrouwen toch niet meer maken? In de jaren vijftig van de vorige eeuw werden atleten nog aan een verplichte geslachtskeuring onderworpen. Iets wat we ondertussen gelukkig achter ons hebben gelaten.

Maar op een bepaalde manier moet het onderscheid wel gemaakt kunnen worden om te bepalen wie wel en wie niet mee mag doen in vrouwencompetities. In dat kader komt de internationale atletiekfederatie IAAF in 2018 met nieuwe regels. In het kort houden die in dat atleten met difference of sexual development (DSD) de testosteronwaarden onder een bepaald niveau moeten houden, om hieraan deel te mogen nemen.

Ja, deze regels zijn discriminerend, bepaalde het internationale sporttribunaal CAS op 1 mei, maar zijn noodzakelijk om de integriteit van de vrouwencompetitie te kunnen waarborgen. Afschuw over deze uitspraak volgde. „The IAAF regulations stigmatize, stereotype, and discriminate against all women”, schreef Human Rights Watch. Maar de toch al ingewikkelde discussie rond Semenya raakt vertroebeld door het – al dan niet bewust – verkeerd interpreteren van feiten en door aantijgingen van discriminatie.

Want hoewel ook ik diep geroerd ben door deze topatlete, haar verhaal, doorzettingsvermogen en bewonderenswaardige vechtlust kan ik deze zaak vanuit juridisch perspectief wel degelijk verdedigen.

Luister ook onze podcast terug over dit onderwerp: Caster Semenya is te mannelijk voor de vrouwenatletiek

Natuurlijk is discrimineren verboden, maar in de sport is het nagenoeg onvermijdelijk. Daar moet per definitie onderscheid gemaakt worden. Dat is nodig om een zo eerlijk mogelijke strijd te voeren, met name bij sporten waarbij de krachtmeting van personen bepalend is. Als we het non-discriminatiebeginsel ten volle gaan toepassen op de sport, sneuvelt niet alleen het onderscheid tussen man en vrouw, maar ook het onderscheid naar leeftijd, nationaliteit en handicap. Accepteren we echter dat de sport een onderscheid mag maken tussen mannen- en vrouwencompetities, dan vloeit daar logischerwijs uit voort dat de IAAF regels moet stellen om dit onderscheid te kunnen maken. Zoals, in het geval van Semenya, de verplichting om haar testosteronwaarden te laten dalen om te kunnen deelnemen aan de vrouwencompetitie. Deze regels dienen wel zo objectief, transparant en non-discriminatoir mogelijk te zijn, om het doel – het creëren van een zo eerlijk mogelijke krachtmeting – te bereiken.

Ga er als sportorganisatie maar aan staan, zeker in tijden waarin het onderscheid naar gender steeds vloeiender en diffuser lijkt te worden en vaker ter discussie staat. Bij biologie leren we dat vrouwen beschikken over XX-chromosomen- en mannen over XY-chromosomen. In de jaren vijftig werd al duidelijk, in de zaak rond hardloopster Foekje Dillema, dat ook sommige vrouwen over een Y-chromosoom beschikken. Atletiekvrouwen met XX-chromosomen vallen niet onder de IAAF-regelgeving. Omdat zij alleen maar vrouwelijk zijn. Hieruit maak ik op dat Semenya zowel X als Y-chromosomen heeft.

Overigens maken sommige sportorganisaties wel degelijk onderscheid naar lichaamseigen kenmerken, wanneer dit noodzakelijk wordt geacht voor een zo eerlijk mogelijke krachtmeting. Zo delen het judo en boksen sporters in naar gewicht. De meeste sportorganisaties kennen zulk onderscheid niet. Zo heeft zwemmer Michael Phelps extreem grote voeten en dus een voordeel in zijn sport, toch mag hij meedoen. Sport is per definitie oneerlijk, zeker voor degene die verliest.

Wel is het bij bijna alle sporten gebruikelijk onderscheid te maken tussen mannen- en vrouwencompetities. Daarmee is het inherent dat duidelijk moet kunnen worden gemaakt wie wat is. Vanzelfsprekend kunnen we ook besluiten het onderscheid tussen de seksen op te heffen. Of ervoor kiezen dat iedereen mag deelnemen, ongeacht lichamelijk kenmerken, zolang diegene zich identificeert als vrouw. Naar alle waarschijnlijkheid wint dan degene met XY-chromosomen: ‘de man’. Of verwijten we de sportorganisatie, als we dit onderscheid uit het raam gooien, in dat geval discriminatie jegens álle vrouwen?

Ik daag iedereen uit om een betere, rechtvaardiger regel te ontwerpen voor deze kwestie. Helaas blijft het al jaren oorverdovend stil.

Correctie: In een eerdere versie stond dat Caster Semenya zowel X als Y-chromosomen heeft, omdat zij onder de regelgeving van IAAF valt. Dit is echter nog niet bevestigd.

Reageren

Reageren op dit artikel kan alleen met een abonnement. Heeft u al een abonnement, log dan hieronder in.